Inloggen
voeg je beschouwing toe

Beschouwingen

Levenslang verliefd op de harp

(voor Henriette Renié (1875 - 1956))

Je bent geboren op 18 september 1875 in Parijs. Jouw vader was Jean-Émile Renié, een zanger, acteur en schilder. Hij was lid van de Parijse Opera. Jouw moeder was Gabrielle Mouchet, nauw verwant met de meubelmaker Jacob Desmalter. Je had vier oudere broers, waarvan de jongste François doof en slecht ziend was. Voor jouw vijfde speelde jij piano met jouw oma. Toen jij met jouw vader in Nice een concert van de Belgische harpist/componist Alphonse Hasselmans beluisterde, kreeg jij de smaak van harpmuziek te pakken. Op jouw achtste begon je harples van Hasselmans te krijgen. Om de voetpedalen te kunnen gebruiken verzon jouw vader verlengingen.

In 1885 ging jij naar het Conservatorium van Parijs en op jouw tiende won jij een tweede prijs, al was het publiek voor de eerste prijs, maar de directeur/componist Ambroise Thomas wilde jou niet kwijtraken. Op jouw elfde won je de Premier Prix en speelde je o.a. voor koningin Marie Henriette van België, prinses Mathilde Bonaparte en de keizer van Brazilië. Op jouw twaalfde wilden velen jou als harplerares. Op jouw 13-de volgde je harmonielessen aan het conservatorium en in 1891 won je de Prix de Harmonie. In 1896 won je de Prix de Contrepoint Fugue et Composition. Je werd door jouw leraren Théodore Dubois en Jules Massenet gestimuleerd om te componeren. Jouw debuutcompositie 'Andante Religioso' verscheen en je had jouw eerste solo-optreden.

Als tiener ging jij 's zomers naar de kustplaats Étretat met de mooie krijtrotsen en natuurlijke boogrotsen. In jouw tienertijd was de dochter van Hasselmans, Marguerite, jouw leerlinge en enige vriendin. Zij werd een concertpianiste en ze was jarenlang de minnares van Gabriel Fauré. De dirigent/componist Henri Rabaud wilde graag met jou trouwen, maar dat weigerde jij. Monsieur Harpe kreeg het ja-woord. Je was goed bevriend met de componist/dirigent Camille Chevillard en vooral met zijn bijna blinde vrouw, de zangeres Marguerite Lamoureux, de dochter van de dirigent/violist Charles Lamoureux. Marguerite Lamoureux heeft jou geestelijk beïnvloed. Door jouw composities voor de harp inspireerde jij o.a. Gabriel Pierné, Claude Debussy en Maurice Ravel.

Jouw harpsolo 'Légende' uit 1903 is geïnspireerd door het gedicht 'Les Elfes' van Leconte de Lisle. Jij zorgde ervoor dat de 11-jarige Marcel Grandjany naar het conservatorium kon, ondanks de tegendruk van de jaloerse Alphonse Hasselmans, die toen minder beroemd dan jou was. Op zijn 13-de won Marcel de Premier Prix. Hij werd harpleraar aan de Juilliard School in New York City en de Manhattan School of Music. In 1907 verscheen jouw 'Ballade fantastique' voor harpsolo, gebaseerd op het korte verhaal 'The Tell-Tale Heart' uit 1843 van Edgar Allan Poe. In 1910 verschenen 'Scherzo-fantaisie pour harpe (ou piano) et violin' en 'Six pièces pour harpe'. In 1911 verschenen 'Danse des Lutins' voor harp en 'Deuxième ballade'. In de Eerste Wereldoorlog gaf je harplessen en liefdadigheidsconcerten voor noodlijdende kunstenaars. In 1919 verscheen 'Six pièces brèves' voor harp en n 1920 'Deux pièces symphoniques' voor harp en concert.

Je was bevriend met jouw leerlinge Marie-Amélie Regnier en haar familie. Marie-Amélie was getrouwd met de ingenieur Georges Pignal. Jij was de peetmoeder van hun dochter Françoise, die vaak bij jou was. In 1923 hielp jij de moeder van Marie-Amélie, Louise Regnier, een huis kopen en kort na het overlijden van jouw moeder ging jij ook in dat huis wonen, samen met jouw broer François. In 1926 maakte je opnames voor Columbia Records en Odéon. Je had veel succes, maar door de uitputting weigerde je nieuwe opnames. Je raakte vermoeid en overbelast. Louise overleed in 1934. Marie-Amélie werd vijandig en ze probeerde François en jou het huis uit te krijgen. Gelukkig nam Françoise het voor François en jou op en reed je soms bij haar achterop de motor. In 1946 publiceerde je op verzoek van jouw uitgever Alphonse Leduc 'Méthode Complète de Harpe', over harptechniek en harpmuziek.

Je kreeg last van ischias, neuritis, bronchitis, longontsteking en spijsverteringsinfecties, maar je bleef lessen en concerten geven, verdoofd door veel kalmerende middelen. Je overleed op 1 maart 1956 in Parijs en je werd 80 jaar.

Schrijver: Joanan Rutgers, 1 mrt. 2020


Geplaatst in de categorie: idool

Er is nog niet op deze inzending gestemd. 27



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)