Inloggen
voeg je verhaal toe

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 6678):

De bruine buschauffeur van Bussum

In Villa Gratia aan de Koningslaan 2A in Bussum is het hommeles. De weduwe Gerdien Verstraten pikt het niet langer, dat haar kamerhuurder Kesi Jaja tot laat in de nacht aan het trommelen is. 'Na tienen mogen we elkaar in Nederland geen overlast meer bezorgen!', zegt een gigantisch kwade Gerdien tegen de Afrikaanse busschauffeur Kesi, die met angstige ogen naar haar kijkt. 'Soms heb ik dat nu eenmaal nodig om mezelf weer in balans te krijgen', antwoordt hij, 'die busritten zijn soms slopend voor mijn gestel!'. 'Dan ga je maar naar een psycholoog of je neemt ander werk, maar je valt mij er niet mee lastig!', foetert Gerdien, 'of denk je soms dat je hier in de rimboe woont?'. 'Ik begrijp dat u boos bent, mevrouw, maar soms slaan bij mij de stoppen door en dan wil ik me even lekker afreageren!', zegt Kesi, 'toch ga ik mij voortaan aan de Nederlandse wet houden en trommel ik na tienen niet meer!'. 'Dat is mooi, liever heb ik helemaal geen getrommel meer, maar dat vind ik zelf ook weer te ver gaan en bovendien, eerlijk gezegd, vind ik het wel eens een aangename afwisseling, dus allez, zand erover en even goede vrienden!', zegt Gerdien, 'kom, ik ga een pot thee zetten met wat lekkers erbij om de opgeloste onenigheid te vieren!'. 'Een goed idee, mevrouw Gerdien!', zegt Kesi opgelucht, 'ik was al bang dat u me op straat zou zetten!'. 'Dat zou ik echt nooit zo gauw doen, Kesi, daarvoor moet er nog wel heel veel meer gebeuren!', zegt Gerdien op een milde, geruststellende toon. Ze geven elkaar een hand en ze gaan gezellig thee drinken, terwijl Gerdien er twee gevulde koeken bij serveert. 'Hoe is het met jouw vriendin Esther Tuinstra, zie je haar nog wel eens?' 'We zijn laatst samen naar het Rijksmuseum geweest, was supergezellig en veel moois gezien, ook die Nachtwacht, waar ze mee aan het knutselen zijn!' 'Fijn hé dat we daar weer gewoon naartoe kunnen, nou maar hopen dat die tweede golf uitblijft en anders moeten we maar leren surfen!' 'In Afrika surfde ik op hoge oceaangolven!' 'Wauh, dat lijkt mij echt helemaal te gek!' 'Is het ook, maar er is wel eens iemand door een haai gegrepen en dat is minder leuk, het enige wat resteerde was een rode vlek in het wilde zeewater!' 'Heb je dat gezien?' 'Gezien ja, het was mijn vriend Barack, jarenlang surfden we samen en toen ging het helemaal mis voor hem!' 'O, Kesi, wat erg voor jou en voor hem natuurlijk, hier, neem mijn gevulde koek ook maar, als je ouder wordt, heb je minder trek!' 'Dank u wel, mevrouw Gerdien, ik vind ze namelijk erg lekker!', zegt Kesi verheugd. 'En ik vind jou erg lekker, knappe kerel die je er bent!', denkt Gerdien, terwijl ze de theepot nog eens vult en in de keuken even onder haar rok krabt. 'Ik zou best eens door hem lekker verwend willen worden', denkt ze, 'maar foei! Gerdien, 100 weesgegroetjes voor jou! Bovendien heeft hij Esther en wat moet hij met zo'n oude, onhandige en onzekere tang!'. Na de theesessie gaat Kesi naar Villa Flora aan de Lindelaan 11, waar Esther woont. 'Neem haar gerust weer eens mee!', roept Gerdien nog.

Het huis van Esther hangt vol met hasj- en wierookgeuren, terwijl zij een zijden, doorzichtige jurk draagt. 'Oeff!, een kleine ruzie met de huisbazin gehad!', zegt Kesi, 'maar het is weer goed gekomen!'. 'Vertel me er maar niks over, want ik zit in de meest perfecte sferen en dat wil ik graag zo houden!', reageert Esther, 'ook een jointje?'. 'Nou, maar wat graag na al die sores, maar daar zouden we het niet over hebben!' 'Relax man, pak me dan als je kan!', roept Esther opgewonden en speels, terwijl ze naar boven rent. 'Kan ik hier geen kamer huren?' 'Dat kan, oude bosneger, maar dat wil ik niet hebben!' 'Ik ben maar enkele jaren ouder en een trotse bosjesman, die jou nu gaat vangen!' 'Durf je wel, weerloze blanke vrouwen tot jouw sexslavinnen maken?' 'Hier jij, dan mag je mijn kano roeien!' 'Is dat Afrikaans voor dan mag je met me neuken?' 'Bah! wat ben jij grofgebekt! Je hebt het wel tegen een heer van stand hé!' 'O, pardon, monsieur, zou u zo vriendelijk willen zijn om mij het hof te maken?' 'Indien u daar op staat!' 'U zou mij daarmee van grote dienst zijn, kasteelheer Kesi!' 'Is dit uw nachtvertrek, madame?' 'Jazeker, edele heer, en dit hier is mijn bedstede, waarin ik graag met u vertoef!' 'O, maar madame, ik heb mijn slaaptenue niet bij mij, is dat bezwaarlijk?' 'Kom hier, sukkel, en grijp me voor ik verwelk!', roept Esther tenslotte. Het chique bed kraakt en piept, de vloer beweegt mee met hun vurige liefdesspel. De kroonluchter aan het plafond in de kamer eronder schudt heen en weer en tingelt. Ze kreunen en puffen tot ze een ons wegen. Na hun climaxen blowen ze nog wat na. 'Wat vond je nou van die Black Lives Mather hetze? Echt een overdreven opwelling of niet soms?', vraagt Esther. 'Alsof we dat nog niet wisten, inderdaad achterlijke nonsense!' 'En dan dat politiek correcte, brave praatprogramma van die Margriet van der Linden, dagenlang nodigde ze alleen maar van die negroïde mokkers uit, van die humorloze zuurpruimen met steevaste minderwaardigheidscomplexen en oppervlakkige prietpraat!' 'Collectieve hysterie, die hun individuele sores maskeert!' 'Laat ze eerst maar eens de innerlijke weg aflopen!' 'Maar die Van Agt en Terlouw waren wel goed, gaat Nederland nou een deel van die 500 kinderen opnemen of niet?' 'Ik weet het niet, kanjer, wil je me nog een keer verwennen, ik heb geloof ik al weer een reuzetrek!' 'Rustig aan, dame, ik ben geen machine!'.

De volgende dag is Kesi in een opperbeste stemming en rijdt hij zijn dagelijkse busritten. Bij een bushalte in Naarden staat een groep dronken jongeren, die met de bus mee willen. Niemand draagt een mondkapje. Het is Kesi's laatste rit voor vandaag en hij is hondsmoe. Een deerne met opvallend halfblote borsten en een mondkapje met liefheersbeestjes erop mag doorlopen. Een blinde man met een soort herdershond ook. 'Hé blinde! Wij willen ook mee!', schreeuwt één van de opgeschoten jongeren. 'Dat zal helaas niet gaan, want jullie dragen geen mondkapjes!', zegt Kesi zo rustig mogelijk. 'Moet dat dan van jou, aap in een pakkie?', vraagt een jongeman met getatoeëerde gorilla-armen en een petje achterstevoren. 'Zou je de bus willen verlaten, jongeman?', vraagt Kesi vriendelijk, maar met een zekere irritatie. 'Geen denken aan, buspiet, dit land is van ons en wij bepalen hier de regels!', roept een besnorde dikzak met een half liter bierblik in zijn hand. 'Of denkt meneer soms dat hij ons etnisch kan profi-fileren?', zegt weer iemand anders, die duidelijk straalbezopen is. Uit de radio klinkt 'Geen Wedstrijd' van Akwasi & Bizzey. 'En zet die fucking radio uit, imbeciel!', schreeuwt de dikke snorremans. En nou is het genoeg geweest! Alle blanken zonder mondkapjes nu direct mijn bus uit en verder geen gezeur!', schreeuwt Kesi woedend. 'Iedereen naar binnen!', schreeuwt diegene met de gorilla-armen en dat is wat er dan ook gebeurt. 'Rijden, oude! Plankgas met die klotenbus of anders neem ik het stuur wel over en trappen we jou eruit!', schreeuwt een asociaal wijf met zwabberende hangtieten. 'Zeg, Klara, wil je niet aan zijn versnellingspook zitten!', schreeuwt de dikzak, die met zijn schoenen in de nek van de deerne met het lieveheersbeestjesmondkapje zit te klieren. 'Nou zeg, waar wacht je op, nikkertje, vort met de geit!', roept de dikzak, die zoengebaren naar de deerne voor hem maakt, omdat die met boze ogen naar hem zit te kijken. Kesi besluit de politie te bellen, maar dat pikt die straalbezopen jongeling niet, die meteen een joekel van een mes trekt en daarmee de keel van Kesi helemaal open rijt. Het bloed spuit tegen het voorraam. Alsof het een Karel Appel betrof. De bende dronkelappen ontvluchten de bus zo snel ze kunnen. De blindemanshond begint indringend te blaffen en de deerne belt meteen een ambulance. Ze ziet hoe de laffe moordenaar en zijn valse kornuiten door de weilanden rennen tot ze uit het zicht verdwenen zijn. Voor Kesi komt de ambulance te laat. Hij was al overleden. Op het dashboard staat een foto van een lachende Esther. In Villa Gratia laat Gerdien zomaar een kop hete thee uit haar handen vallen. 'O, mijn God, wat een ellende!', verzucht ze.

Schrijver: Joanan Rutgers
24 jun. 2020


Geplaatst in de categorie: misdaad

3,5 met 2 stemmen 39



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)