USO
Vroeger in de keuken stond er bij ons een kannetje water standaard klaar om de planten te begieten. Ik dacht daarin een keer een rood slangetje zich te hebben zien vertakken en dan valt niet te denken aan een boa constrictor, maar iets wat maar net te zien was van een paar mm. lengte. En dat in leidingwater? Ik vertelde het mijn vader en die nam niet eens de moeite om te kijken. Ik zag ze kortom vliegen volgens hem.
Onlangs kon hij er niet meer bij zijn om me te beschuldigen van een zinsbegoocheling, omdat die inmiddels, lang overleden, weet ik wat voor onwaarschijnlijke vergezichten waarneemt.
Maar alweer kon ik mijn ogen niet geloven. Ik verleende hulp aan huis en liet mijn taak uit handen vallen toen ik in het water achter mijn werkadres op ongeveer 30 meter uit de kant water dat werd opgegooid door een zwemmer of beter een zwemmertje licht zag vangen. Een watervogel was niet te onderscheiden, niets van een kop of romp, vleugels waren er te zien en een vis was 't ook niet, want geen sprake van een min of meer lijn die een rugvin door het water trok, niet van opspringen en onder water verdwijnen. Dit was een tsunami in het heel klein die het licht al voortbewegend vangend gedecideerd op de oever aankoerste.
Maar wat was het nou?
Een meerkoet keek ook wat confuus toen het unidentified swimming object voorbij trok en deelde voor de zekerheid een rake tik uit. Of dat was omdat de vogel het als voedsel zag of een bedreiging kon ik niet uitmaken. Hij draaide een rondje en herhaalde zijn aanval. Maar kon het naderende golfje niet afremmen.
Op een gegeven moment kon ik het niet meer onderscheiden, omdat de kant naderend me het zicht erop werd ontnomen.
Ik ben vanaf het terras over het muurtje gesprongen en door een paar meter gras tot bij de waterkant gelopen. Het onduidelijke leven had pas op de plaats gemaakt, leek om de as tollend een afspiegeling te zijn van het vegetatieve leven dat op de bodem van het bescheiden plasje welig moest tieren. Het deed denken aan een zandloper waarvan het glazen gedeelte continu omkieperde en de tijd zo snel mogelijk liet verlopen om aan te geven dat het nog maar weinig adem over had. Dat beetje abstracte beeld maakte ik ervan bij nog steeds gebreke van een vaste vorm. De enige manier om uit te vinden wat het was was mijn hand strekken en het omhoog halen. In mijn hand hield ik een doornatte vleermuis.
Bijzondere ervaring om voor 't eerst in je leven een vleermuis vast te houden; klein en fragiel met een paar verfijnde weerhaakjes aan de vleugels voor wat houvast. Er zat voldoende leven in, het beestje was zeker niet aan het eind van zijn latijn.
Ik heb geprobeerd hem/haar een beetje droog te blazen en kreeg onmiddellijk veel respect voor hoe zo'n klein dier zo'n eind weet te zwemmen en daarbij onderweg ook nog eens belaagd werd door een meerkoet.
Ik heb 't mee naar binnen genomen en daar hebben we een noodopvang gecreëerd in de vorm van een met een teiltje overdekte theedoek. Uiteindelijk na overleg met een dierenarts dat uitmondde in het voorrijden van de Dierenambulance was in overleg de beste oplossing het diertje na een overnachting in gezelschap van een met water doordrenkte prop keukenpapier weer uit te zetten. De volgende ochtend bleek hij alweer een stuk tieriger en de theedoek vermocht niet hem/haar gevangen te houden. Bijna was hij uitgevlogen en tussen de manuscripten of achter een schilderij verdwenen. Hoog tijd om hem aan de natuur terug te geven. Op een boom gezet in de nabijheid van het bewuste vijvertje en de volgende ochtend zat hij niet verkleumd op hetzelfde plekje of lag dood onder een boom. Nee, als hij niet was opgegeten door een kraai of ekster, had hij zijn vleermuizenleven met de lente op komst frivool hervat. Al moet hij nog door een paar koude nachtjes heen.
Wat een kraan!
Zie ook: https://www.apartefact.nl
Schrijver: Albert Goudberg, 14 maart 2026
Geplaatst in de categorie: dieren

Geef je reactie op deze inzending: