Inloggen
voeg je autobiografie toe

tabblad: autobiografieen

< vorige | alles | volgende >

autobiografie (nr. 499):

De verboden waarheid.

Na het tweede jaar van de huishoudschool moest ik naar een meisjesinternaat. Ik was net 15 jaar geworden. Moeder vertelde mij dat ik dat wilde. Ik wilde dat niet, maar ik had niets te willen, zei moeder. "Je hebt daar een eigen kamertje."

Ik had thuis sinds kort een eigen kamertje in ons nieuwe huis. Maar wat ik er ook tegenin bracht, mijn protest werd uit mijn hersens gewist als stofjes met een poetsdoekje. Zoals moeder het dacht was juist en wat ik dacht bestond niet meer.
Op een dramatische toon vertelde ze aan mij dat ik dit offer moest brengen. Het was voor een goed doel. Het voelde heel serieus, bijna heilig, alsof ik ergens heel belangrijk voor was, iets kon redden of goedmaken en later zou er een grote beloning komen, zo vertelde ze me. Ik snapte het niet, maar moeder kon vooruit kijken.
Mijn vader wilde niet dat ik het huis uit ging, maar hij voegde zich bij mijn moeder.
"Doe nou maar wat ma zegt."

Het was een internaat voor moeilijk opvoedbare meisjes. Vroeger leerden deze meisjes het huishouden en hoe ze koeien moesten melken. Die koeien waren in 1972 inmiddels verdwenen.
Het internaat werd beheerd door nonnen zoals wij de zusters noemden. In plaats van één moeder, kreeg ik er een stuk of vijf, maar van geen enkele van hen kreeg ik aandacht, terwijl ik zag dat de andere meisjes dat wel kregen en ik begreep niet hoe ze dat deden. Heimelijk was ik jaloers op wat die andere meisjes wel konden en ik niet. Ze mogen mij niet, maar waarom niet?
Na drie weken intern met in de weekenden naar huis had ik heimwee gekregen. Ik mocht niet naar buiten en miste mijn broer met wie ik altijd samen trimde en aan atletiek deed. Van 's ochtends tot 's avonds moest ik me aan een programma houden en een uniform dragen: een groen jurkje met een witte zustersschort. En wel vijf keer per dag eten, want er zaten ook meisje die slechte eters waren. Maar ik lustte alles en was slank. Ik smeekte moeder om me daar weg te halen, maar moeder zei dat dit niet kon als je er al op zat.

Mijn cijfers gingen omlaag en vooral de magere zeven voor gym vervreemdde me van mezelf. Dit was IK niet meer. Ook mijn vertrouwdheid met het podium ebde weg. Ik trok me steeds meer terug in deze luxe gevangenis. Mijn lichaam kreeg vrouwelijke rondingen en moeder keek met een vreemde triomfantelijke blik naar mij alsof ik een zonde had begaan.
"Je hebt een dikke kont", zei ze.
Het was alsof ik veranderde in een domme koe.
Om me beter te voelen schreef ik onder studietijd verhalen over The Osmonds, een mormoonse popgroep uit Utah, die menig meisje zoals ik in katzwijm deed vallen. Want tijdens een concert van hen dat ik bezocht met mijn zusje en een vriendin, onder leiding van onze oom uit Den Haag, was ik over de dranghekken heen geklommen om rechtstreeks in de armen van de beveiligers te belanden. Dat was niet mijn bedoeling en ik verwonderde mijzelf dat ik dat deed, want ik had slechts de benen van de jonge heren gezien, vóórdat ze op het podium stonden. De rest heb ik gemist. Het was me veel te veel om die jongens in levende lijve te zien. Ten leste bracht een man uit de EHBO me weer terug, want hij vond het zonde dat ik het concert miste. Maar mijn spanningsboog was uit.
Mijn zusje, vriendin en ik stonden, een week later, aan elkaar geplakt op een foto afgebeeld in een tijdschrift dat heel Nederland over ging. Onze 'boze oom', die op ons had gepast had ons net - zeer verontrust - weer bij elkaar geschraapt. Het standje ging ons ene oor in en ons andere uit: hij snapte niet dat óns léven was afgelopen!

Mijn 'manuscripten' werden door de andere internaat-meisjes gretig gelezen en onder oprechte pubertranen weer teruggeven aan mij. Dan was ik verwonderd om wat ik teweeg kon brengen. Maar dit werd voor de nonnen een probleem omdat ik me te veel in mijn eigen wereldje terugtrok.
Nadat ik het diploma van de huishoudschool gehaald had, wilde ik weer thuis wonen. Er kwam een gesprek met de nonnen en mijn ouders. Moeder zei dat ik ook mocht meepraten want dat was modern. Vol goede moed stond ik klaar om voor mezelf te pleiten, maar al snel vernam ik dat moeder alles allang in kannen en kruiken had. Ik moest blijven en nog twee jaar de inas volgen, een vervolgopleiding van de huishoudschool. Men zei dat er in het tweede jaar een heel jaar stage kwam en ik dus niet meer in het internaat zou wonen. In mijn machteloosheid keek ik naar de lange gang waarin wij rondom een tafel zaten, met aan het einde klapdeuren en dacht: als ik niet meer eet, heeft niemand nog macht over mij.
Ik was zestien jaar.

Wordt vervolgd.

Illustratie: Het internaat werd beheerd door nonnen
Schrijver: Susan, 6 mrt. 2020


Geplaatst in de categorie: familie

4,8 met 6 stemmen 74



Er is 1 reactie op deze inzending:

Naam:Jan Jacob Krediet
Datum:13 mei. 2020
Bericht:Waar vind ik het vervolg, zeer goed geschreven, beschreven.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)