Inloggen
voeg je beschouwing toe

Beschouwingen

Zonder enig respect voor wie jij ooit was

(voor Elsa Asenijeff (1867 - 1941))

Jij bent geboren als Elsa Maria Packeny op 3 januari 1867 in een adellijke familie in Wenen. Jouw vader Paul Packeny (1841 - 1889) was de directeur van de Oostenrijkse Zuidspoorlijn en jouw moeder was Laurenzia Adametz (1841 - 1932). Jij had twee jongere zussen. Tot 1887 volgde jij de Weense lerarenopleiding. Jij hebt enkele huwelijksaanzoeken afgewezen en jouw vader overleed in 1889. Jij werd gedwongen om te trouwen en in 1890 trouwde jij met de Bulgaarse ingenieur/diplomaat Ivan Johannes Nestoroff, die elf jaar ouder was. Jij ging met hem naar Sofia in Bulgarije. Het was een ongelukkig huwelijk. Jij voelde jezelf aan de genade van Ivan overgeleverd en met dit gegeven varieerde jij veel in jouw literaire werken. In 1896 verscheen jouw verhalenbundel 'Ist das Liebe?' onder jouw pseudoniem Elsa Asenijeff. Deze achternaam was een eerbetoon aan jouw eerste, vroeg overleden zoon Asen. In 1896 werd jullie tweede zoon Theophil Heraklit Nestoroff geboren, die later een componist en de eerste violist van de Wiener Philharmoniker werd.

In 1896 scheidde jij van Ivan en mocht je van de staat jouw achternaam Asenijeff behouden. Vanaf 1897 studeerde jij filosofie en economie aan de Universiteit van Leipzig, opgericht op 2 december 1409. Heraklit werd bij jouw grootouders achtergelaten. In 1897 maakte Nicola Perscheid een foto van jouw beeldschone verschijning, met jouw haar deels hoog opgestoken, met schattige wokkels-krullen en in een zondagse jurk met hele subtiele, sierlijke afwerkingen en een superstrik van voren. Jij bent in Nicola's studio op de Gellertstrasse 2 in Leipzig gekiekt. In 1898 was jij op een literair genootschapsfestival in Leipzig voor de dichter/schrijver/baron Detlev von Liliencron en de toneelschrijver Frank Wedekind. Daar ontmoette jij de kunstschilder/beeldhouwer Max Klinger, geboren op 18 februari 1857 in Leipzig. Jij werd ongeveer 15 jaar zijn geliefde/minnares, model en muze. Hij huurde een appartement voor jou op de Schwägrichenstrasse 11 in Leipzig, waar jij van 1899 tot 1908 woonde. Hij weigerde namelijk jullie relatie officieel te erkennen, vandaar jouw eigen appartement. Op 7 september 1900 werd in Parijs jullie dochter Désirée Klinger (1900 - 1973) geboren, die aan een Franse pleegmoeder werd gegeven. Rond 1900 maakte Max een bijzonder fraaie, bronzen buste van jou, maar ook een bijna identieke buste van polychroom marmer, die levensecht lijkt en mooi op mijn nachtkastje kan staan.

In 1904 maakte Max het mooie schilderij 'Im Freien' van jou en in 1905 zijn Max en jij in de tuin van Villa Romana in Florence gefotografeerd. Max wipt met een stoel en jij staat er als een deftige dame met een flink bos hout voor de deur en een hoed, die op een slak van papier-maché lijkt. in 1906 schilderde hij jou op 'Im Abendkleid', wirklich sehr schön! Max was met de componisten Max Reger en Johannes Brahms bevriend. Hij werd heel vaak door Nicola Perscheid gefotografeerd en Max maakte Nicola bij de kunstenaars in Leipzig bekend. Jij vergezelde Max op zijn vele reizen en jij was zijn gastvrouw. Max kocht in 1903 in Grossjena, nabij Naumburg, een wijngaard met een wijnbouwershuisje, wat hij tot een gewoon woonhuis verbouwde, waar jullie de hectiek van Leipzig konden ontvluchten. Vanaf 1909 woonde jij op de Dufourstrasse 18 in Leipzig. In jouw salon ontving jij o.a. de schrijvers Franz Werfel, Walter Hasenclever en Kurt Pinthus. In 1911 heeft Max jou verlaten, toen jouw geestelijke gezondheid verslechterde. Hij ruilde jou in voor het 18-jarige model Gertrud Bock (1893 - 1932), met wie hij enkele maanden voor zijn overlijden op 5 juli 1920 in Naumburg trouwde. Nadat Max jou verliet, werd jouw financiële toestand barslecht. Jij moest jouw appartement verlaten en jij ging in pensions wonen. Vanaf 1912 begon jij ook poëzie te schrijven. Na het overlijden van Max probeerde jij een deel van zijn eigendom te krijgen, maar dat mislukte.

In 1917 verliet jij het appartement op de Dufourstrasse 18. Jij leefde in armoede en jij leed aan een geestelijk verval. Désirée, die voor de begrafenis van Max een tijd in Leipzig was, maakte geen nauwer contact met jou. In 1922 verscheen jouw dichtbundel 'Aufschrei. Frei Rhythmen' bij A.H. Payne in Leipzig. Het baatte niets. Jij was helemaal geïsoleerd en jij had geen contact met jouw Weense familieleden. In 1923 was jij werkloos en verwaarloosd en had jij leenschulden. Jij belandde in de psychiatrische kliniek van de Universität Leipzig. Jij zat 2 jaar in het ziekenhuis Leipzig-Dösen. Jij leefde van een pensioen en jij werd als arbeidsongeschikte ook nog eens als fraudeur bestempeld, omdat jij als één van de grootste schrijfsters werd beschouwd, waardoor er een schadevergoeding werd geëist. Jij bleef de rest van jouw leven in diverse psychiatrische klinieken. In 1926 ging jij naar Hubertusburg en daarna naar Colditz, wat in 1933 naar Bräunsdorf bij Freiberg werd verplaatst, een 'penitentiaire inrichting voor asociale en onwillige volwassenen' genoemd. Jouw zoon Theophil overleed in 1940. Walter Hasenclever pleegde op 22 juni 1940 zelfdoding in Les Milles met een overdosis Veronal. Hij wilde uit de handen van de nazi's blijven en hij werd 49 jaar. Jij overleed op 5 april 1941 in Bräunsdorf, waar jij door de nazi's bent vermoord, als slachtoffer van hun Aktion T4-programma. Jij werd 74 jaar. Op de begraafplaats in Bräunsdorf is in 2011 een gedenkstel voor jou geplaatst, ontworpen en gemaakt door Olaf Klepzig.

Schrijver: Sir Joanan Rutgers
27 mei 2022


Geplaatst in de categorie: idool

Er is nog niet op deze inzending gestemd. 58



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)