Inloggen
voeg je beschouwing toe

categorie:economie

< vorige | alles | volgende >

Laatst toegevoegde beschouwing (nr. 12):

De Kamer van Koophandel is van en voor het bedrijfsleven

Toespraak (beschouwing) uitgesproken bij mijn eindexamen cursus Rhetorica “Spreken in het openbaar”, 10 december 1987

Mijn onderwerp, dames en heren, waarover ik vanavond wil praten is ook de aanleiding geweest deel te nemen aan de cursus “spreekvaardigheid”.
Het is mijn werk en mijn werkgever: De Kamer van Koophandel.
Om eens te polsen hoe bekend qua instelling en haar bezigheden de Kamer van Kooophandel is, ben ik de afgelopen weken zo nu en dan van m’n fiets afgestapt en heb willekeurige voorbijgangers gevraagd:

“Mevrouw of Meneer, wat is de Kamer van Koophandel volgens u?”

En, dames en heren, ik moet u zeggen het resultaat is me alleszins meegevallen.
De antwoorden varieerden van “dat is toch een overkoepelend orgaan voor de detailhandel”, “daar laat je toch je winkel inschrijven” tot “het is een instelling die vergunningen geeft om handel te drijven”.
Begrippen waar we ons wis en waarachtig mee bezig houden.
Er was echter ook een mevrouw die antwoordde:
“De kamer van Koophandel is toch een eerbiedwaardig instituut, niet!”.

Nee, dames en heren, dat is de Kamer van Koophandel niet. De Kamer van Koophandel is gewoon het advies- en informatiecentrum voor ondernemers en onderneemsters, zij het dat de Kamer van Koophandel hier in Rotterdam wel een eerbiedwaardige leeftijd heeft, namelijk die van 184 jaar. Het was in het jaar 1803, de tijd van Napoleon, dat in Nederland, in Rotterdam de eerste Kamer van Koophandel naar Frans model van de grond kwam. Frankrijk kende al veel eerder Kamers van Koophandel. De oudste die wordt genoemd is die van Marseille en dan praten over het jaar 1599.
De Kamers in Frankrijk gingen zelfs al snel een samenwerkingsverband aan om nog beter en doeltreffende de regering in Parijs te adviseren over de belangen van nijverheid en handel.
Napoleon vond dat systeem goed functioneren en legde het later aan half veroverd Europa op.
In Nederland volgde na Rotterdam vrij snel andere steden met een Kamer en het was Koning Willem 1, ook wel genoemde Koning Koopman, die in 1815 het bestaansrecht van de Kamers van Koophandel vastlegde in een Koninklijk Besluit. Het duurde echter tot 1921 tot de Kamers van Koophandel bij wet werden geregeld.
Het meest essentiele artikel uit die wet is artikel 3 en dat zegt:
Nederland telt 36 gebieden met dus 36 autonome, dat wil zeggen, zelfstandige, Kamers.
In datzelfde jaar 1921 kwam ook de Handelsregisterwet tot stand.
Vrijwel elke onderneming moet zich sindsdien ingevolge die wetgeving bij de Kamer laten inschrijven en betaalt afhandelijkt van het bedrijfskapitaal een bijdrage.
De Kamer wordt dan ook voor praktisch 100% betaald door het bedrijfsleven.

De organisatiestructuur van een Kamer is het beste te vergelijken met die van een gemeente.
Het bijna voltallige bedrijfsleven (= gemeentebevolking) kiest middel hun belangenorganisaties (=de politieke partijen) een algemene ledenvergadering (=de gemeenteraad) die op haar beurt een bestuur met een voorzitter kiest (=Burgemeester en Wethouders), die secretarieel ondersteund worden door de Kamermedewerkers/-werksters met aan het hoofd een (algemeen) secreataris (= de gemeenteambtenaren met de gemeentesecretaris).

Ik, Jan J. Krediet, ben dus zo’n Kamermedewerker en mijn baas is, ver doorgedacht, in wezen het bedrijfsleven zelf.

Wij voeren bij de Kamer een slogan: “De Kamer is van en voor het bedrijfsleven”.
Dat we van het bedrijfsleven zijn mag u nu duidelijk zijn, maar wat doen we voor dat bedrijfsleven.

Dat voor het bedrijfsleven, valt in 3 hoofdtaken uiteen.

Ten eerste: belangenbehartigend, ten tweede: bedrijven-ondersteunend en ten derde:
de wetsuitvoerende taak.

Belangenbehartigend door advisering en stimulering van de diverse overheden (zoals gemeente, provincie, rijk, waterschappen etc.)
Vertaald wil dit zeggen, pleiten bij de gemeente Rotterdam voor een goede schadeloosstelling voor de gedupeerde winkeliers als gevolg van de aanleg van de Willemsspoortunnel of pleiten bij Minister Smit-Kroes voor het handhaven en uitbreiden van vliegveld Zestienhoven.

Bedrijven-ondersteunend door voorlicht en dienstverlening, zowel collectief als individueel.
Collectief in de vorm van cursussen en voorlichtingsbijeenkomsten of secretarieel of subsidieel ondersteunen van gespecialiseerde bedrijfsinstellingen en het uitgeven van publikaties. Individueel door elker ondernemer/onderneemster met raad en daad bij te staan door bijvoorbeeld de importeur te vinden van dat klein maar zo belangrijke onderdeeltje van die machine tot het optreden als arbitzer bij juridische geschillen van bedrijven.

Wetsuitvoerend door het uitvoeren van een aantal vestigingswetten, de Drank- en Horecawet, de eerdergenoemde Handelsregistert, de Handelsnaamwet, de wettelijke bepaling met betrekking tot exportdocumenten en vele, vele andere wetten en bepalingen te veel om op te noemen, laat staan om door u te worden onthouden.

Want dames en heren, u mag va n mijn toespraak alles vergeten, als maar 1 begrip onthoudt!

Als u in de toekomst, of wellicht vandaag/vanavond op weg naar huis, door een willekeurige fietser wordt aangeklampt met de vraag:

“Wat is volgens u de Kamer van Koophandel”, dat uw antwoordt luidt:

“De Kamer is van en voor het bedrijfsleven.

Ik dank u voor uw aandacht.

... Was geschreven door cursist Rhetorica Jan J. Krediet, waarvoor ik gemiddeld het cijfer 7 kreeg! Vele en vele lezingen zouden volgen! Bij de foto: Het ziek worden van mijn dochtertje was de aanleiding in 2008 afscheid te moeten nemen van een baan, welke ik veel meer ervoer als een roeping, met haar op de afscheidsreceptie te zien onder levensverhaal 2008 op janjacobkrediet.nl ...


Zie ook: http://www.janjacobkrediet.nl

Schrijver: Jan Jacob Krediet
3 aug. 2020


Geplaatst in de categorie: economie

4,0 met 1 stemmen 93



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)