Inloggen
voeg je verhaal toe

Verhalen

Opportunist (1)

Ze zaten met zijn drieën op de groene bank in het gemeentepark. Het goede weer was van de partij en de hete zon deed deugd aan de oude knoken van de 70-plussers. Hun versleten ogen gaven ze de kost. Kleurrijke tafereeltjes waaronder die van de jonge moeders die van het hoge klimwerk van hun spruiten zichtbaar genoten hoewel ze voor hen, de ouderen, eerder als gevaarlijk becommentarieerd werden. Een oude dame – moeilijk ter been, het dient gezegd – met een nog ouder hondje aan de lijn, sukkelde hen voorbij. Jef gooide een pic-nicske naar het “gammele” dier dat – eigenaardig toch – met een slinkse reflex het koekje naar binnenhapte.

- “Kijk,” zei Tuur, “een opportunist. Hij profiteert er toch maar van hoewel hij niet vooraf wist dat het koekje voor hem bestemd was. Hij slokt het naar binnen en knikt niet eens “dank je”.

- “Inderdaad”, zei Jef, “van een opportunist mag je dat ook niet anders verwachten.”

Hierop gingen ze verder op dat moeilijke woord verder in.

–“Je vindt ze overal, die opportunisten, die kameleons”, meende Octaaf, de derde man. Heb destijds een dergelijke voetballer gekend, een formidabele snelle “uiterst rechts” maar kon géén goal maken maar des te meer een aanzet geven voor een ploegmaat die veelal efficiënt besloot. Maar toch heb ik hem één à twee keren een werkelijk mooi doelpunt weten maken met zijn hiel. De massa supporters prees hem de hemel in. In de sportkrant hadden ze het de volgende dag over hem als de opportunistdoelpuntenmaker.”

- “Over de politici gaan we het hier niet hebben, hé”, zei Jef, “want dat zijn de reinste opportunisten”. Iedereen knikte.

- “En wat gedacht van de onze vriend Reinaert, de vos? Da’s hét voorbeeld van dé opportunist. Die pakt her en der kippen en ander lekkers dat hem voor de voeten loopt,” wijsgeerde Octaaf, “hij bijt ze dood en eet ze niet eens op!”

De drie wijzen boomden maar verder en verder. De voorbeelden waren talloos.

Tot Jef een verhaaltje aansneed over een moederke die op een mat een yogaoefening aan het doen was. Ze was gekleed met broek en T-shirt en boog langzaam voorover om uiteindelijk op haar hoofd en voorarmen te steunen. Traag bracht ze daarna de lange benen in de lucht omhoog stevig haar evenwicht bewarend. Vervolgens spreidde ze de benen wijd open tot in horizontale stand. Een zeer prachtige houding. Toen kwam haar kleine hummel van – geschat een maand of acht, negen – op handen en voeten uit een andere kamer gekropen. Hij bezag dat eigenaardige figuur, dat daar voor hem opdaagde, benaderde het voorzichtig en bekeek moeders snoet omzichtig. Vervolgens trok hij haar T-shirt naar beneden waarop hij zich feilloos laafde aan de natuurlijke levensbronnen die zijn moeder te bieden had.

De twee anderen luisterden geboeid, glimlachten, wisselden begrijpende blikken uit en vonden het zeer fijn van die dreumes, die ze, vanzelfsprekend, een typisch voorbeeld van een opportunist noemden.

Een loeiende jonge bromfietser scheerde op het pad, met een gecontroleerde beweging, rakelings langs een peuter, die aan de aandacht van zijn moeke was ontsnapt, heen.

Met geduld voederde een merel zijn vleugelwiekend jong.

Het liep inmiddels tegen de middag aan. Het trio trok zich de afgezakte broek op en ging huiswaarts, zich wellicht tegoed doen aan een lekker bereid middagmaal.

--------------------------------------------------------------------------------

[1] Volgens Van Dale 12e druk:
Iemand van wie opinies en handelingen door het handelen zonder bep. beginselen, naar de eisen van het ogenblik, waarbij men ernaar streeft iedere omstandigheid ten voordele van zichzelf of van zijn partij aan te wensen, bepaald worden. Gemaakt door een Frans journalist Victor-Henry, marquis de Rochefort-Luçay (° Parijs 30-1-1830 / †1913)

Schrijver: Jan Coessens, 29 mei. 2006


Geplaatst in de categorie: overig

0,0 met 2 stemmen 684



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)