Inloggen
voeg je verhaal toe

Verhalen

Vetvlekken op de ruit

Charlotte, onze kleindochter van bijna vier jaar, is een voor haar leeftijd meer dan gemiddeld lang, dun en over een tomeloze energie beschikkend meisje.
Als ze loopt, loopt ze meestal hard en als ze praat, dan doet ze dat ook meestal hard. Alsof ze met doven van dagen in plaats van met grootouders van dagen te maken heeft. Kortom, het lieve kind is, als ze langs komt voor een een bezoekje net een wervelwind, één-en-al verfrissende, aandacht vragende beweging.

Gistermiddag half één zijn wij, mijn vrouw en ik, onze dochter en schoonzoon met hun kinderen Charlotte en Thijs, die anderhalf is, na een in de vroegnachtelijke uren begonnen heenreis, vermoeid op ons vacantieadres op één van de minder bekende Canarische Eilanden, aangekomen. Het inontvangstnemen van de sleutels voor de appartementen verloopt, doordat wij VROEGER dan gepland zijn aangekomen, traag. Het geeft óns uitgebreid de tijd de kluisjes voor het opbergen van onze waardevolle spullen te regelen; het geeft het personeel van de receptie uitgebreid de tijd onze paspoorten, die wij anders altijd de volgende dag pas kunnen ophalen, tijdens de letterlijke zitting af te werken. Als goedmakertje voor de vertraging krijgen we een tegoedbon aangeboden waarmee wij op kosten van de reisorganisatie wat kunnen gaan drinken. We slaan het aanbod af en wachten op de bank in de hal, vermoeid op het moment dat wij de sleutels van de appartementen krijgen uitgereikt.

Charlotte en Thijs sabbelen slaperig aan hun speentjes met kroeldoekjes. Zij zijn, net als wij, heel erg aan een verfrissende “power-nap” toe. Na gedurende meer dan een uur in allerlei houdingen gezeten te hebben, krijgen we te horen dat één van de twee appartementen klaar is en dat de schoonmaaksters meteen aan het andere appartement zullen beginnen. Een stoet van vier groten en twee kleinen - Thijs in het wandelwagentje, Charlotte lopend - zet zich vermoeid in beweging. We doen er een minuut of drie over om het appartement te bereiken. Het ligt, zoals wij gevraagd hadden, een eind verwijderd van het zwembad en de aan het zwembad grenzende bar waar het vaak en vaak erg lang rumoerig is.

Het appartement is een groot en koel voor onze kinderen bestemd, vier-persoons appartement. Wij wachten er de komst van onze bagage en het beschikbaar komen van het andere appartement af. Dat duurt nóg een uurtje. Maar dan, wanneer ook wij de sleutel van het appartement in ontvangst hebben genomen, is er geen houden meer aan. Met een vloer die nog nat is van het dweilen, nemen we bezit van het appartement, geven we onze bagage een plekje en volgen het voorbeeld van onze kinderen in hun andere, zoals Charlotte het noemt, “vacantiehuisje” en schieten we een heerlijk koel bed in.

Na een uur of drie kom ik moeizaam bij uit een uitzonderlijk diepe slaap. Er is volgens mijn vrouw, die zegt vrijwel niet geslapen te hebben, tijdens mijn comateuze toestand van alles gebeurd. Zo is er in beide appartementen namens de directie een fles wijn gebracht; er is schoon badkamer- en beddegoed gebracht en de kleinkinderen zijn ouderwets druk in de weer geweest en zijn dat, dat is goed te horen, nog steeds. Het is mij duidelijk, dat ik tijdens mijn ongeveer drie uur durende bewustzijnsverlies, het een en ander gemist moet hebben. Met een plons koud water probeer ik in de badkamer mijn als een dot watten aanvoelende brein te reactiveren. Het lukt maar half, dus zal de tijd de rest moeten doen. Om mezelf een beetje op gang te brengen kruip ik in de woonkamer achter mijn computertje. Op het grasveld lopen Charlotte en Thijs te rennen. Door de glazen schuifpui sla ik het tafereeltje met grootvaderlijke liefde gade. Vacantie. Op een rustig warm eiland. Ruim negen uren reizen van huis vandaan.

“Hoi opa”, roept Charlotte als ze mij in het appartement ziet zitten. Ze komt onmiddellijk mijn kant uit gerend met haar broertje onzeker achter zich aan waggelend. Waar het gras overgaat in de verhoogde tegelvloer van het terras stopt ze even om die hindernis zonder problemen te nemen. Zodra ze weer overeind staat, trekt ze opnieuw de sprint aan om twee meter later met een geweldige bonk tegen de voor glazen schuifpui op te knallen. Door de schrik verslapt, stuitert ze huilend van de pijn en schrik achterover op de tegelvloer. M’n hart krimpt ineen en pompt zo’n geweldige hoeveelheid adrenaline in m’n bloed, dat ik in één keer klaarwakker ben en in tijd van een mum bij de onfortuinlijke kleuter sta. Gelukkig heeft het hummeltje geen zichtbare schade. Schrik en misschien straks een buil op d’r voorhoofd, daar zal het met een beetje geluk waarschijnlijk bij blijven. Terwijl ik ‘r oppak en zachtjes tegen me aandruk, kalmeert ze wat en kan ik ‘r naar d’r moeder in het vacantiehuisje naast ons brengen. Tussen een aantal heel grote snikken door vertelt ze mama wat haar zojuist is overkomen. Als ze haar verhaaltje heeft gedaan, loop ik terug naar mijn appartement waar ik m’n plaats achter het computertje weer inneem.

“Opa!”, klinkt na verloop van tijd vanaf het grasveld het opgewekte stemmetje van Charlotte weer. Ze loopt als vanouds te rennen, met Thijs ook nu sjokkend achter zich aan. Ik zwaai vanuit de woonkamer enthousiast terug en zie door de lichtval op de glazen ruit van de schuifpui plotsklaps de vetafdrukken van Charlotte d’r hoofd, handen en knieën. Stille getuigen van hoe snel vreugd in verdriet kan omslaan. En omgekeerd ...

Schrijver: hans uil, 31 jan. 2008


Geplaatst in de categorie: verdriet

3,5 met 6 stemmen 703



Er is 1 reactie op deze inzending:

Naam:
charlotte
Datum:
29 feb. 2008
ik vind dit een heel leuk verhaaltje.
zeker omdat het over mij gaat.
en ik ben ook heel trots op mijn opa

Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)