Inloggen
voeg je autobiografie toe

categorie:reizen

< vorige | alles | volgende >

Laatst toegevoegde autobiografie (nr. 6):

Emma Petronella, de hospita waar ik verliefd op was, vertrok naar het 667 meter boven zeeniveau liggende Madrid, de hoofdstad en de grootste stad van Spanje, met meer dan drie miljoen inwoners. Ik was nog nooit in deze Spaanse stad geweest, maar Emma Petronella had me er over verteld voordat ze vertrok met de trein naar Schiphol, om daar met een vliegtuig te vertrekken, 1.462,16 km naar het Zuiden. Ze ging naar een symposium over beeldende kunst, dus ik had weer tijd om te lezen in het boek dat nog steeds mijn aandacht trok.

Het laatste hoofdstuk van het boek “De mecenas en de kunstverslaafde” had ik nog niet gelezen. Ik was er niet aan toe gekomen door al het praten van Emma Petronella. Ik kreeg veel informatie te verwerken in een korte tijd.
Blij was ik dat Frits de kater niet kon praten, zijn miauwen en geknor waren goed te begrijpen. De theorieën van Emma Petronella begreep ik niet altijd.
Ze had het steeds weer over de muze van de poëtische gedachtewereld.
Zij was een gedreven vrouw, ze zag allerlei verbindingen tussen beeldende kunst en geletterde kunst. Ik kon er vaak geen touw aan vast knopen omdat ik mij met mijn examen bodemkunde moest bezighouden.

Ik leefde, na het lezen van de eerdere hoofdstukken, in de veronderstelling dat de Parijse kunstschilder Ancel Favre, in het boek van de bekende schrijver Karel Krampool zijn afperser in het laatste hoofdstuk om het leven zou brengen door middel van vergiftiging. Op dezelfde manier als twintig jaar eerder zijn beide ouders.

Toen ik eindelijk aan het laatste hoofdstuk begon werd ik geconfronteerd met een lugubere ontknoping. Ancel Favre vergiftigde niet zijn afperser. Hij vergiftigde zichzelf. De laatste bladzijde was een gedetailleerde omschrijving van zijn doodskramp en vernederende pijn.
Het kwam bij mij binnen als een schok, dagenlang had ik gedacht dat Ancel Favre met zijn afperser zou afrekenen, maar hij kwam tenslotte zelf op een gruwelijke manier aan zijn einde. Het was alsof ik het boek wilde verscheuren, kwaad en gefrustreerd was ik door dit absurde einde.

Was dit dat de literatuur die Emma Petronella zo geweldig vond? Moest ik dit lezen voor school? Een zelfmoordenaar die twintig jaar eerder zijn beide ouders had vermoord. Dat er nog een vervolg op het boek was geschreven wist ik niet.
Een paar uur lang bevond ik me in een diepe put, waar zelfs Frits de kater me niet uit kon krijgen. Het boek had me gefascineerd, maar het hele verhaal was eigenlijk van een wrede werkelijkheid, waar ik niet in wilde geloven. Ik dacht dat ik een goede lezer was, maar de schrijver had me op het verkeerde been gezet.
De tragiek van het boek leek in mijn eigen leven door te klinken als een dwaze echo op een eenzame avond.

Na het gekookte visje dat ik klaargemaakt had voor Frits ging ik in bad. Ik probeerde me te ontspannen met het warme water rond mijn lichaam. Ik fantaseerde dat Emma Petronella op datzelfde moment in een hotel in Madrid in bad lag, en dat ze aan mij dacht terwijl de badschuim bubbels rond haar fraaie tieten dreven. Maar Emma zat op dat moment in La Casa del Abuelo, een bekende tapasbar in Madrid om te genieten van pittige garnalenhapjes. Ze was daar met een donkere Spaanse kunstenaar, die er op uit was om haar voor de liefde te versieren. Hij wilde met haar een wilde nacht in zijn luxueuze appartement doorbrengen. Een modern onderkomen dat voorzien was van een zwembad.


Terwijl mijn intelligente hospita Emma Petronella zich in Madrid vermaakte met haar warmbloedige minnaar begaf ik mij geregeld naar de tweede woonkamer.
Die geheime kamer alwaar een levensgroot naaktportret van mijn aanbiddelijke hospita boven de luie stoel regeerde als een godin die mij mijn kleinheid liet zien. Mijn verliefdheid werd hopelozer wanneer ik naar de verflagen en de beeltenis van Emma keek. Haar geschilderde pose werd wilder dan dat die door de kunstenaar was bedoeld. Het verbaasde me dat een kunstenaar zo goed de intieme details van deze dames had weten te schilderen. Het portret van Emma in bevallige pose was een meesterwerk. De tepels waren een ware delicatesse als toefjes karamelroom met een subtiele penseeltoets opgebracht. Die blonde haren, hoe had de schilder dat voor elkaar gekregen? Ze leken levensecht! Ik zou ze zo zijn gaan strelen.

Ik voelde mijn liefde heiliger worden in de luie stoel die mijn geest activeerde tot intieme overpeinzingen.
De tweede woonkamer werd voor mij een pelgrimsoord.
Hier heerste mijn naakte godin en hospita, geschilderd door misschien wel de beste schilder ter wereld.

Soms zat ik met een glas cognac in mijn hand naar haar ogen te staren. Dit had de schilder met grote vaardigheid gedaan. Die ogen leken me terug aan te staren. Het leek alsof we contact hadden. De knappe hospita op het schilderij en ik, Bjarne Gosse.

Soms keek ik minutenlang naar die ogen. Dan kwamen er verhalen in mijn geest. Ik schreef ze op en bewaarde ze in een map die eigenlijk voor school was bedoeld. Het waren vreemde verhalen, de personages leken niet op mezelf. De karakters leken niet op Emma Petronella. Het waren wezenloze wezen die dwaalden en vreemde verhalen schreven. Vreemdelingen uit een ander universum.

Ook bleef ik mijn drang om gedichten te schrijven trouw. Wanneer ik er de tijd voor had haalde ik mijn Havermoutschrift te voorschijn.



Dromen van de boekenkast



Fantasie van zuchtend landschap
zonder zweet van verwarring
argeloze creatieve heimwee

toen het zomerde in de stad
weer alleen in het verleden
in de stralen van de zon

met wuivende bomen
muziek van natuur
beschaving in stilte

opnieuw vervreemdende
erotiserende schoonheid

langs niet bestaande wegen
en onwerkelijke geschiedenissen

in de dromen van de boekenkast.



Hector Havermout

Schrijver: Bjarne Gosse, 10 dec. 2019


Geplaatst in de categorie: reizen

4,7 met 3 stemmen 217



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)