Inloggen
voeg je verhaal toe

Verhalen

Bij een minnares in de biechtstoel (20)

De kut die open staat, de kut die druipt van het vocht, de bereidwillige kut die naar de stijve pik van Vincent verlangt!
Wat is mijn uitvoerige brief anders, dan woorden die aangeven hoezeer ik naar jouw kut verlang, een omslachtige paringsdans, een intellectuele koketterie, een regelrechte blamage, een wel heel trage versierpoging.
Ach, zover ben ik niet van mijn heil verwijderd en hennep, die mijn medegevangenen naar binnen hebben gesmokkeld, is erg verruimend en verhelderend.
Nu weet ik dat de waarheid niet zo ingewikkeld is, wij maken de waarheid gecompliceerd en ondoorzichtig, maar ik zweer je, mijn dierbare Godin, dat een mens niet veel meer is dan een dier, tenminste wat mij aangaat, ik geef het eerlijk toe, dat het mijn fysieke verlangen is, dat mij naar jou drijft, terwijl mijn geestelijke verlangen niet minder is, maar grotendeels al ingevuld, uitgeleefd, uitgeschreven. Na mijn koffiejacht en -inname zat ik vaak nog in het donker op een bouwvallige stoel naast de lege put. Dan keek ik naar de mysterieuze kloostertuin en de nog meer mysterieuze lichten in het kloostergebouw.
Toen was ik droef en vol angst en wachtend op vrouwelijke troost. Wat voelde ik? Gleed jouw hand vluchtig onder mijn pij en over mijn lid? Trok jij mij stiekem af, terwijl ik daar ingetogen zat te mediteren? Wreef jij met je natte, harigkriebelende poes over mijn handen, terwijl ik zat te bidden tot Onze Lieve Heer?
Stout vrouwtje toch, wat ben je heerlijk ondeugend! en waan, vreselijke waan! mijn meest tergende waanbeeld! Ik bleef alleen en koud en hongerig en onrustig op zoek naar mijn Eva, mijn partner in de 'zonde', mijn erotische nachten met een knappe griet.
Mijn onbegrepen agressie was een buitengewone erotische geladenheid, een hoogstgespannenlibidokrankzinnigheid, die geen bedding kon vinden, geen geul om in te stromen. Ik wist het, jij was mijn vaargeul, mijn enige redding, ik weet het nog steeds. De touwen en de dwangbuizen kunnen mij niet vasthouden, ik zal losbreken als een wild dier, als een panter uit zijn kooi, ik zal losbreken en jou desnoods verkrachten, want als je niet wil meewerken, wat dan? Moet ik mezelf soms voor de kop schieten, zoals zovelen voor mij, dat heeft toch geen enkele zin, schat, laten we er een feest van maken en opgaan in onze barmhartige liefdessappen.
Wij dienen toch de God van de Liefde? Ik zal wel sterk verwilderd zijn in jouw ogen, een ongeneeslijke heks met absurde, onmenselijke voorstellen.
En werkelijk, ik zal geen rust vinden, wanneer ik niet eenmaal, al is het ook in een van mijn volgende levens, op het fysieke niveau zal samensmelten met jouw aanbiddelijke totaliteit.
Ja, lieve onbekende, ik ben gewoon erg geil en jij bent mijn eeuwige doelwit. Ik zal nooit meer zonder jou kunnen, mijn leven hangt af van jouw genade. Word net als ik, dronken tot op het bot, geil tot op de laatste levenscel, ga vrijwillig met me mee tot op de diepste eenwording en laat er dan geapplaudiseerd worden door heel de roomse kerk, laat de paus zich heftig aftrekken, laat hij liederlijk klaarkomen en onze voltooiing zegenen, heilig verklaren.
Laat zijn witte heiligheid tussen jouw fiere borsten een rustplaats vinden. O, die sappige tieten van jou, er is geen plek voor ons binnen de Kerk van Rome, ome Rome heeft gefaald, ome Rome is door de mand gevallen, op zijn vadsige, versleten kont, die oude rukeend zal door ons ten val komen! Mannen zuipen zich te pletter aan de alcohol, omdat ze geen kutten vinden om hun ellende in te kunnen vergeten, want donszachte vergetelheid zoeken ze allemaal, omdat de kutten wel tot verleiding in staat zijn, maar niet tot de broodnodige, roesverwekkende liefdesdaad. Misschien wrijven ze het liefste langs elkander heen en laten ze de mannen met gemak in de steek.
Ik geloof dat de angst van August Strindberg met recht gebaseerd is op de waarheid, alle vrouwen zijn in wezen betreurenswaardige lesbische koeien, die geen recht van spreken hebben of ik bedoel, die de mannen naar de afgrond leiden. Ze neuken graag, maar niet onder dwang.
Ik denk dat die arme Strindberg alsnog een Nobel-prijs verdient, hij is de eerste geweest, die juist geoordeeld heeft over de serieusgespeelde, lachwekkende sexe-strijd. Zijn angst is misschien een angst van naïeve dorpelingen, maar ook al doet de stadswereld niet mee, ik blijf erbij, Strindberg was de grootste literaire geest, die ons aardrijk gekend heeft! Ik neuk je, hoer, Hoer, en ik, hoer, Hoer, ik neuk je maar al te graag! Zonder Strindberg was er geen literatuur, denk dat maar niet! De lesbische koeien rukken op, maar wij, hetero's, wij zijn ook niet mis! Nog even, schaamlipliefje, en wij zullen Eén worden, nog even, pokkenhoer! Pukkelkut, neukfazantje! Kloostergrotje! Heilige Eenvoud! Lekkere Maria Magdalena, ontvang me!

Joanan Rutgers, Sint Willibrordus Stichting, Heiloo, Noord-Holland

p.s.: Toen ik in klas vijf van de lagere school te Coevorden zat, heb ik eens per ongeluk een schoolstempel van Willibrordus kapotgedrukt, waarna de opvliegende meester (sprekend Calvijn) mij ongenadig op mijn donder gaf!, hij trapte me ook voor mijn kont als we naar gymnastiek liepen, dat Willibrordus katholiek was, maakte dus geen reet uit!, aardklootzákpruimtabakken met je lastpakezelgemier!, schuld en boete van die sombere Rus, zit ik daarom hier? Win ik ooit van de vernietigende schimmen uit het verleden? Ooit of nooit! O ja, hij heette Van der Pol (Poltergeist, Pollepel, Politiestaatdebiele, Politiekvalse), zit waarschijnlijk in het bejaardentehuis of erger, erger?

Schrijver: Joanan Rutgers, 4 feb. 2010


Geplaatst in de categorie: eenzaamheid

3,0 met 4 stemmen 240



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)