start toeval vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Categorieën:

actualiteit (129)
adel (13)
afscheid (115)
algemeen (329)
bedankt (25)
biologie (13)
dieren (237)
discriminatie (38)
drank (48)
economie (22)
eenzaamheid (178)
emoties (167)
erotiek (68)
ex-liefde (63)
familie (107)
feest (38)
film (3)
filosofie (136)
fotografie (6)
geboorte (23)
geld (32)
geschiedenis (28)
geweld (45)
haiku (4)
heelal (38)
hobby (28)
humor (376)
huwelijk (40)
idool (42)
individu (59)
internet (29)
jaargetijden (53)
kerstmis (77)
kinderen (170)
koningshuis (21)
kunst (48)
landschap (15)
lichaam (39)
liefde (256)
literatuur (351)
maatschappij (151)
mannen (34)
milieu (12)
misdaad (118)
moederdag (11)
moraal (97)
muziek (40)
natuur (90)
oorlog (107)
ouderen (16)
ouders (37)
overig (128)
overlijden (75)
partner (55)
pesten (28)
planten (13)
politiek (50)
psychologie (105)
rampen (55)
reizen (132)
religie (143)
schilderkunst (20)
school (61)
sinterklaas (17)
sms (5)
songtekst (1)
spijt (26)
sport (80)
sterkte (2)
taal (42)
tijd (54)
toneel (10)
vaderdag (1)
vakantie (83)
valentijn (4)
verdriet (86)
verhuizen (13)
verjaardag (17)
verkeer (39)
voedsel (45)
vriendschap (82)
vrijheid (59)
vrouwen (87)
welzijn (52)
wereld (35)
werk (94)
wetenschap (18)
woede (61)
woonoord (87)
ziekte (147)

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 5921):

Mijn naam is Serpent

Mijn naam is Serpent (1)

Ik weet wat tolerantie is. Ik heb geleefd onder ondraaglijke omstandigheden. Onder het juk van dictators. In de tijgerkooien van Vietnam. Diep in de gewelven van de Aarde waar geen licht doordringt, waar de lucht bedorven is, waar de ratten 's nachts over mijn gezicht liepen op zoek naar etensresten of lichaamsvocht.
Ook werd ik gemarteld om geheimen los te laten die mijn familie en vrienden in gevaar zouden brengen. Het maakte niet uit of ik iets wist, iets zei, niets zei, zweeg, gilde van de pijn, of ik kon lopen, kruipen of gedragen moest worden.
Gebroken botten helen langzaam en maken dat ik loop als een krab of vogelspin. Mijn lichaamsfuncties werken nog voldoende om mezelf te redden.

Dat heb ik altijd gedaan: mezelf redden, vanaf het begin, toen m'n vader zich ophing aan de bovenstang van de schommel en m'n moeder geestelijk instortte. Ik was snel, gewiekst en had geleerd te anticiperen op naderende moeilijkheden.
De politie wist ik altijd voor te blijven of te ontlopen, omdat ik wist hoe dienders dachten. In patronen, in voorgekauwde stramienen, in rechtlijnige logica die geen vat kreeg op de grillen van de sprinkhanen van deze wereld.

Dit was nog in de tijd dat de wereld gemoedelijker was, maar niet perse vriendelijker. Of veiliger. Het was anders. De mensen waren authentieker. Authentieker dom, authentieker briljant of origineel, maar ook authentieker eigenzinnig.
Dat kon nog. Eigenzinnigheid was niet meteen verdacht. Behalve als het overkwam, dat eigenzinnige, als onbetrouwbaar, dan kon een hele gemeenschap zich tegen iemand keren en dreigde er geweld.
Er was nog geen tv. Wel telefoon, radio, elektriciteit natuurlijk, maar niets van die apparatuur die we vandaag als gewoon ervaren was doorgedrongen tot onze gemeenschap.
Ons stadje van achtduizend inwoners was een kenbare grootheid. Includerend, omarmend, ook voor degenen die aan de randen van onze overtuigingen hun nering beoefenden.
Niets is gevaarlijk of bedreigend waarvan je de oorzaak of de omvang kunt begrijpen. Is dat waar? Voor ons gold dat wel.
Ook de kleine crimineel had een plaats in de gemeenschap. Al zat hij af en toe even in het politiehotel.
Het louche cafe dat op de hoek bij het Kruiswater stond was overdag veilig genoeg. De criminelen die daar bij elkaar kwamen, deden dat op andere tijden. Als je dan langskwam moest je verdomd goed oppassen. En wegwezen als je kon. Die schurken waren doortrapt. Slim op een uitgekookte manier. Koud en berekenend, vanwege hun gebrek aan morele remmingen. Ze zagen er niet tegenop om een arm of been te breken als dat nodig was. Ook als dat niet nodig was en er alleen maar argwaan speelde. Daar moest je je niet mee bemoeien. Wegwezen.
Het beste was anonimiteit. Ongezien zijn. Onzichtbaar. Onhoorbaar en onmerkbaar. Daar werd ik goed in. Maar altijd moest je wakker zijn. Als een kat wanneer die slaapt. Oren open, instinct op alert, vooruit denken, scenario's bedenken, oefenen om te kunnen sluipen, klimmen, rennen, ongemerkt iets meepikken, vals alarm geven zodat je vrienden een streek konden uithalen.
Altijd klaar om een onbekende richting te kiezen. Elektrisch. Op hoogspanning van binnen.

Je leerde van je vrienden en je waaghalzerijen. Als je op het dak klom. Over een hek sprong. Een raampje insloeg en het geluid maskeerde met een ander geluid. Alles was interessant, je kon van alle dingen leren.
Hoe je in een nauwe steeg tussen twee wanden omhoog kon klimmen.
Hoe je bepaalde stofjes die je kocht bij de drogist kon mengen voor bepaalde effecten: kleine ontploffingen, felle gekleurde vlammen, het oplossen van metalen, rookeffecten, stank. Heel leerzaam. En bruikbaar. Je wist nooit wanneer het van pas zou komen. In deze leertijd verwierf ik mijn schuilnaam: Serpent. Ik zal u vertellen hoe dat ging...

Schrijver: Ton Hettema, 29-05-2016



Geplaatst in de categorie: misdaad

Deze inzending is 108 keer bekeken

4/5 sterren met 7 stemmen.



Er zijn 2 reacties op deze inzending:

Naam:Gabriëla Mommers
Datum:30-05-2016
Bericht:Wow, Ton, dit belooft een spannend avontuur te worden.. ga vooral door!

Naam:An Terlouw
Datum:30-05-2016
Bericht:Ton, ( lieve Ton haha) dit is heel wat anders en ik kijk met gepast ongeduld uit naar Serpent 2. Graag gelezen


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)