Inloggen
voeg je verhaal toe

Verhalen

De pendule III

Midden in de nacht werd Liesbeth gewekt door een geluid dat ze niet thuis brengen kon, ze stootte Franck aan maar deze reageerde niet. "Franck, hoor je dat niet of wil je het niet horen, luister dan toch, wat zou dat daaronder kunnen zijn".

Weer porde ze in zijn rug en riep nu met een gedempte maar beslissende stem: "Hé, Franck, word eens wakker, daaronder is iets maar ik weet niet wat, ga jij eens kijken?" Franck, die uit een ver dromenland naar de werkelijkheid gekatapulteerd werd, riep verwonderd en lichtelijk: kwaad: "Hé wat is er aan de hand, is er ergens brand."
"Toe Franck, daaronder is iets of iemand: ik hoor gestommel en allerlei geluiden die niet van hier zijn, wil je eens gaan kijken, maar doe geen lantaarn aan want dan word je een levende schietschijf".

Al binnensmonds grommend stapte hij uit het bed en begon zijn weg naar beneden te zoeken. Hij kende hier wel elke trede en wist waar eventuele obstakels waren maar hij liep toch heel voorzichtig. Trede voor trede sloop hij naar beneden steeds indachtig wat vrouwlief tegen hem zei, wees voorzichtig! Beneden op de stenen vloer aangekomen zette hij zijn speurtocht verder naar de woonkamer toe, hij hoorde niets, zag niets en bespeurde totaal geen onraad. In de woonkamer aangekomen hoorde hij een licht gekraak alsof men een potlood brak, hij was toch nergens tegen of op iets gestoten dat dit geluid veroorzaakte.

Franck, liep verder tastend door naar de keuken maar ook daar rook hij geen onraad, voorzichtig draaide hij zich om, en dacht dat zijn hart het zou begeven, zijn handen trilden en hij voelde hoe zijn nekharen overeind gingen staan. Zijn vrouw was hem al sluipend zonder ook maar een geluidje te maken gevolgd en stond nu recht tegenover hem, en zag Francks gezicht als een geest zonder een enkele druppel bloed in zijn aderen.

Liesbeth zocht naar de petroleumlamp die daar ergens op het kastje moest staan, met haar hand vooruitgestoken en op en neer halend liep ze in die richting waar ze deze vermoedde. Ze gaf een schreeuw die afgrijselijk moest zijn want Franck begon even hard mee te schreeuwen. Ze meende met haar hand iets warms, iets levend vast genomen te hebben en verkeerde nu in alle staten. Franck die anders de koelbloedigheid in eigen persoon was, stond pal als was hij een standbeeld. Liesbeth vond de bewuste lamp uiteindelijk en ook de lucifers en ontstak de lamp. Nu eerst zag ze haar held staan die als een boomstam zonder enige beweging daar stond.

Gelukkig was er nu licht en kon men naar het geluid op zoek gaan, en zij zocht natuurlijk naar dat wat zij dacht gevoeld te hebben, maar niets van dit alles was te zien, alles was zoals ze het gisteravond verlaten hadden.
Diezelfde nacht had Liesbeth de ene nachtmerrie na de andere en doordat in de nacht de wind sterker geworden was hoorde ze het huilen van de storm nog nadrukkelijker als gewoonlijk. Ze stond dan ook versuft die morgen op, deze nacht had haar geen goed gedaan ze was geradbraakt en zou zo weer het bed willen induiken.

Franck had koffie gezet en het rook heerlijk naar verse broodjes, die hij in de morgen al bij de bakker in het dorp had gehaald.
"Hoe zie jij er wel uit, je lijkt wel door een mangel getrokken", zei hij terwijl hij zich over haar heen boog en in de nek kuste.
Ze keek hem verongelijkt en niet begrijpend aan, ja zelfs verwijtend en zei: "Ik weet het wel, je gelooft me toch niet maar ik weet wat ik gevoeld heb, boven in bed heb je me ook al uitgelachen en gezegd dat mijn fantasie met me een loopje nam". Kwaad duwde ze haar ingeschonken kopje terzijde en stapte op.

Schrijver: Wilhelm Janssen, 23 mei. 2007


Geplaatst in de categorie: emoties

2,0 met 2 stemmen 378



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)