Inloggen
voeg je beschouwing toe

Beschouwingen

Door levensgevaarlijke somberheid overmeesterd

(voor Stanislaw Pietak (1909 - 1964))

Jij bent geboren op 3 augustus 1909 in Wielowies, nabij Sandomierz, in een boerenfamilie. In Dwikozy, nabij Sandomierz, is de schrijver Wieslaw Mysliwski geboren en in Sandomierz de schrijver Andrzej Sarwa. Jouw vader Karol Pietak was een timmerman/amateurschrijver en jouw moeder was Barbara Jadas. Zij was familie van de volksdichter/schrijver Ferdynand Kuras, geboren op 21 februari 1871 in Wielowies en overleden op 3 december 1929 in Karwin. Hij is in een arm boerengezin geboren en in 1905 verscheen zijn eerste dichtbundel 'Van onder het boerendak'. Met zijn vrouw Gertruda Wrykówna kreeg hij zes kinderen. In 1924 verscheen zijn memoiresbundel 'Door de doornen van het leven', met een voorwoord van de schrijver Stefan Zeromski. Ferdynand en Gertrude zijn in de parochiebegraafplaats in Dobranowice begraven.

In 1904 is jouw zus Maria geboren en in 1907 jouw broer Franciszek. Jouw oom Franciszek publiceerde zijn poëzie voor 1914. Jouw vader ging twee keer naar Amerika om geld te verdienen. Vanaf 1921 ging jij naar het J. Tarnouski Gymnasium op Dominikanska 7 in Tarnobrzeg. Jij studeerde Poolse studies aan de Jagiellonische Universiteit in Krakau. In 1929 debuteerde jij met een artikel in het universiteitsjeugdblad 'Znicz' over de Goral-schrijver/dichter Wladyslaw Orkan, geboren als Franciszek Ksawery Smaciarz (1875 - 1930). Op 29 september 1929 slaagde jij in Krakau voor jouw middelbare schoolexamens. In Krakau leefde jij vooral van de bijlessen, die jij gaf. Jij was vaak dakloos en jij had soms honger. Jij was erg depressief. In Krakau had jij contact met de artistieke gemeenschap, ten eerste met de futuristen en avant-garde. Jij bent met name door de avant-garde dichter/vertaler Julian Przybos en de Joodse avant-garde dichter/kunstcriticus Tadeusz Peiper beïnvloed. In 1932 heb jij vanwege ziekte en geldnood jouw studie verlaten en ging jij naar Wielowies terug. In 1934 verhuisde jij naar Warschau en werd jij geholpen door de avant-gardistische dichter/journalist/redacteur Jósef Czechowicz, de leider van de avant-garde en bohemiens in Lublin.

De homoseksuele Jósef is geboren op 15 maart 1903 in Lublin. Zijn vader overleed in 1912 door een ernstige geestesziekte. Zijn broer, de rechtenstudent Stanislaw, overleed door tuberculose. Jósef verhuisde in 1933 naar Warschau. Hij ondersteunde meerdere bevriende schrijvers. Hij was bevriend met de dichteres Anna Swirszczynska en de dichter Czeslaw Milosz, die in 1980 de Nobelprijs voor de Literatuur kreeg. Op 9 september 1939 was Jósef in een kapperszaak op de Krakowskie Przedmiescie-straat 46 in Lublin, toen hij door een bombardement is vermoord. In Warschau werkte jij als secretaris bij de Poolse Schrijversbond en voor jeugdtijdschriften. In 1937 verscheen jouw romandebuut 'De Jeugd van Jasia Kunefala'. In de zomer van 1939 ging jij naar Wielowies terug. Jij werkte samen met de partizanen, de Boerenbataljons en de gevechtsgroep 'Iedrusie' van Wladyslaw Jan Jasinski, die na verraad in januari 1943 samen met Marian Gorycki en Antoni Tos door de nazi's werd vermoord. Wladyslaw werd 33 jaar.

In mei 1943 werd jij gearresteerd en daarna verstopte jij jezelf voor de Gestapo. In 1943 ging jij naar Warschau en begin 1945 ging jij naar Krakau, waar jij voor kunstverenigingen werkte. In maart 1945 ging jij naar Lódz en in 1946 trouwde jij met Aleksandra Zofia Kosinska (1925 - 2016). Jij bekleedde hoge posten binnen de Unie van Poolse Schrijvers. Met Aleksandra kreeg jij drie zonen, o.a. op 17 mei 1953 in Lódz Piotr Pietak, die politicus/informaticus werd. In 1963 verscheen jouw 12-de dichtbundel 'Betoveringen' en in 1964 jouw 9-de roman 'Het Wisselkind'.
Op 27 januari 1964 pleegde jij zelfdoding. Jij sprong uit een raam in Warschau. Jij werd 54 jaar en jij bent in de Powazki Militaire Begraafplaats op de Powazkowskastraat 43-45 in Warschau begraven. Tadeusz Peiper is daar ook begraven.
Op jouw grafsteen staat een poëziefragment van jou: 'Wees welkom in mij, wierookgeur van wind en laaglandkruiden, die in mijn wezen stroomt, onsterfelijke aarde'.

Schrijver: Sir Joanan Rutgers
20 april 2026


Geplaatst in de categorie: idool

Er is nog niet op deze inzending gestemd.aantal keer bekeken 9

Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je e-mailadres voor anderen in beeld verschijnt)