Inloggen
voeg je verhaal toe

Verhalen

Kwartiers gezaagd (deel 1)

De vrouw keek neer op haar overleden man. Hij lag er mooi bij in zijn trouwpak. Het paste nog steeds en stond hem prachtig, net als toen hij het bijna zeventig jaar geleden voor de eerste keer aan had. Jammer dat ze hem zijn glimmende, zwarte schoenen niet meer aan hadden kunnen doen. Maar echt erg was dat niet want je kon zijn voeten toch niet zien. Het donkerblauwe kleed bedekte hem tot aan zijn middel.

Zachtjes streken haar vingers over de rand van de met zorg uitgezochte kist waarin haar man vandaag begraven zou worden. Massief eikenhout. Dat zou hij zeker op prijs hebben gesteld. Zijn hele leven was hij een echte ambachtsman geweest die kwaliteit hoog in het vaandel had. Massief eiken dus. “Kwartiers gezaagd”, had haar oudste zoon er nog aan toegevoegd toen de begrafenisondernemer hun wensen noteerde.

Een keurige man overigens, die begrafenisondernemer. Hij had wèl glimmende, zwarte schoenen aan. Uiterst hoffelijk en meelevend had hij zich van zijn taak gekweten en de wensen van haar en de kinderen, begrijpend knikkend, aan het papier toegevoegd. Tot nu toe was hij de gemaakte afspraken keurig nagekomen en alles leek goed geregeld.

Het belangrijkste was dat haar man deze laatste dagen gewoon thuis had kunnen zijn. Opgebaard in zijn kwartiers gezaagde kist, in de slaapkamer waarin ze hun hele huwelijkse leven samen de nachten hadden doorgebracht. Ze sliep gewoon in het bed tegenover de kist. Helemaal niet eng. En zo was ze snel bij hem om nog even stiekem te kijken wanneer ze niet kon slapen.

Ze zuchtte diep en streek met haar handen over de jurk die ze speciaal voor deze dag had aangeschaft. “Vind je me mooi?”, vroeg ze haar levenloze echtgenoot. Na enige ogenblikken van stilte giechelde ze: “wie zwijgt, stemt toe”.

Aandachtig keek ze naar hem. Ieder detail nam ze gretig in zich op. Ze had van hem gehouden. Ze hield nog steeds zielsveel van hem en zou dit blijven doen zolang haar nog tijd gegund was.

“Ik moet nu gaan”, sprak ze. “De kinderen hebben me nodig. Ook al ben ik negentig, ik blijf hun moeder. Dag lieverd, ik zie je snel weer. Laten we afspreken op dat bankje in het park, waar we voor het eerst gekust hebben. Dat was een mooi moment. Zou het niet prachtig zijn als we juist daar de eeuwigheid konden doorbrengen?”

Zachtjes trok ze de slaapkamerdeur achter zich dicht. De vertrouwde solide klik bevestigde het sluiten van de deur die haar man zelf had gemaakt toen de kinderen nog thuis woonden. Ongetwijfeld kwartiers gezaagd, bedacht ze zich.
Ze stak de overloop schuin over en pakte de trapleuning vast, waaraan eveneens de herinnering kleefde van een zagende, beitelende en schurende echtgenoot. Wat had hij er gelukkig uitgezien wanneer hij aan zijn werkbank in de schuur of buiten in de zon zijn handen liet doen wat ze het beste konden. Op één ding na dan. Ze grinnikte hardop terwijl ze langzaam de trap af begon te lopen. Ja, zo was het altijd geweest: zijn handen hadden boven alles háár liefgehad. En hoe! Ze had zich geen betere minnaar kunnen wensen. Geboren in een tijd waarin liefde en seks voor menigeen taboe waren, hadden zij lang voor de huwelijksnacht elkaars lichamen grondig verkend. Wild en met een voor die tijd ongekende hartstocht, hadden ze de liefde bedreven wanneer het maar kon. Zonder enige schaamte hadden ze hun jonge, naakte lichamen verstrengeld en ongeremd genoten van elkaar. En in latere jaren was hun techniek beproefd en verfijnd, wat het samenzijn er alleen maar beter op had gemaakt. Ze waren beiden lang gezond gebleven en tot op hoge leeftijd was het liefdesspel een wezenlijk onderdeel van hun leven geweest.

Nog niet zo lang geleden, hij was toen al drieënnegentig, hadden ze het nog eenmaal gedaan. Heerlijk was het geweest. Niet meer zo onstuimig als vroeger natuurlijk. Maar het voelde aangenaam vertrouwd. Na afloop hadden ze uit nostalgische overwegingen in bed nog een sigaret gerookt. Ze zag nog duidelijk voor zich hoe hij kleine kringetjes rook in de richting van het plafond had geblazen. Samen waren ze het er over eens geworden dat het de laatste keer was geweest. Zo bleef het een mooie herinnering want wie weet, zou het een volgende keer een teleurstellende beproeving voor hun oude lichamen zijn.
Het was goed zo.

Schrijver: Valenteijn Valeij, 30 mei. 2008


Geplaatst in de categorie: overlijden

3,8 met 8 stemmen 1.974



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)