start toeval vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Categorieën:

actualiteit (138)
adel (13)
afscheid (116)
algemeen (330)
bedankt (25)
biologie (13)
dieren (241)
discriminatie (38)
drank (48)
economie (23)
eenzaamheid (179)
emoties (169)
erotiek (68)
ex-liefde (64)
familie (113)
feest (41)
film (3)
filosofie (146)
fotografie (6)
geboorte (23)
geld (33)
geschiedenis (30)
geweld (46)
haiku (5)
heelal (38)
hobby (32)
humor (384)
huwelijk (40)
idool (42)
individu (62)
internet (29)
jaargetijden (53)
kerstmis (79)
kinderen (174)
koningshuis (22)
kunst (48)
landschap (15)
lichaam (38)
liefde (257)
literatuur (352)
maatschappij (158)
mannen (34)
milieu (14)
misdaad (119)
moederdag (11)
moraal (99)
muziek (41)
natuur (96)
oorlog (108)
ouderen (18)
ouders (36)
overig (129)
overlijden (78)
partner (55)
pesten (29)
planten (13)
politiek (50)
psychologie (114)
rampen (55)
reizen (132)
religie (143)
schilderkunst (20)
school (63)
sinterklaas (17)
sms (6)
songtekst (1)
spijt (26)
sport (80)
sterkte (2)
taal (43)
tijd (55)
toneel (10)
vaderdag (1)
vakantie (83)
valentijn (4)
verdriet (87)
verhuizen (13)
verjaardag (17)
verkeer (46)
voedsel (45)
vriendschap (84)
vrijheid (59)
vrouwen (87)
welzijn (54)
wereld (35)
werk (96)
wetenschap (18)
woede (60)
woonoord (87)
ziekte (153)

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 4738):

Inbreker

''Weet je Mien waar ik ineens aan denk? Hoe zou ik eruit gezien hebben toen ik nog heel klein was? Er zijn geen foto's van mij gemaakt door mijn ouders, want een fototoestel hadden ze niet en ze waren ook te beroerd een ander een foto van Woutertje te laten maken. Misschien was ik wel vijfenvijftig centimeter lang, bloot en spartelend met mijn beentjes en keihard jankend om de tiet. Hoe zie je mij nu, darling?''

''Nou dat is gauw gezegd en dat weet je zelf ook wel, klojo. Je bent een man met een kaal hoofd met een onguur uiterlijk. Je moeder vertelde mij wel eens, dat je als kleuter al liep te jatten. In mijn verbeelding zie ik je gebogen lopen sjouwend met een zak op je rug en steeds omkijkend of er geen smeris in de buurt is.''
''Klopt, want dat hebben meer mensen gezegd en dat heb ik waarschijnlijk van mijn vader. Die was een beroepsinbreker en heeft een paar keer vastgezeten. Hij leerde mij de fijne kneepjes in het zakkenrollen. Toch was hij een fijne kerel, brutaal en onverschrokken. Hij heeft gevochten als een leeuw tegen de moffen in mei 1940. Je weet ook, dat ik lang geleden gepakt werd bij een brandkast kraak.''

''Ja, dat weet ik nog goed, want toen werd ik midden in de nacht gebeld en schrok hevig, want je lag niet meer naast me in bed. Ik dacht, dat je misschien op de wc zat, want je had altijd de rot gewoonte om drie uur in de nacht te gaan bouten. Ik stapte het bed uit, maar zag geen licht branden in de wc. Overal was het donker en de huisbel ging weer een paar keer. Toen ik uit het raam keek zag ik twee mannen staan. Ik deed gauw mijn ochtendjas aan en liep naar de gang, en riep:
''Ben jij het, Wouter?
''Nee mevrouw, hier is de politie, doet u alstublieft open.''

Voor alle zekerheid nam ik een honkbalknuppel in mijn hand, want je weet maar nooit. Ik deed de deur open en de mannen maakten zich bekend met een legitimatiebewijs van de politie. Natuurlijk schrok ik, want ik dacht meteen aan jou, halvegare. Ik zei tegen de politie:
''Is er wat met mijn man gebeurd? Wij zijn samen gelijk naar bed gegaan, maar toen ik wakker werd was hij foetsie.''
Een agent vroeg:
''Bent u mevrouw Jansen?''

''Ja mijnheer'', zei ik.
Ze vertelde mij, dat jij was ingerekend wegens diefstal in een pand en dat je in de cel zat op het politiebureau. Ze kwamen huiszoeking doen, maar vonden niets wat van waarde was voor het onderzoek. De volgende morgen ben ik naar het politiebureau gegaan en mocht ik je even spreken door het luikje van je cel. Een agent hield mij in de gaten.''

''Ja, zo was het gegaan, want ik had het plan geopperd eens een flinke kraak te zetten, want ik wilde van ons armoedig bestaan af. Ergens wist ik in een pand een brandkast te staan en ik had ervaring brandkasten open te krijgen, dus moest ik eerst nagaan of er geen alarm af ging en gooide ik een steen door een ruit van het pand. Daarna verstopte ik mij in de bosjes en wachtte af, maar er gebeurde niets. Dus nam ik aan, dat er geen bewaking in het pand was. Met mijn magere gestalte was ik gauw binnen en toen ik de brandkast zag, dacht ik, dat wordt een makkie.

Met de techniek die ik in me had was de kast gauw open en zag stapels bankbiljetten van honderd gulden liggen. Van vreugde maakte ik een danspasje en stopte de biljetten in een tas en ging weer via het raam naar buiten. Buiten was alles rustig, niemand te zien en ik liep gauw weg met de tas onder mijn arm. Blij en opgetogen was ik, eindelijk rijk, dacht ik. Maar toen gebeurde het. Opeens kwamen twee politieagenten uit een portiek en grepen mij stevig vast.

''Je bent de lul'', zei er eentje en ik kreeg handboeien om. Ze keken in mijn tas en zagen die stapels geld natuurlijk.
''Een goeie vangst, maat'', zei de ene agent.
Ze bleven nog even wachten, want er kwam nog een burgerauto met twee rechercheurs. Die gingen met vermoedelijk de eigenaar van het pand naar binnen. Ik ben toen naar het bureau gebracht en ingesloten in een cel.

Weet je waar ik niet aan gedacht heb. Dat pand had een ''stil alarm ''met een verbinding naar het politiebureau. Dus ze waren gealarmeerd. De agenten hoefden alleen maar te wachten wie er uit het pand kwam. Ik bleef vast zitten en werd een poosje later veroordeeld tot vier maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Je weet, dat ik daarna nooit meer op inbrekerspad ben geweest, alleen was het jammer dat onze vakantie naar de Bahama's niet doorging.''

''Toch ben ik trots op je, ouwe. Vroeger zat je ook eens vast voor autodiefstal en heb ik kennis met je gemaakt toen ik in de gevangenis werkte als bewaakster. We werden verliefd op elkaar, weet je nog?''
''Ja, dat vond ik hartstikke fijn, want je bezorgde mij stiekem heerlijke kroketten en repen chocolade. Toen ik vrij kwam zijn we getrouwd, maar helaas heeft de brandkast kraak niks opgeleverd.''
''Ja, dat is jammer, maar we zijn toch bij elkaar gebleven en daar moet op gedronken worden.

Ik heb trek in een borrel, Mien. ''
Ze pakte de glazen en schonk ze tot de rand vol.
''Moet je er een stuk leverworst bij, ouwe?
''Die had je vanmorgen toch niet gekocht, want je bestelde alleen maar één ons rookvlees.''
''Nee, hij lag op de toonbank en rolde met een zacht zetje in mijn tas, toch weer meegenomen, hé?''
''Nou geef maar gauw, gratis worst is altijd lekkerder.''
''Proost'', riepen we.

Schrijver: kees niesse, 17-01-2013


c.h.niesseatkpnplanet.nl



balBiografie van deze schrijver





Geplaatst in de categorie: misdaad

Deze inzending is 185 keer bekeken

3/5 sterren met 4 stemmen.



Er is 1 reactie op deze inzending:

Naam:Monique Methorst
Datum:17-01-2013
Email:moi636atyahoo.com
Bericht:De foto met mijn zusje heb ik destijds gepikt van mijn moeder :)en in de periode dat ik bij mijn oma woonde, pikte mijn oma veel van de mijne.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)