start toeval vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Categorieën:

actualiteit (138)
adel (13)
afscheid (116)
algemeen (330)
bedankt (25)
biologie (13)
dieren (242)
discriminatie (38)
drank (48)
economie (23)
eenzaamheid (179)
emoties (170)
erotiek (68)
ex-liefde (65)
familie (113)
feest (41)
film (3)
filosofie (148)
fotografie (6)
geboorte (23)
geld (33)
geschiedenis (30)
geweld (46)
haiku (5)
heelal (38)
hobby (32)
humor (385)
huwelijk (40)
idool (42)
individu (62)
internet (30)
jaargetijden (53)
kerstmis (79)
kinderen (174)
koningshuis (22)
kunst (49)
landschap (15)
lichaam (38)
liefde (258)
literatuur (352)
maatschappij (158)
mannen (34)
milieu (14)
misdaad (119)
moederdag (11)
moraal (99)
muziek (41)
natuur (97)
oorlog (108)
ouderen (18)
ouders (36)
overig (131)
overlijden (79)
partner (55)
pesten (29)
planten (13)
politiek (50)
psychologie (114)
rampen (55)
reizen (132)
religie (143)
schilderkunst (20)
school (63)
sinterklaas (17)
sms (6)
songtekst (1)
spijt (26)
sport (80)
sterkte (2)
taal (43)
tijd (55)
toneel (10)
vaderdag (1)
vakantie (83)
valentijn (4)
verdriet (87)
verhuizen (13)
verjaardag (17)
verkeer (46)
voedsel (45)
vriendschap (85)
vrijheid (59)
vrouwen (88)
welzijn (55)
wereld (35)
werk (98)
wetenschap (18)
woede (60)
woonoord (87)
ziekte (153)

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 4952):

1943

Het is oktober 1943. De ramen zijn verduisterd. We kregen al een waarschuwing van een politieagent, dat een beetje licht aan de rand zichtbaar was. Komt de Duitse Polizei aan de deur, dan wacht je een zware straf. Ik zat te lezen aan de grote tafel midden in de kamer. Boven de tafel de enige verlichting van een eenvoudige ronde lampenkap. Buiten was het nog zacht weer met regen en veel wind. Alleen moeder was thuis. Vader was ondergedoken, omdat hij opgeroepen was om in Duitsland te werken en daar had hij geen zin in. Buiten was het pikdonker, de straatverlichting mocht ook niet branden. Later op de avond schrokken we. We hoorden kloppen op de deur. Moeder en ik liepen door de donkere gang, en ze riep:
''Wie is daar?''

Zachtjes hoorden we vaders stem. Moeder werd opgewonden en ze deed de deur voorzichtig open. Hij was het echt en ze vielen in elkaars armen. Ze zei:
''Is het wel veilig?''
''Ja, het regent en het is hartstikke donker, ik heb het gewaagd.''
Hij wist wel, dat hij niet thuis kon blijven, ze zochten hem. Van beroep was hij tramconducteur en hij kon in zijn beroep te werk worden gesteld in Maagdenburg in Duitsland. Vroeg in de ochtend nam hij weer afscheid van ons en toen gebeurde het. Hij was nog geen twintig meter op straat of er stopte een overval auto van de politie voor onze deur. Met een felle schijnwerper zagen ze hem en een agent riep, halt of ik schiet. Vader was toen bijna veertig en kon hard lopen. Zigzag lopend bleef hij vluchten. Toen hoorden we een schot. Moeder was naar buiten gerend en schold de politie uit voor vuile fascisten. Ze was bij vader, ze huilde. Hij was in zijn onderbeen geraakt.

Er kwamen nog meer agenten, ook de Duitse Polizei in hun groene uniformen. Hij werd verbonden en in de overvalwagen gezet. Moeder was totaal van de kaart en mijn haat tegen de politie was verschrikkelijk. Een paar dagen later kwam een agent vertellen, dat vader was overgebracht naar de gevangenis in Scheveningen. Daar zou zijn wond verzorgd worden. We mochten hem niet bezoeken. Na een paar weken kregen we bericht, dat hij naar het beruchte concentratiekamp Amersfoort was gebracht. Thuis kregen we geen post meer van hem. Mocht zeker niet.
Een moeilijke tijd kwam eraan. De rantsoenen van eten en brandstof werden steeds minder. Toen kwam eind 1944 nog de hongerwinter en we hoorden van vader niets meer. Moeder dacht, dat hij dood was. Ik had stiekem een radio gebouwd met één buis, een spoel en een condensator en kon wanneer het donker was radio Oranje uit Londen ontvangen met een koptelefoon. Je hoorde toen al van moordpartijen door de SS in de concentratiekampen.

Met een grote sprong ga ik nu vooruit. Nederland was inmiddels in 1945 bevrijd en er waren grote feesten in de buurt. Sommige meiden werden kaal geschoren, omdat ze met Duitse soldaten meegingen. Ik heb het zelf gezien. Van vader hoorden we nog steeds niks. We maakten ons grote zorgen. Instanties, die we hadden geschreven, zouden hun best doen hem op te sporen. De feesten waren al lang voorbij in juli 1945. Ik speelde buiten en zag een legervoertuig met gesloten kap voor onze deur stoppen. Er sprong een man uit in een Engels uniform met baret en haalde uit de auto twee koffers.

Gespannen bleef ik kijken en ik schrok toen de soldaat mijn naam riep. Met de koffers kwam hij naar ons toe en toen zag ik, dat het vader was. Moeder hoorde ik de trap afrennen en omhelsde vader een heel lange tijd. Ze huilde van blijdschap. Later vertelde vader, dat hij bevrijd was door de Russen bij Berlijn. Daar was hij zeer goed behandeld en heeft een dokter zijn zwerende been behandeld. Na een paar weken werd hij overgebracht naar de Amerikaanse zone in Duitsland en moest wachten op vervoer naar Nederland. Hij werd tijdelijk te werk gesteld in de keuken van het Amerikaanse leger en kon daar voedsel en rookgerei organiseren om mee naar huis te nemen.
Vader sprak nooit over wat hij had gezien in het concentratiekamp, maar vlak voor zijn dood wel en ik ben er nog beroerd van. Hoe is het mogelijk, en dat allemaal gebeurd pas zeventig jaar geleden. Zie wat er na de tweede wereldoorlog weer is gebeurd en nu nog. De mens is de grootste vijand van de mens.

Schrijver: kees niesse, 31-07-2013


c.h.niesseatkpnplanet.nl



balBiografie van deze schrijver





Geplaatst in de categorie: oorlog

Deze inzending is 137 keer bekeken

5/5 sterren met 4 stemmen.



Er zijn 2 reacties op deze inzending:

Naam:Han Messie
Datum:31-07-2013
Email:hmessieatlive.nl
Bericht:Adembenemend spannend, Kees. Jouw vader heeft ondanks zijn onvoorstelbaar grote zorgen tenslotte een gezegend geluk mogen beleven. Ja, mensen zijn elkaars grootste vijanden, zals je het beschrijft. Het ontbreekt er nog maar aan dat in onze beschaving kannibalisme voorkomt.

Naam:Joanan Rutgers
Datum:31-07-2013
Bericht:Verbazingwekkend ontroerend en steengoed geschreven. Ik zag in een Snoecks dat haaien uit hongergevoel zelfs andere haaien aanvallen en opeten. Mensen zijn haaien. Je vader heeft de meest zware hel beleefd. Een fantastische hommage en lering. Ga door, Kees, je blijft onverwachts boeien!


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)