Onzichtbaar fatsoenlijke kwaad.
Hij parkeerde zijn auto een straat verderop. Plotseling stond hij voor het raam van mijn vorige huis te schitteren in dure vrijetijdskleding. Ik liet hem binnen na aanleiding van zijn moeders onheils brief in het jaar 2012.
Hij vulde mijn sobere huiskamer. Liep rond alsof hij niet voor het eerst kwam. Mijn jongste broertje. Ik ken hem nauwelijks want ik ben verwijderd. Waarna hij door zijn vader en moeder in het bedrijfszadel werd gezet met het succes.
Hij begon te vertellen over een zwaar geleden leed. Hij zou zijn kinderen niet zien opgroeien. Won direct mijn meelevend hart. De aandoening bleek een teken van uitstekende gezondheid te zijn. Happy End. Mijn leed stelde niets meer voor.
Hij erkende haar slechtheid. Zweeg toen ik vertelde hoe wij, kinderen, in de rij stonden om geknuffeld te worden. Moeder had hulp gevraagd voor haar gebrek aan affectie. Hij kende dit deel van zijn leven niet. Het maakte hem verlegen.
Ik luisterde naar zijn plannen. Dingen die snel moesten gebeuren in mijn leven en het leven van mijn zoon. Observeerde het vreemde tafereel. Zocht een houding in niemandsland. Hij had alles voor ons geregeld. Samen met zijn moeder.
Een goede vriend die van deze plannen hoorde uit mijn verwarde mond, zei heel streng: 'Dit wil jij niet!' Duwde mij uit de hypnose. Ik wilde mijn bijna volwassen zoon niet kwijt om de financiën.
Wat overblijft is de verbijstering. Onzichtbaar fatsoenlijk kwaad. Juridisch niet aan het licht gekomen tot op heden. Hoe een moeder haar eigen kind, kinderen zó kan haten. Die vraag. Dat blijft.
Het einde van het trauma is de realiteit. Er is ook kwaad. Niet alle moeders houden van hun kinderen. In deze maatschappij nog altijd te laat ontdekt. Kirde ze: "Alle moeders houden van hun kinderen."
22 mei 2026
Geplaatst in de categorie: familie

Geef je reactie op deze inzending: