start toeval vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Categorieën:

actualiteit (132)
adel (13)
afscheid (115)
algemeen (329)
bedankt (25)
biologie (13)
dieren (237)
discriminatie (39)
drank (48)
economie (23)
eenzaamheid (179)
emoties (168)
erotiek (68)
ex-liefde (63)
familie (107)
feest (38)
film (3)
filosofie (136)
fotografie (6)
geboorte (23)
geld (33)
geschiedenis (28)
geweld (45)
haiku (5)
heelal (38)
hobby (28)
humor (376)
huwelijk (40)
idool (42)
individu (59)
internet (31)
jaargetijden (53)
kerstmis (77)
kinderen (170)
koningshuis (21)
kunst (48)
landschap (15)
lichaam (39)
liefde (256)
literatuur (351)
maatschappij (151)
mannen (34)
milieu (12)
misdaad (119)
moederdag (11)
moraal (98)
muziek (40)
natuur (91)
oorlog (107)
ouderen (16)
ouders (37)
overig (128)
overlijden (77)
partner (55)
pesten (28)
planten (13)
politiek (50)
psychologie (105)
rampen (55)
reizen (134)
religie (143)
schilderkunst (20)
school (61)
sinterklaas (17)
sms (5)
songtekst (1)
spijt (26)
sport (80)
sterkte (2)
taal (42)
tijd (54)
toneel (10)
vaderdag (1)
vakantie (83)
valentijn (4)
verdriet (86)
verhuizen (13)
verjaardag (17)
verkeer (39)
voedsel (45)
vriendschap (84)
vrijheid (60)
vrouwen (88)
welzijn (53)
wereld (34)
werk (94)
wetenschap (18)
woede (60)
woonoord (87)
ziekte (148)

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 5302):

Na de finale nog even relaxen

Vader Verschuur deed open en begroette me hartelijk. In de lange gang vol kunstzinnige kostbaarheden botste ik tegen de vriend van Nelleke op. Hij heet Pieter Tollenaar en ik kneep hem net even te hard in zijn zweethand.

In de woonkamer lag Lodewijk inderdaad languit op de leren bank en ik kreeg meteen een verwijtende blik over mij heen. Moeder Verschuur vroeg of ik trek in een drankje had en ik bestelde een glas witte port. Terwijl ik in een fauteuil wegzakte, vroeg ik Lodewijk of hij nog pijn van zijn hoofdwond had. 'Natuurlijk, wegloper, maar vooral in mijn hart!', beet hij van zich af.
'Je gaat me toch niet al die ellende in de schoenen schuiven hé, want dan vertrek ik meteen!'
'Komaan zeg, dat is maar scherts, kerel, ik baal gewoon enorm van die teringtrut, die mij deze lage streek geleverd heeft!'
'Dat snap ik, ik zou ook enorm balen!'
'En ik was zelfs te teut om van de wip te kunnen genieten!'
'Zag je die hamer dan niet aankomen?'
'Ik zég toch, dat ik te teut was!'.
Terwijl moeder Verschuur mij een glaasje port gaf, kwamen Nelleke en Pieter de woonkamer in.

Ik voelde een agressieve gespannenheid opkomen en dus leegde ik snel het glas port, dat moeder Verschuur snel weer aanvulde en ik even snel weer ledigde. Ze zette de fles port maar naast mij neer. Ik moest toezien hoe die kwijlbal van een Pieter door het mooie, blonde haar van Nelleke zat te strelen en hoe zij elkaar na wat gegrinnik een kus gaven.
'Hoe gaat het op je werk?', vroeg Nelleke vlak daarna. 'Mijn werk?, goed, kan niet beter, genoeg aanloop en kopers!', pochte ik. 'O, wat doe je voor werk?', vroeg die verwende mazzelhaan. 'Antiek en curiosa!', zei ik bijna aanvallend, 'de zaak van mijn vader overgenomen, dus het was totaal onnodig om professor in de psychologie te worden!'.
Na een halve fles port nam ik afscheid en ik beloofde morgen terug te komen voor de finale van Nederland tegen Australië.

Die volgende dag was ik net op tijd voor het begin van de hockeywedstrijd, want ik wilde het contact met de gelukzalige tortelduifjes vermijden. Lodewijk lag nog steeds zwaargewond languit, maar hij kon op zijn zij liggen, waardoor hij de wedstrijd goed kon volgen. De ouders Verschuur waren fysiek bij de wedstrijd aanwezig en het verliefde paartje zat aan elkaar geplakt op een grote stoel.
Bij het eerste doelpunt van Maartje Paumen gingen we alle vier uit ons dak en Lodewijk vroeg Nelleke om twee flessen champagne uit de wijnkelder te halen, wat ze deed. Zo kon ik even goed naar mijn rivaal kijken, die mijn roofdierogen niet eens opmerkte en bijna in zijn glas bier verdronk. Nelleke ontkurkte even later de champagneflessen en we klonken uit van die smalle, hoge glazen.
Na het tweede doelpunt van Kim Lammers waren we helemaal in de zevende hemel en bestelde Lodewijk vier champagneflessen bij Nelleke. Wat was het heerlijk om onze hockeydames in hun oranje jurkjes te zien dansen van vreugde! Lodewijk en ik huilden van vreugde, terwijl Nelleke en Pieter zoenden en even later naar een geheim plekje schreden. Door mijn vreugde heen kwam er een vreselijk jaloerse blik los. Ik stond op ontploffen, maar ongekend veel hulde voor onze frisse hockeydames, die glansrijk wereldkampioen zijn geworden!...

Nadat ik van Lodewijk afscheid had genomen, reed ik met mijn Jaguar nog wat rondjes door de Haagse binnenstad. De drank en de zege van de hockeydames hadden me erg onrustig gemaakt. Ik keek in het autospiegeltje en ik zag dat mijn ogen er erg verwilderd uitzagen. Desondanks parkeerde ik mijn auto langs een gracht en liep ik via het werkadres van koning Willem naar een gezellig café, waar ik meteen een dubbele whisky bestelde. 'Welk merk?', vroeg de barkeeper. 'Doe maar Jack!', zei ik. 'Michael Jáckson schenken we hier niet!' en de lolbroek knip-oogde.

Ik ging op een onopvallende plek zitten en na nog meer whisky zag ik ineens Kim Lammers aan een tafeltje zitten. Volgens mij zat ze daar echt, daar durfde ik vergif op innemen. Als ex-hockeyster was ze natuurlijk ook van plan om diep door te zakken, dacht ik. Ik waggelde naar haar toe en ik nam ongevraagd plaats aan haar tafeltje. 'Gefeliciteerd met je overwinning!', schreeuwde ik. 'Bedankt!', zei ze. 'Wil je wat van me drinken?', vroeg ik. 'Doe maar een whisky-on-the-rocks!', zei ze resoluut. Dat wist ik voor haar te versieren en ik dommelde bij momenten zorgwekkend weg.

'Wil je mijn woning zien?', vroeg Kim, ja, volgens mij Kim. 'Maar natuurlijk wil ik dat!', zei ik stomdronken, 'wat een eer, zeg!'. Ik liep met haar straat in, straat uit en uiteindelijk belandde ik in een peeskamertje van vier bij vier, waar ze me uitkleedde en afwerkte. Daarna had ik nog vage beelden van het moeizaam aankleden en hoe ik met mijn gezicht op een stoeprand viel. Onbekenden hebben mij in een portiek neergelegd, waarin ik de volgende ochtend ontwaakte. Er zat een enorme jaap in mijn kin, die erg bloedde. Een barmhartige mevrouw gaf me koffie en croissants met graskaas. Mijn mobieltje was kwijt, dus mocht ik wel even bij die aardige vrouw bellen. Ik voelde dat mijn beurs niet meer in mijn achterzak zat. Zelfs mijn autosleutels zaten niet meer in de binnenzak van mijn jas.

Ik belde Lodewijk. 'Met Lodewijk!', zei hij. 'Lodewijk, er is mij ook iets ergs gebeurd, ik ben bestolen, beurs, telefoon en autosleutels!', riep ik in paniek, 'ik ga nu meteen kijken of mijn auto er nog staat en ik bericht je, okay?'. Na een afmattende wandeltocht kwam ik bij de plek, waar ik mijn Jaguar had achtergelaten. Daar stond nu een BMW, die op dat moment juist werd dicht geklikt door een keurige ambtenaar, die om negen uur op zijn kantoor moest zijn. Via een rare kronkelgedachte dacht ik even dat Lodewijk mij dit uit wraak geflikt heeft.
Sindsdien ben ik zeker minder idolaat van hockeysterren.

Schrijver: Joanan Rutgers, 15-06-2014



Geplaatst in de categorie: misdaad

Deze inzending is 74 keer bekeken

Er is nog niet op deze inzending gestemd.



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)