start toeval vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Categorieën:

actualiteit (104)
adel (1)
afscheid (4)
algemeen (19)
bedankt (3)
dieren (8)
discriminatie (9)
drank (6)
economie (11)
eenzaamheid (13)
emoties (18)
erotiek (2)
ex-liefde (2)
familie (8)
feest (6)
film (20)
filosofie (115)
fotografie (6)
geld (6)
geschiedenis (13)
geweld (4)
haiku (1)
heelal (22)
hobby (3)
humor (23)
huwelijk (1)
idool (1119)
individu (6)
internet (5)
jaargetijden (7)
kerstmis (8)
kinderen (20)
koningshuis (8)
kunst (40)
landschap (3)
lichaam (3)
liefde (34)
literatuur (498)
maatschappij (73)
mannen (2)
milieu (7)
misdaad (22)
moraal (19)
muziek (413)
natuur (20)
oorlog (17)
ouders (1)
overig (11)
overlijden (21)
partner (2)
pesten (5)
politiek (48)
psychologie (58)
rampen (7)
reizen (16)
religie (121)
schilderkunst (79)
school (5)
sinterklaas (4)
sms (1)
snelsonnet (1)
spijt (2)
sport (17)
taal (22)
tijd (26)
toneel (3)
vakantie (5)
verdriet (6)
verhuizen (1)
verkeer (6)
voedsel (3)
vrijheid (19)
vrouwen (11)
welzijn (13)
wereld (24)
werk (13)
wetenschap (25)
woede (4)
woonoord (5)
ziekte (32)

tabblad: beschouwingen

< vorige | alles | volgende >

beschouwing (nr. 3249):

Door jouw zelfdoding redde je andere mensen

(voor Walter Benjamin (1892 - 1940))

Je bent geboren op 15 juli 1892 in Berlijn. Je was de zoon van de welgestelde, Joodse Emil Benjamin en Pauline Benjamin-Schönflies. Jouw vader handelde in antiek en tapijten. Jouw jongere broer was Georg en jouw jongere zus was Dora.

In 1905 ging je naar het Gymnasium van de Kaiser Friedrich Schule in Berlijn-Charlottenburg. Om aan te sterken verbleef je in het internaat Haubinda op het platteland. Daar leerde je de leraar Gustav Wyneken kennen, die in 1906 de Vrije Schoolgemeenschap Wickersdorf oprichtte. Hij wilde een hervorming in het Duitse onderwijs. Door hem werd je actief in de jeugdbeweging, die zich tegen de genoegzame ouderen en ouders keerde, want alleen de jeugd kon de wereld verbeteren.

In 1912 ging je filosofie in Freiburg studeren en later in Berlijn. Je schreef in het tijdschrift 'Der Anfang', uitgegeven door Wyneken. Je geloofde niet in sociale hervormingen, maar in intellectuele vernieuwing. In 1912 raakte je bevriend met de dichter C.F. Heinle. Bij het begin van de Eerste Wereldoorlog hebben Heinle en zijn vriendin Rika Seligsohn samen zelfdoding gepleegd. Hierdoor ging je in militaire dienst. Je verbrak het contact met Wyneken en de jeugdbeweging. In 1915 werd je levenslang bevriend met Gershom Scholem. Hij maakte jou warm voor het Jodendom en de kabbala, met als belangrijkste boekwerken 'Zohar', commentaren op de Thora. Later werd hij in Jeruzalem hoogleraar van de Joodse mystiek.

Scholem's invloed is merkbaar in jouw interpretaties over Franz Kafka en het schilderij 'Angelus Novus' van Paul Klee. In 1917 trouwde je met Dora Kellner en in 1918 werd jullie zoon Stefan geboren. In 1920 ging je naar Berlijn terug. Je was financieel afhankelijk van jouw vader en je speelde met het idee om net als Gershom naar Palestina te gaan. In 1921 en 1922 werkte je aan 'Goethes Wahlverwantschaften' en in die tijd werd Dora verliefd op jouw vriend Ernst Schoen en jij werd verliefd op Jula Cohn, de zus van jouw jeugdvriend Alfred Cohn. Deze verliefdheden sneuvelden, evenals jullie huwelijk. Om Stefan en financiële redenen bleven jullie vriendschappelijk bij elkaar.

Jouw schoonvader, de uitgever van Herzls schrijfwerk Leon Kellner ondersteunde jou financieel, terwijl Dora als vertaalster geld verdiende. Zo kwamen jullie rond. Je was bevriend met de schrijver Siegfried Kracauer en de filosoof Theodor Adorno. Van mei tot oktober 1924 verbleef je op Capri, waar je een liefdesrelatie met de Letse actrice/regisseuse Asja Lacis begon. In Parijs vertaalde je enkele werken van Marcel Proust. Rond 1927 bezocht je Asja in Moskou. Daarna ging je naar Parijs en verdiepte je jezelf in het 19-de eeuwse Parijs. Je ging ook voor het eerst hasj roken, wat jouw perceptie danig verruimde. In mei 1929 kwam je door Asja in contact met Bertolt Brecht, die jou beïnvloedde, wat Scholem en Adorno niet waardeerden. In 1930 ben je op jouw verzoek van Dora gescheiden. Je ging met Asja terug naar Moskou.

Je schreef artikelen voor kranten en tijdschriften om te overleven. Je wilde de belangrijkste, Duitse literatuurcriticus worden. Van april tot juli 1932 zat je op Ibiza en je keerde met zelfdodingsplannen terug. In maart 1933 ging je voorgoed in Parijs wonen. Je vluchtte voor de nazi's en in Duitsland mocht je nauwelijks nog publiceren. Van april tot september 1933 zat je weer op Ibiza. Je at weinig en ongezond, soms alleen maar een chocoladereep. Met malaria besmet ging je naar Parijs terug. Je werkte voor het Frankfurter Institut für Sozialforschung. Je had vaak ruzie met de directeur Max Horkheimer, die geen expliciet politieke uitspraken in zijn tijdschrift duldde. Je woonde ook bij jouw zus, bij jouw ex-vrouw Dora en bij Bertolt.

In januari 1940 verscheen jouw boek 'Über einige Motive bei Baudelaire'. In juni 1940 gaf je jouw manuscripten aan Georges Bataille, die ze in de Bibliothèque Nationale verstopte. Je wilde met een groep mensen via Spanje naar Amerika vluchten, maar Spaanse agenten arresteerden jullie en jullie zouden terug naar Frankrijk moeten, wat tenslotte het concentratiekamp zou betekenen.
Op 27 september 1940 heb je in Portbou een overdosis morfine genomen. Daarna lieten de agenten de groep richting Spanje gaan. Je werd 48 jaar en je bent in Portbou begraven.

Schrijver: Joanan Rutgers, 09-02-2018



Geplaatst in de categorie: idool

Deze inzending is 37 keer bekeken

4/5 sterren met 1 stemmen.



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)