Inloggen
voeg je autobiografie toe

Autobiografieen

Het diner 4

De bedwelmde Bjarne Gosse had een speelfilm vol met dieren-herinneringen in zijn gedachten. De geiten die ze vroeger thuis hadden toen ze met het gezin buiten de stad woonden. De honden die zijn moeder had uitgekozen om haar gezelschap te houden, wanneer ze alleen was omdat de kinderen naar school en haar man, zijn vader, op de bromfiets naar zijn werk was gegaan.

De kraaien op het dak van de schuur en de witte duiven op het dak van de door zijn vader gemaakte garage. De poes die altijd door het keukenraam naar buiten ging. De konijnen in het hok voor de volière waarin de zangvogels vlogen. De cavia die al na drie weken doodging, de hamsters die waren ontsnapt uit hun kooi. Alles kwam in zijn gedachten terwijl de wijn naar zijn jeugdige hoofd steeg. Bjarne voelde dat hij verlegen was door de aanwezigheid van twee beeldschone vrouwen en een aanhankelijke zwarte kater met heldere blauwe ogen.

De in zichzelf gekeerde Bjarne Gosse zag dat in de hoek van de kamer een bos bloemen stond in een sierlijke vaas. Het waren gladiolen. Donkerrode gladiolen.

Hij moest een nieuwe rekenmethode voor de wiskundeles uit zijn hoofd leren. Hij dacht gelukkig even helemaal niet meer aan school, omdat hij genoot van een diner met mijn wonderschone hospita en haar intrigerende punkvriendin uit Parijs.
 
Bjarne Gosse keek eens goed rond in de prachtige kamer van het herenhuis. De geheimzinnige tronie op het sombere schilderij dat in de leefkamer hing bleef hem fascineren. Waarom keek de man op het schilderij somber uit zijn ogen en waarom was het als je op een andere manier naar het schilderij keek juist net alsof hij vrolijk was. Om zich niet te veel met het gesprek van de tafeldames te bemoeien staarde hij langdurig naar het schilderij. Vreemde kleuren. Een vreemd gezicht. Echt een tronie, een kop met een verdacht karakter. Kunstig geschilderd met een vaardige hand. Het maakte Bjarne nieuwsgierig naar de maker. Het moest een vaardige kunstenaar zijn om zoiets voor elkaar te krijgen. Het was alsof hij er een verhaal bij moest verzinnen. Een verhaal voor bij het schilderij.

De jongensachtige Française Victoria, die zich de zalmneus tijdens het diner op zaterdagavond goed had laten smaken, en Bjarne hadden een geheimzinnig contact met elkaar. En dat zorgde bij de jongeling voor verwarring, omdat hij dacht dat hij “verliefd” was op Emma, zijn toekomstige hospita en niet zo zeer op Victoria, haar inmiddels behoorlijk beschonken Franse vriendin, die steeds uitbundiger werd en af en toe met de teksten van Dylan begon mee te zingen. Ze kon aardig zingen.

Het voelde alsof Bjarne Gosse zijn eigen buikspreekpop had ingeslikt. Alsof hij in gedachten tegen zichzelf was gaan praten. Hij deed erg onhandig aan tafel. Hij was geen uitbundige vrouwen gewend. Het leek alsof ze hem probeerden uit te dagen. Op zoek naar zijn grenzen. Wanneer zou hij reageren?

Bjarne Gosse keek vragend naar Emma. Eindelijk begreep ze dat ze hem een uitleg was verschuldigd.
“De man van Victoria Martin heeft een kunstgalerie in Parijs. Ze is getrouwd met een vermogende Nederlander”, deelde Emma Petronella hem plotseling mee, alsof ze begreep dat ze ook hem een idee moest geven over waar het gesprek al geruime tijd over ging. “Een rijke Nederlander” voegde ze er met een lachje aan toe. Bjarne probeerde de nieuwe informatie te verwerken maar zijn ogen dwaalden af naar de muur.

Er hing nog een ander schilderij in de grote eetkamer. De schildering beeldde een grote ronde vijver met twee zilverwitte zwanen in een zwanendans van passie en elegantie uit. Het doek boeide Bjarne in veel mindere mate dan het portret van de man met de geheimzinnige tronie.

Victoria was dus een getrouwde vrouw, daar schrok hij van, want hij had het gevoel dat ze al de hele avond met hem aan het flirten was. Dat er zoveel gaande was terwijl hij nauwelijks iets had gezegd gaf Bjarne een vreemd gevoel. Hij voelde zich opgelaten, dat werd nog versterkt door de roes van zware rode wijn. Bjarne Gosse was niet gewend om zoveel wijn te drinken.

Hij bleef maar naar de vijver staren. Het schilderij sprak plotseling meer tot zijn verbeelding, die pril was omdat hij niets over kunst wist en alleen maar op zijn intuïtie kon afgaan.

Misschien was Bjarne hier beter niet geweest, in dit prachtige herenhuis met twee beeldschone dames, schoot er door hem heen terwijl hij naar resten zalmneus op zijn diner-bord keek.

Misschien was het beter alsnog naar een andere kamer in Utrecht te gaan zoeken. De aantrekkingskracht van zijn toekomstige hospita Emma was te groot. Het zou hem schande en schade gaan brengen. Onheil en rampspoed.

Bjarne voelde zich betoverd door haar stralende aanwezigheid. Het was niet alleen de schoonheid van haar uiterlijk, maar ook haar prikkelende intelligentie en het warme geluid van haar vrouwelijke stem. Het was alsof ze een intense magneet was, hij zou hier nooit zonder kleerscheuren vandaan komen. Hij dacht aan de taken voor school om zijn zinnen te verzetten. Hij dacht aan de pesterijen van Arthur over zijn kleren. Bjarne dacht aan Kees Broodakker en de jaren dat we naast elkaar hadden gezeten.

Er hielp eigenlijk niets, zijn ogen zochten de ogen van Emma Petronella. En de ogen van Emma Petronella zochten hem, alsof hij iets bijzonders voor haar in petto had. Iets waarover zij tot dan toe slechts had kunnen dromen.

Schrijver: Bjarne Gosse, 7 april 2022


Geplaatst in de categorie: voedsel

4.3 met 3 stemmen 81



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)