Inloggen
voeg je verhaal toe

Verhalen

Anna

Haar ogen dwalen af. Op straat fietst een meisje voorbij. Anna zit op de bank bij het raam. Op haar schoot ligt de Volkskrant. Drie dagen oud, ongelezen. De klok aan de muur slaat zes keer. Uit gewoonte loopt Anna naar de keuken. Honger heeft ze niet. Een paar overgebleven eieren slaat ze los in de pan. In een bord legt ze wat oud brood. Het laatste. Ze is al dagen niet meer het huis uitgeweest. Niet meer sinds de voordeur dichtsloeg. Het ging ook allemaal zo snel. Altijd waren ze samen geweest, zij en Petra. Ze was oud genoeg om op eigen benen te kunnen staan, had ze lachend gezegd. Haar koffer was al gepakt. Anna had haar verslagen aangekeken. Woorden had ze niet ze niet weten te vinden. Petra had gezwaaid, zich daarna omgedraaid. Nu woont ze in flat aan de andere kant van de stad. Op tv flitsen beelden voorbij. Wereldleed dat ongevraagd de kamer binnenkomt. Anna zwijgt. Haar ogen vallen langzaam dicht.

´Ik kan het wel alleen!´
Petra fietst waggelend over de natte kinderkopjes. Voor het eerst zonder zijwielen.
´Kijk ik ben al groot!´
Als een roofdier op jacht volgt Anna haar dochter, klaar om haar prooi te vangen, te koesteren en te wiegen in haar schoot. Petra fietst steeds verder, sneller ook. Haar voeten raken nauwelijks nog de pedalen. Ze slaat de hoek om, weg van de beschermende blikken van haar moeder. Naar een volgende straat. Een andere stad. Haar blonde haren in de wind. Een nieuwe wereld opent zich. Ze voelt zich licht, praat tegen vreemden. Lacht. Op afstand ziet ze hoe haar moeder schreewt. Vuisten tegen het raam in een glazen kooi. De angst in haar ogen verlamt. Woorden verstommen in de wind.

Verdwaasd staat Anna op. Het zweet op haar voorhoofd. De telefoon gaat. Zonder iets te zeggen neemt ze op. Aan de andere kant van de lijn blijft het stil. Op tv wordt iemand doodgeschoten. Zomaar, zonder reden.
Op straat is het rustig. De schemer is ingevallen. Anna dwaalt door straten waarvan ze de naam niet kent. Bij ieder huis kijkt ze even naar binnen. Een oude dame, spelende kinderen, af en toe klinkt er muziek. Er stopt een auto, vlak voor haar voeten. Ze meent de bestuurder te herkennen. Negeert hem. Zwijgend loopt ze verder. Het licht van de lantaarnpalen langs de kant van de weg heeft iets vriendelijks, alsof het haar toelacht. Anna telt de stoeptegels. Bij 347 blijft ze staan. Voor de deur van een café. Binnen is het warm. Aan een tafeltje voor het raam zit een oude man. Hij kijkt niet op als zij binnenkomt.
´Koffie, mevrouw?´
Anna knikt.
´Zwart graag!´
Uit haar jas haalt ze een twee-euromunstuk tevoorschijn.
´Komt u hier uit de buurt?´
Het is duidelijk dat de bardame om een praatje verlegen zit. Anna haalt haar schouders op. Verlaat het café. Haar koffie staat nog onaangeroerd op de bar.

´Wat is er met jou aan de hand?´
Petra is naast haar moeder op de bank gaan zitten.
Anna reageert niet. Ze slaapt. Om haar mond verschijnt een vage glimlach.

Schrijver: Marianne
Inzender: Marianne Pepels, 6 jan. 2007


Geplaatst in de categorie: emoties

2,8 met 4 stemmen 867



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)