Inloggen
voeg je column toe

tabblad: columns

< vorige | alles | volgende >

column (nr. 311):

Spiegelspin

Elke ochtend stap ik in de auto om naar mijn werk te rijden. Het hoort bij de doordeweekse rituelen die volgen na het wassen, tandenpoetsen, aankleden en ontbijten. Sinds een maand of drie is daar een nieuw ritueel bijgekomen. Een bijna dagelijkse ontmoeting met mijn spiegelspin. Gemakshalve heb ik hem maar Kareltje genoemd.

Zodra ik de sleutel in het portier steek en vluchtig nog even mijn kapsel in de buitenspiegel check, zie ik Kareltje wegschieten. Ik moet de dag nog meemaken dat Kareltje op zijn draad blijft zitten. Eerst dacht ik dat hij last had van antropofobie. Maar net zo min als dat ik last heb van arachnofobie heeft Kareltje angst voor mensen. Hij is gewoon verlegen.

Ik moet altijd enorm lachen als hij met zijn wiebelbuik op hoge dunnen poten in zijn favoriete spiegelkapspleet schiet. Soms kijkt hij me daarbij schalks aan. Hij weet dat ie onnavolgbaar snel kan vluchten. Hij weet ook dat ik hem niet uit zijn spleet gepeuterd krijg. Ik gun hem die lol. Ieder zijn talent. Soms ben ik wel eens jaloers op Kareltje. Met zijn talent zou ik met twee vingers in de neus, de 100 meter sprint tijdens de Olympische Spelen kunnen winnen. Ware het niet dat ook ik daarvoor te verlegen ben. Dat matcht niet echt met het karakter van een 100 meter sprinter.

Als ik de motor van mijn auto start zie ik hoe Kareltje zich nerveus verstopt in zijn spleet. Hij weet wat er komen gaat. Angstig, droevig en hoopvol tegelijk werpt hij nog een laatste blik op zijn kunstig gevlochten dradenweb. In een mum van tijd staat het bol door de zijwind. Met een bibberende buik zet Kareltje zich met al zijn poten schrap in de spleet. Gelukkig regent het vandaag niet. De bolling van het web knapt zodra we op de snelweg zijn. Ik heb weer zijn kunstwerkje vernietigd. Hoe wreed. Al honderd keer heb ik Kareltje uitgenodigd om in mijn auto te bivakkeren. Maar dat is zijn eer te na. Hij is een buitenspin en van auto’s krijgt hij alleen maar claustrofobie. Ik respecteer dat.

Kareltje is eigenlijk heel dapper. Dagelijks houdt hij mij met gevaar voor eigen leven een spiegel voor van de zinloosheid van het bestaan. Want zeg nu eens eerlijk. Dagelijks je tanden poetsen en naar je werk rijden lijkt toch soms net zo zinloos als het aan gort rijden van een spinnenweb. Dezelfde rituelen waarmee wij het bestaan draaglijk maken drijven ons vaak ook tot waanzin. Iedere dag opnieuw rolt Kareltje enorme sisyphosaanse rotsen de berg op om vervolgens keihard weg te rennen. Op de vlucht voor niets. Drie maal daags bouwt hij een nieuw web. Hoe broos kan een jachtveld zijn? Liefst zou hij mijn bloed willen drinken. Maar hij laat het niet merken. Verlegen als Kareltje is.

Schrijver: Mien
Inzender: Rob Mientjes, 18 sep. 2011


Geplaatst in de categorie: filosofie

4,0 met 2 stemmen 151



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)