Inloggen
voeg je beschouwing toe

Beschouwingen

Over engel zijn en wegkwijnen

(voor Francesca Woodman (1958 - 1981))

Jij bent geboren als Francesca Stern Woodman op 3 april 1958 in Denver, Colorado. Jouw protestantse vader was de keramist/schilder/fotograaf George Edgar Woodman, geboren op 27 april 1932. Hij studeerde aan de Harvard University en de University of New Mexico, waar hij een master in de schilderkunst behaalde. Jouw Joodse moeder was de keramiekkunstenares Elizabeth Abrahams, geboren op 14 mei 1930 in Norwalk. Zij studeerde aan de Alfred University. Zij ontmoette jouw vader in 1950 in een pottenbakkersklas in Boston. Jouw ouders zijn in 1953 getrouwd. Jouw broer Charles Woodman (1955) is een kunstenaar en emeritus hoogleraar elektronische kunst van de University of Cincinnati. Jouw vader doceerde schilderkunst en kunstkritiek aan de University of Colorado in Boulder.

Op jouw 13-de maakte jij jouw eerste fotografische zelfportret. Van 1963 tot 1971 ging jij naar de openbare school in Boulder, alleen de tweede klas deed jij in Italië, waar jullie als gezin vele zomers verbleven. Daar zag je veel beelden van naakte vrouwen. In 1972 ging jij naar de middelbare school van de Abbot Academy, een particuliere kostschool in Andover, Massachusetts, geopend op 6 mei 1829 en financieel gesteund door Sarah Abbot. In 1973 fuseerde de Abbot Academy met de Phillips Academy. De fotografe Wendy Ewald ging ook naar deze academie, net als de schrijfster/dichteres Julie Alvarez, de schrijfster Julie Constnce Fletcher en de kinderboekenschrijfster Harriette Newell Woods. Hier begon jij jouw fotokunst te ontwikkelen en in 1975 ben jij aan de Boulder High School op 1604 Arapahoe Avenue, met een art deco-aula, afgestudeerd. De school ligt ook aan het Boulder Creek Path, wat vaak overstroomde. Tot 1975 verbleef jij zomers in een oude boerderij nabij Florence. Zo kon je mooi de kunstschatten van Florence bewonderen.

Vanaf 1975 ging jij naar de Rhode Island School of Design (RISD) in Providence, in 1877 opgericht door Helen Adelia Rowe Metcalf op 7-14 North Main Street. Jij bent daar eind 1978 sfgestudeerd en Deane Lawson in 2004. David Byrne, Tina Weymouth en Chris Frantz van de Talking Heads studeerden er ook. In 1977 en 1978 studeerde jij in Rome. Jij sprak vloeiend Italiaans, wat jouw vriendschap met Italiaanse intellectuelen en kunstenaars vergemakkelijkte. In 1979 verhuisde jij naar New York City en in de zomer van 1979 was jij bij jouw vriend op de Pilchuck Glass School in Stanwood, opgericht in 1971 door de glaskunstenaar Dale Patrick Chihuly en de filantropen Anne en John Gould Hauberg. Terug in NYC wilde jij een versnelde carrière in de fotografie gaan maken. Jij stuurde portfolio's van jouw kunstfoto's naar modefotografen, ook naar Deborah Turbeville, maar niemand reageerde positief. In de zomer van 1980 was jij artist-in-residence in de MacDowell Colony in Peterborough, opgericht in 1907 door de componist Edward MacDowell en zijn vrouw, de pianiste Marian Griswold Nevins. Edward leed aan een seizoensgebonden affectieve stoornis, met de daaruit ontstane dementie, depressie en slapeloosheid. In 1904 werd hij overreden door een taxi, waardoor het sneller bergafwaarts met hem ging. Lawrence Gilman zei: 'Zijn geest werd als die van een klein kind. Hij zat stil, dag na dag, in een stoel bij een raam, glimlachte van tijd tot tijd geduldig naar degenen om hem heen.'. Hij overleed op 23 januari 1908 en hij werd 47 jaar.

De innerlijk en uiterlijk beeldschone beeldhouwster Helen Farnsworth Mears en haar zus, de schrijfster Mary Mears, waren de eerste gasten in de MacDowell kunstkolonie. Helen overleed op 17 februari 1916 in haar atelier op 46 Washington Square South in Greenwich Village door een hartaandoening. Zij werd 43 jaar. Ik noem haar beeld 'Death Uncovering Its Face and Showing It To Be Life' uit 1916. Jij maakte er kunstfoto's van jezelf. Eind 1980 werd jij zwaar depressief door het falen van jouw werk om de aandacht te trekken en door een verbroken liefdesrelatie. In de herfst van 1980 deed jij een poging tot zelfdoding en daarna woonde jij bij jouw ouders in Manhattan. Jij exposeerde in alternatieve ruimtes in Rome en New York. Jij bent beïnvloed door gotische fictie, het surrealisme, Duane Michals, 'Nadja' van André Breton, Man Ray, Deborah Lou Turbeville, Max Klinger en jouw vriend, de fotograaf George Lange, met wie jij samen foto's maakte, maaltijden at, experimenteerde, op verkenning ging en creëerde. George was een medestudent van de RISD, waar hij les kreeg van Harry Callahan, Aaron Siskind en Wendy McNeil, net als jij waarschijnlijk. Jullie hadden veel plezier tijdens het fotograferen. In 2019 exposeerde hij na 40 jaar foto's van jou en jullie vriendschap in het Denver Art Museum. Zoals jij naakt in een doorkijkjurk bij een fototoestel.

Jij maakte minstens 10.000 negatieven en jij gebruikte meestal middenformaatcamera's. Jij maakte ook korte videofilms, waarin jij naakt achter een stuk papier staat en jouw naam er aan de voorkant op zet, waarna je het papier kapot begint te scheuren en jij langzaam zichtbaar wordt. Of jij maakt jezelf wit met kalk, terwijl je poseert als een klassiek beeldhouwwerk en een schaduwplek achterlaat. Jij maakte ook enkele kunstboeken, zoals in januari 1981 'Some Disordered interior Geometries', met 16 foto's en handgeschreven notities. Dit was het enige boek dat tijdens jouw leven verscheen. Het lijkt een hint naar de borderline personality disorder, waaraan jij leed. Jij huurde een loft in de Lower East Side van Manhattan. Jij werd ooit uit het Museum of Natural History gezet, omdat jij jezelf naakt met de dieren wilde fotograferen. Je was ook bevriend met Sloan Rankin, die medestudente van de RISD was. Jij zocht vergetelheid, zoals jij oploste in jouw foto's, een alarmerende voorbode voor de egocentrische selfiescultuur. John Henskall zegt: Ze heeft ons een zelfmoordbriefje nagelaten in de vorm van een decennium fotografie.'. Dat impliceert dat jij jouw extreme foto's maakte vanuit jouw doodsdrift en schemergebied, bij het gevoel niets meer te hebben om te verliezen.

Op 19 januari 1981 pleegde jij zelfdoding door uit een zolderraam van jouw woongebouw op de East Side van Manhattan te springen. Jij was wel in therapie geweest, wat enige verbetering van jouw zware depressie had aangebracht. Jij had tevergeefs een aanvraag voor financiering van de National Endowment for the Arts aangevraagd, de reactie op jouw fotowerk was maar matig en jouw liefdesrelatie was mislukt. Jij hebt jezelf onder een veel te grote druk om maar 'groots' te presteren gezet, jij was overspannen en psychotisch. Er is jou niet geleerd om jouw geniale kunstzinnigheid over de tijd uit te smeren, om rijpingsprocessen aan te gaan. Het vraatzuchtige maatschappijmonster eiste alles ineens. Jij werd 22 jaar. Jij liet ruim 800 foto's na, vaak in huis of in vervallen en verlaten ruimtes gemaakt. Jouw familie heeft het grootste gedeelte van jouw kunstfoto's niet willen vrijgeven. Op 18 januari 2011 verscheen de zwartwitdocumentaire 'The Woodmans' (82 minuten) van de regisseur C. Scott Willis, die toegang kreeg tot alle foto's, privédagboeken en experimentele video's.

Op de cover van de tentoonstellingscatalogus 'Om att vara en ängel' van Moderna Museet uit 2016-2017 staat de van bovenaf genomen foto van jou, waarop jij ons aankijkt, met de armen als engelenvleugels naar achteren gespreid. In 1977 verscheen deze foto al in jouw fotoserie 'On Being an Angel', met 102 foto's. Ook op deze foto sta jij naakt, al zie je alleen jouw blote borsten en op een aseksuele manier, wat het extra mooi maakt. Onder het origineel staat: 'on being an angel nr. 1'. Net als Magritte gebruikte jij witte lakens in jouw fotokunst. Je vervaagde steeds meer, als in een derwisjdans of als een spookgestalte. Jouw vader overleed op 23 maart 2017 en jouw moeder overleed op 2 januari 2018.

Schrijver: Sir Joanan Rutgers
11 april 2022


Geplaatst in de categorie: idool

5.0 met 2 stemmen 42



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)