Inloggen
voeg je verhaal toe

Verhalen

OLIFANT EN MUIS 13: Fons

‘Ik maak me ongerust over Fons,” zei Muis.
“Die komt wel weer terug,” zei Olifant.
“Hij is nog nooit zo lang achter elkaar weg geweest.”
“Denk je dat hij de weg niet meer terug kan vinden?”
“Nee, dat geloof ik niet. Maar er kan van alles gebeurd zijn. Hij kan in het water liggen of in een schuurtje opgesloten zijn. Misschien is hij wel in een auto gesprongen en is hij nu onderweg naar Polen. Als hij terugkomt moet hij er aan geloven. Dan ga ik hem een halsbandje omdoen. Ik wou dat niet omdat ik bang was dat hij er mee aan een tak zou blijven hangen, maar Fons is niet zo’n klimmer.”
“We kunnen hem gaan zoeken.”
“Dat heeft geen enkele zin. Je weet absoluut niet waar hij is. Ik begrijp Fons niet. Mina is avontuurlijk, maar Fons is heel gezapig. Als hij thuis is slaapt hij de hele dag. We hebben hem, denk ik, toch te veel aangemoedigd toen de straat hier opgebroken was. We vonden het leuk als hij ons achterna liep.”
“Misschien gaat hij naar een plekje waar hij het erg leuk heeft.”
“Dat zou best kunnen. Er zijn altijd dieren die het prachtig vinden als er een kat aan komt waaien.”
“Dan zien ze toch dat hij gechipt is en dan bellen ze ons op.”
“Die chips kan je haast niet zien. Ja, als hij bij een dierenasiel komt of bij een dierenarts dan merken ze het wel. Weet je, vroeger dacht ik altijd dat als dieren hun poes kwijt waren dat ook een beetje hun eigen schuld was. Maar dat komt omdat ik altijd stadspoezen heb gehad. Mijn poezen kwamen tien jaar lang niet buiten en toen ze eenmaal mochten,waren ze zo aan hun huis gewend dat ze het wel uit hun hoofd lieten om lang weg te blijven. Fons en Mina zijn veel avontuurlijker..”
“Je weet niet wat er in zo’n hoofdje omgaat,” zei Olifant, “Ik heb wel ontdekt dat Fons niet van regen houdt. Dan is hij zo terug.”
Het weerbericht bood geen hoop wat dat betreft. Het voorspelde droog en zonnig weer tot midden in de volgende week.
“Als hij morgen niet terug is ga ik briefjes neerhangen,” zei Muis.
Olifant liet zich meeslepen door Muis haar ongerustheid. Hij had niet zoveel met Fons en Mina als zij. Voor haar waren het kinderen, die ze de hele dag volgde. Alles wat ze deden merkte ze op en ze kon maar niet ophouden om er over te praten. Die constante aandacht irritieerde hem, maar hij moest toegeven dat het leeg was in huis. Hij probeerde zich voor te stellen hoe Fons nu door een tuin liep, op zoek naar god weet wat. Hij miste het beest.
Fons was een laatbloeier. Hij was altijd de onavontuurlijkste poes van de wereld, maar sinds enkele maanden had hij de gewoonte ontwikkeld om hele dagen weg te blijven. De periodes werden steeds langer.
“Fons is volwassen aan het worden,” zei hij, “die loopt niet in zeven sloten tegelijk”

Schrijver: melvijn, 2 sep. 2010


Geplaatst in de categorie: dieren

4,0 met 2 stemmen 117



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)