start toeval vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Categorieën:

actualiteit (107)
adel (1)
afscheid (4)
algemeen (19)
bedankt (3)
dieren (8)
discriminatie (9)
drank (6)
economie (11)
eenzaamheid (13)
emoties (18)
erotiek (2)
ex-liefde (2)
familie (8)
feest (6)
film (21)
filosofie (115)
fotografie (6)
geld (6)
geschiedenis (13)
geweld (4)
haiku (1)
heelal (22)
hobby (3)
humor (23)
huwelijk (1)
idool (1153)
individu (6)
internet (5)
jaargetijden (7)
kerstmis (8)
kinderen (20)
koningshuis (8)
kunst (40)
landschap (3)
lichaam (3)
liefde (35)
literatuur (499)
maatschappij (73)
mannen (2)
milieu (7)
misdaad (22)
moraal (19)
muziek (413)
natuur (20)
oorlog (17)
ouders (1)
overig (11)
overlijden (21)
partner (2)
pesten (5)
politiek (48)
psychologie (58)
rampen (8)
reizen (16)
religie (121)
schilderkunst (80)
school (5)
sinterklaas (4)
sms (1)
snelsonnet (1)
spijt (2)
sport (17)
taal (22)
tijd (26)
toneel (3)
vakantie (5)
verdriet (6)
verhuizen (1)
verkeer (6)
voedsel (3)
vrijheid (20)
vrouwen (11)
welzijn (14)
wereld (24)
werk (13)
wetenschap (25)
woede (4)
woonoord (5)
ziekte (32)

tabblad: beschouwingen

< vorige | alles | volgende >

beschouwing (nr. 3211):

Wijze woorden van een Palestijnse vredesduif

(voor Mahmoud Darwish (1941 - 2008))

Je bent geboren op 13 maart 1941 in Al-Birwa, Palestina. Ten oosten van Akko. Jouw ouders waren Salim en Houreyyah Darwish. Je was hun tweede kind. Jouw vader was een soennitische moslim en een landeigenaar. Jouw moeder was een analfabete en jouw opa leerde jou lezen. In de Arabisch-Israëlische oorlog van 1948 werd Al-Birwa vernietigd en vluchtte je naar Libanon. In 1949 ging je naar Deir Al Asad, nabij Akko, wat inmiddels van Israël was en is. Je ging in Kafr Yasif naar de middelbare school. Daarna ging je in Haifa wonen, waar je op jouw 19-de jouw eerste dichtbundel 'Asafir Bila Ajniha' (Vleugelloze vogels) publiceerde.

In 1964 verscheen jouw tweede dichtbundel 'Olijfboombladeren'. In 1966 verscheen 'Een minnaar uit Palestina', in 1967 'Het einde van de nacht' en in 1969 'Dagboek van een Palestijnse wond'. In 1970 ging je naar de Sovjet-Unie, waar je een jaar aan de Universiteit van Moskou studeerde, terwijl je 'Birds are Dying in Galilee' publiceerde. Jouw Israëlische staatsburgerschap werd meer en meer zwart gemaakt, wat het gek genoeg ook was. Na Moskou woonde je in Egypte en Libanon. In 1973 werd je lid van de PLO en mocht je Israël niet meer in. In 1983 ontving je de Lenin Vredesprijs. In 1995 mocht je wel de begrafenis van jouw vriend Emile Habibi in Israël bijwonen.

Je publiceerde meer dan 30 dichtbundels en 8 prozawerken. Je kreeg internationale erkenning voor jouw poëzie, waarin jouw oerliefde voor Palestina centraal staat. Jouw schrijfwerk kreeg vele onderscheidingen en het werd in ruim 20 talen vertaald. 'Jullie, die op de drempel staan, kom binnen en drink met ons Arabische koffie (Misschien voelen jullie dan dat jullie mensen zijn net als wij)', schreef je in 'Staat van Beleg' uit 2002, in Ramallah. Jij was beïnvloed door de dichters Arthur Rimbaud en Allen Ginsberg. Verder bewonderde je de Joodse dichter Yehuda Amichai, met wie je een woordstrijd over het gerechtvaardige bezit van diverse landgebieden aanging.

In 1971 ging je naar Caïro, waar je voor het dagblad 'Al Ahram' werkte. In 1973 was je de uitgever van bladen als 'Al Jadid', 'Al Fajr', 'Shu'un Filistiniyya' en 'Al Karmel'. In 1987 werd je lid van de PLO-leiding. In 1988 schreef je een manifest, dat was bedoeld als de onafhankelijkheidsverklaring van de Palestijnen. In 1988 werd jouw gedicht 'Passers Between the Passing Words' in het Knesset-parlement geciteerd, waarmee je de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook bedoelde. Je geloofde dat de vrede haalbaar is, waarbij je wachtte op een grondige verandering in het bewustzijn van de Israëliërs, die de met nucleaire wapens verdedigde poorten moeten openen om de vrede binnen te laten.

Of wat te denken van jouw magistrale gedicht 'O Vader, Ik Ben Ysuf', waarin je de historie van de bijbelse Jozef als een metafoor voor de afwijzing van de Palestijnen gebruikt. Je bent twee keer gehuwd en gescheiden. Jouw eerste vrouw was de schrijfster Rana Kabbani en in 1985 trouwde je met jouw tweede vrouw Hayat Heeni, een Egyptische tolk. Je was een hartpatiënt en na een hartaanval in 1984 werd je geopereerd. In 1993 werd je door Frankrijk Ridder in de Orde van Kunsten en Letteren. In 1998 ben je opnieuw door jouw hartproblemen geopereerd. In maart 2000 wilde de minister van onderwijs Yossi Sarid hoger-onderwijs-poëzie opnemen, wat door president Ehud Barak werd verboden. In 2004 kreeg je de Grote Prins Claus Prijs.

Op 9 augustus 2008 ben je in Houston overleden. Je werd 67 jaar en je bent in Ramallah begraven. De Palestijnse president Mahmoud Abbas verkondigde 3 dagen van nationale rouw af.

Schrijver: Joanan Rutgers, 24-12-2017



Geplaatst in de categorie: idool

Deze inzending is 19 keer bekeken

5/5 sterren met 2 stemmen.



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)