Inloggen
voeg je verhaal toe

Verhalen

Adres onbekend

Ik reis graag met de trein. Niet in de spits tussen al die vermoeide mensen die onderweg zijn naar hun werk of andere belangrijk lijkende dingen. Nee, eigenlijk voor mijn plezier, hoewel ook ik gewoon een bestemming of een plek heb waar ik graag heen wil. Ik neem wat te drinken en eten mee en zoek een rustig plekje, liefst bovenin een dubbeldekker. Maar dat neemt altijd wel wat tijd in beslag, ik loop eerst bijna de hele trein door en kijk of mensen kranten of tijdschriften hebben achtergelaten. Om een voor mij onbekende reden moet ik altijd lezen in de trein. Een paar maanden geleden was ik onderweg naar Heerenveen, ik had een Volkskrant gevonden. Op pagina drie stond een heel klein stukje, “Na twintig jaar alsnog een ansichtkaart”.
Een 63 jarige vrouw uit Nederhemert had een ansichtkaart ontvangen van haar man, deze was verzonden in 1986 en bijna twintig jaar onderweg geweest. Hij was verstuurd vanuit Venetië, de beste man was vertegenwoordiger geweest voor een machinefabriek en reisde daarvoor de hele wereld af. Maar het was geen vrolijke ansichtkaart voor haar, de voorkant was een mooie, oude foto van het San Marcoplein.
De achterkant was uiteraard beschreven. Met trillende stem, zo schreef de verslaggever, las zij de tekst aan hem voor. Beste Aaltje, het spijt me voor jou maar ik kan zo niet verder leven. Ik ben verliefd op een collega en wil met haar verder. Zoek me niet en vindt me niet. Het is beter zo. Het ga je goed, Gerard.
Jaren heb ik op hem gewacht, sprak zij verder, in het begin vol van wanhoop, angst en verdriet. Later heb ik mij in dit lot berust, maar als ik op straat liep, of ergens in het buitenland was, dan zocht ik hem toch altijd in de mensen die op straat liepen. Ik vond hem nooit. Na dertien jaar alleen te zijn geweest vond ik mijn huidige vriend, Thomas, een lieve, rustige man die een doodgewone kantoorbaan had hier bij de bank in Nederhemert. Ze glimlacht, schrijft de verslaggever, als ze Thomas beschrijft, haar ogen echter lijken niet voor het volle 100 procent mee te lachen. Weet u, zegt ze, Thomas is zorgzaam, hij neemt een bloemetje voor mij mee en kust de grond onder mijn voeten. Het is heerlijk als iemand zoveel van je houdt. De verslaggever beschrijft dat hij een aarzeling in haar stem hoort als ze hem nog een kopje koffie aanbiedt. Zwijgend drinken zij het leeg, ze pakt de lege kopjes en brengt ze naar de keuken, bij terugkomst vraagt zij of de verslaggever nog meer wil weten om hier een mooi stukje over te kunnen schrijven. Hij antwoordde haar dat hij meer dan voldoende informatie had en ze stonden op, hij trok zijn jas aan en ze liepen naar de deur. Zij opende deze voor hem en toen keek zij hem nog even aan. Het is misschien gek en voor velen niet te begrijpen, ondanks dat ik gelukkig ben, alles in mijn leven heb wat ik nodig heb? Ik mis Gerard nog elke dag, en hoewel ik nu, na twintig jaar, weet dat hij een nieuw leven heeft? Een nieuwe liefde? Ergens, heel diep in mijn hart hoop ik nog steeds dat hij op een dag weer voor mij zal staan. En hier hield het stukje uit de krant op, eigenlijk een beetje een open einde. Enkele ogenblikken later klonk de stem van de conducteur, Dames en heren het volgende station is Heerenveen, denkt u bij het verlaten van de trein aan uw bagage, ik wens u nog een prettige dag. Ik trok mijn jas aan, pakte mijn tas en wilde al bijna weglopen. Ik bedacht mij en pakte de Volkskrant, vouwde hem dusdanig dat het bewuste stukje niet te missen zou zijn voor een eventuele, volgende lezer. De trein kwam tot stilstand, ik stapte uit en ademde diep in, het was een mooie, frisse dag die ik niet licht zal vergeten.

Schrijver: marcel de kleijn, 30 jan. 2007


Geplaatst in de categorie: reizen

4,3 met 11 stemmen 698



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)