Inloggen
voeg je autobiografie toe

Autobiografieen

Weer terug

Ik ben weer terug. Terug in mijn oude ziekenhuis, dat ik twee jaar geleden overspannen en opgebrand heb verlaten. Met een oprotpremie, een doekje voor het bloeden, dat wel. Voordat ik definitief bij Sanne introk vernietigde ik mijn diploma's en papieren. Weg, met de Dixantrommel vol hardloop, schaats- en wandelmedailles, weg met al die diploma's waar ik een so trots op was, weg met de eigendomspapieren van mijn oude flat, wat moet een mens ermee, ballast uit het verleden.
"Gisteren is niet vandaag" de gevleugelde woorden van dementerende Charlotte die geen enkel behoefte voelde het huis waar ze zestig jaar gewoond nog eens te bezoeken zijn voor mij levensmotto geworden. Niet achterom kijken, niet kijken naar de spoken van het verleden, naar mijn mislukte relaties, naar mijn min of meer gedwongen ontslag, maar vooruit, naar nog te maken mooie reizen, naar heerlijke eindeloze zomers vol fiets- en wandelplezier, naar een gelukkig en tevreden ouder worden met Sanne. Handjehandje op de bank.

En dan is er corona. De razende roes naar Nergenshuizen had ons uiteindelijk dan ergens gebracht, naar een pandemie van ongekende omvang. Tijd voor verstilling en bezinning, time for a change las ik in Trouw.
Sanne genoot van die stilte. We wandelen door een totaal verlaten Haarlem, fietsen door Amsterdam, waar op de Walletjes de drie laatste toeristen zich laten fotograferen. We lopen door een hallucinerend lege vertrekhal op Schiphol. Dit zullen we nooit meer meemaken, dit zullen we nooit meer zien. En die stilte? Nooit eerder is het in ons leven zo stil geweest, nooit meer zal het zo zijn.
Ik doe mijn best. Fiets elke dag mijn rondje Noordwijk, voor even een Eldorado voor een handjevol racefietsers en wandelaars. Er zijn gelukkig meer mensen als ik, die wolf zijn, die niet thuis kunnen zitten, maar die tot rust komen door altijd maar te bewegen, eindeloos en altijd. Totdat natuurlijk.
Maar op een dag is zelfs het fietspad in de duinen is afgezet en de kust onbereikbaar. Ik wordt verordonneerd om terug te gaan naar huis. Ik voel me alsof ik betrapt ben op winkeldiefstal, of nog erger, toen die keer dat de boswachter ons betrapte.

'Ik ga weer werken' zeg ik op een avond tegen Sanne, nadat ik het zoveelste journaal met corona-ellende heb gezien. NOS, RTL, België, de BBC en CNN: ik kijk het allemaal. Ik switch van Op1 naar Jinek. Ik zie hoe vooral de BBC een angstpsychose in gang probeert te zetten door avond aan avond naar lucht snakkende patiënten te filmen die ons smeken binnen te blijven.
Onze zuiderburen creëren toch de meest perfecte nieuwe Orwelliaanse wereld. Met hun knuffelcontact en plasverbod, een kaarsje kopen mag, kerstverlichting niet. Maar alle moeite ten spijt, corona is en corona blijft.
'Zou je dat nu wel doen' zegt Sanne. Het eerste jaar dat ik thuis zat te herstellen van mijn burnout en daaropvolgende depressie was niet leuk. Ze heeft geen zin in weer zo'n jaar met gezeur en gezeik.
Ik heb geleerd. ik luister. Het wordt zomer en corona lijkt weg te ebben. Totdat.

Maar nu ben ik er toch. Gewoon in mijn eigen ziekenhuis, waar ik zoveel jaren met zoveel plezier gewerkt heb. Op de afdeling waar het allemaal gebeurt. Volledig beschermd en veilig. Gelukkig is alles goed en strak geregeld, meer dan voldoende personeel, royale pauzes die je ook wel nodig hebt om bij te komen. Na een paar uur ben je zo'n pak wel even zat.
Onder collega's veel oude bekenden. Iedereen wil weten waar ik al die tijd heb uitgehangen, en ik wil natuurlijk alles van iedereen weten. Kinderen zijn geboren, er is van afdeling gewisseld. Er is nog niet getrouwd, corona hè, relaties zijn uitgegaan. De hond is dood.
En toen? Een andere? 'Toen ben ik een jaar naar Aruba geweest, wat ik altijd al wilde.' We voelen en denken hetzelfde. Ik heb na Thomas ook nooit meer een andere kat willen hebben. Verlies, afscheid, ik kan er zo slecht tegen.

We gaan weer naar binnen. In het pak. Corona, heel vaak betekent dat verlies en afscheid nemen. Ik luister naar de verhalen van patiënten, sommigen zijn flink ziek, moeten misschien naar de IC of halen het gewoon niet, anderen hebben 'de bocht genomen'. Ik ben geen verpleegkundige meer, maar buddy, assisteer daar waar nodig collega's, en vooral: ik luister.
In de lift wordt ik herkend. Door een bezoekster. Knap, want ik ben totaal vermomd en naar mijn gevoel onherkenbaar. Ik ben een tijdje met haar man in de weer geweest, delirant en in de war, maar uiteindelijk toch wat rustiger geworden.
'Fijn dat u dit doet' zegt ze, voordat ze uitstapt.
'Dank u 'zeg ik.
Ik bijt op mijn tanden. Ik ben weer terug, Fijn dat je het doet. Een mooier kerstcadeau kan ik niet krijgen.

Context: Twee jaar geleden ben ik overspannen en en met een burnout vroegtijdig gestopt met werken. ik accepteerde een oprotpremie en schoot in een depressie. Nu heb ik mijn leven weer aardig op de rails. Totdat corona kwam. Alles wat leuk was viel weg. Volleybal, zwemmen, de film of uit eten, zelfs wandeltochten gingen niet meer door.
En toen vroegen ze me. Of ik weer terug wilde komen, niet meer als verpleegkundige, maar als buddy. Eerst liet ik me tegenhouden, uiteindelijk heb ik toch ja gezegd. Het is het beste wat me in 2020 is overkomen.

Schrijver: Jorrit, 25 dec. 2020


Geplaatst in de categorie: kerstmis

4,0 met 2 stemmen 250



Er is 1 reactie op deze inzending:

Naam:
An Terlouw
Datum:
26 dec. 2020
Kanjer, heel graag gelezen! Je komt er wel!

Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)