Inloggen
voeg je column toe

Columns

VREDE IN ROERIGE TIJDEN 1922-2022

Helaas!- de vredesengel buigt het hoofd,
En bergt het lijf, en vliegt naar hoger toppen!

(H.C. Muller)

De dag is mooi geweest en zonnig. Nu valt over de stille velden de vrede van de avond. Aan de horizon schemeren weg, in violet-rode wolkenlucht, de torens en huizen van de stad. Late vogels scheren langs de bleke bovenluchten en zoeken de rust van de nacht. De nevel trekt over de landen…

En van de aarde stijgen op zuchten en weeklagen over de heengegane dag die nog de vrede niet bracht in zijn volle omvang, over de wereld. Er is moeheid in de lucht en hopeloos verlangen. Er is vertwijfeling onder de mensen die uitzien, reikhalzend uitzien naar de Engel van de Vrede, maar zij is heengegaan. Zij vond geen plaats hier op aarde waar zij veilig was, tot zelfs de vergaderzalen van de Vredesconferentie vond zij de plaats der ruste niet. Kan het anders? Kan er vrede zijn in een wereld waar de haat en de kleinzieligheid en de zorg voor de Neutraliteit zo scherp omlijnd worden? Is er wel één mens te vinden die niet bang is dat zijn buurman hem of haar boven het hoofd groeit, of die niet ijverzuchtig jaloers is op de schijnbaar voordelige conditie waarin sommigen van zijn medemensen verkeren?

En hoeveel ‘opschepperij’ is er niet tussen de mensen in woord en daad! Heb het maar eens over iets dat men bezit, een meubelstuk, een jas, een hoed, ja wat niet ook, hoort men niet direct vertellen dat zij of hij nastaan in de familie een meubelstuk heeft, nou, dat moest je eens zien en een jas en een hoed hebben ze pas gekocht, nee maar! Als je die eens zag! Let maar eens op de mode, vooral bij onze jonge meisjes van deze tijd. ‘Betsy heeft toch zo’n snoes van een brede sjaal, moeder, U weet wel, met van die mooie donkere strepen, zo’n echte wollen.’ En er wordt net zo lang gezeurd, tot, ten spijt van malaise enz., moeder voor haar dochter óók zo’n brede sjaal koopt en óók zon mooie mantel met bontmouwen en ook zo’n leuke hoed en ook zo’n paar mooie schoenen.

Dat is de geest van onze tijd. De na-ijver is zo groot onder de mensen en volken, dat de ander niet gunt dat ze meer hebben dan zij zelf… Wij leven in een tijd van ‘geldmakerij’. Sport? Is er nog ware mooie sport om de sport alleen? Heb je wel eens aan het Sparta-terrein gestaan als de match was afgelopen, en heb je dan nooit eens een heer weg zien gaan met o, zo’n zware tas, de tas met de ‘duppies’? Boksen, sport? Een kansspel, wie van de heren het meeste trekt en dientengevolge de meeste zilverlingen in de tas doet komen. Wij leven in de tijd van padvinderij, van geestelijke en lichamelijke over het paard-tillerij van het kind. En dat alles bij elkaar, al dat moderne gedoe en dat wegdoezelen van het goede, oude degelijke, zal de vrede op aarde niet spoedig doen wederkeren. Daar is te veel strijdlust in het individu en onder de regeringen en volken.

Eén pop, in goud gekleed, roept, roept zonder dralen
Het is maar spel, o vorsten-ik, bankier,
Ik en de mijnen moeten t’al betalen!

Jaagt die soldaatjes weg, die oorlogsdolken,
Straks bouw ik u een machtig, groot paleis,
En Vrede zal er dalen uit de wolken!

(H.C. Muller)

Er is nergens een lieflijker vrede te vinden dan in de goddelijke zalen van moeder natuur. O, dat wij nog ogenblikken kunnen vinden in ons leven, dat wij de rug kunnen toekeren aan al dat gejaag en na-ijverig gedoe van de kleine mens, ogenblikken waarin wij ons één kunnen gevoelen met de stilte van de avondstond, en waarin wij beluisteren de stemmen die bos en veld, heide en zee ons toefluisteren, stemmen die ons spreken van waarachtige vrede en vergevingsgezindheid onder de mensen.


Door LEENDERT C. VAN DEN BERG.
Uit: blad De Reserveboezem, 25 november 1922.

Wellicht aan de sentimentele kant, deze 100 jaar oude column.
Lezers zien ondanks dat wel de overeenkomsten met de roerige tijd van nu (Lord Wanhoop).

Schrijver: , 5 december 2022


Geplaatst in de categorie: maatschappij

4.9 met 15 stemmen 495



Er is 1 reactie op deze inzending:

Naam:
Richard Bahl
Datum:
10 december 2022
De waardering van deze blijkbaar 100 jaar oude tekst is best hoog. Is dat eigenlijk te verklaren? De column is wel gedateerd uiteraard, met zeker overeenkomsten met onze eigen onrustige tijd. Toch is het met gebruik van citaten van dichters en de natuurbeschrijvingen duidelijk anders dan meer eigentijdse columns. Je zou bijna stellen, dat er mogelijk behoefte is aan onversneden sentiment en het zoeken naar rust en eenvoud in de eigen intieme kring. Afijn, dit is ook maar een mening. Een echte analyse heb ik niet in huis. Misschien anderen wel.

Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)