Inloggen
voeg je verhaal toe

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 3547):

Hoe ik schrijf

Het is een demon of een engel, maar een van de twee grijpt mij beet, zij omarmt mij en zij stuurt mij naar mijn kamer vol boeken, meegesleept vanuit het hele land. Meestal voel ik me eenzaam of verdrietig, maar niet zelden ben ik erg kwaad op het wrede leven. Het wrede leven heeft voor mij talloze facetten, van klein tot groot, van een onattente, computerachtige kassiëre tot een diepgeworteld en langdurig lijden, zoals het contactloze gevangenisleven van mijn gevoelsleven, dat geen aansluiting vindt of te weinig of dat niet kan vrijkomen, doen wat er in aanleg aan behoeften sluimert. Soms dacht ik op alles en iedereen te moeten reageren, totaal open te staan zonder een innerlijke zeef te hebben, dan werd ik leeggezogen en langzaamaan volkomen gestoord van al die ongewenste indrukken met al hun eisen vol wansmaak en eigenbelang. Vooral dan al die seksuele prikkels van vrouwen maakten me randje krankzinnig, met name door het gebruik van een bepaalde plant werd het nog erger, dan kreeg ik er de meest vulgaire en de meest aanlokkelijke sexuele beelden bij, ik hoefde maar in te zoomen en de pornofilms draaiden op volle toeren. Ik denk dat die plantaardige werking mijn geslachtschakra flink opendraaide, mijn helderziendheid op dat gebied enorm vergrootte en dat ik daarom bestookt werd met louter erotische beelden en handelingen van toevallige voorbijgangers, ik nam heel veel seksverslaafde, sekshandelende vrouwen waar, die daar zelf niet van bewust waren, alhoewel, dat weet ik dus niet zeker, maar al die mooie beelden vol ongeremde erotiek hebben me veel geleerd en ik heb die ervaringen dan ook her en der gebruikt in mijn letterkunst. Ik weet dat de seksuele energie de hoofdbron van alle schrijfwerk is, schrijven is gesublimeerde erotiek, uitgestelde ejaculatie en orgasme, kunst creëren is hetzelfde als neuken, sommigen doen er kort over (de dichters) en anderen maken er een lange vrijtoestand van (de romanciers). Natuurlijk heeft de geestelijke wereld in deze processen evenveel in de pap te brokkelen, maar de fysieke drijfkracht bij overigens al ons handelen is de sexuele lust en het verlangen naar bevrediging. Echter een kleine reden kan net zo goed een aanleiding vormen voor een haastige vlucht naar mijn ivoren torenkamer, volgestouwd met literatuurboeken en allerhande tijdschriften, mystieke en filosofische werken. Ik zit dan ook dag en nacht te bladeren en te lezen in mijn boekenvoorraad, voor de nodige wijnvoorraad heb ik mijn butler Lodewijk. Lodewijk is ook uitermate belezen, dus kunnen we op niveau communiceren. Ik hoef maar met mijn vingers te knippen, of hij komt met een nieuwe fles rosé aanzetten. Hij vindt het maar een vrouwenwijntje, maar ik zweer erbij, ben dan ook behoorlijk vrouwelijk, maar wees gerust, in perfecte harmonie met mijn mannelijke gedeelte, yin en yang in natuurlijk evenwicht. Met een duik in mijn verleden vind ik wellicht meer duidelijkheid omtrent mijn merkwaardige schrijfgedrag. Ooit vroeg een jongevrouw mij of ik van mijn ouders zo moest schrijven? Dat vond ik een schot in de roos, komt die dwangmatige handeling inderdaad voort uit een jezelf willen bewijzen naar je ouders toe? Dat je veelal ongeschikt bent, wil nog niet zeggen dat je niet op een andere manier kunt uitblinken, waardoor je ouders toch nog trots op je kunnen zijn, ondanks je loserschap. Ik ben er mee bezig, rustig maar. Mocht blijken dat ik het allemaal onbewust voor hen heb gedaan, dan gooi ik het bijltje er direct bij neer, is het zware gehak acuut voorbij, want dan zou ik mezelf in de vingers, het hart en de ziel snijden, mijn persoonlijke drama's zelf vergroten moet ik vermijden. Schrijven is een verslaving geworden, net zoals ik als kind alleen maar snoep kocht bij Jamin voor mijn weinige centen, ik heb er een haat-/liefdesverhouding mee, het is een noodzakelijk kwaad voor mij, al schenkt het me vaak onverwachts de vreugde die ik zo graag wil voelen, de zwaar bevochten vrijheid, immers, schrijven bevrijd me van opgelegde taboes, verstikkende ouderboodschappen en beperkende, maatschappelijke conventies. Ik sprak al eerder van een tocht naar het isolement, gestuurd door de boze ouders zonder inlevingsvermogen of compassie/emphatie of zelfgekozen door een of andere onverdraaglijke kwelling. In het begin was het een onschuldig stoeien met onstuitbare gedachten en gevoelens over God en het leven achter de sterren, dat is later uitgegroeid tot een uitzichtloos labyrint van wereldvreemde ideeën, een eigen wereld, veilig en onbegrensd. Misschien dat ik mezelf ooit terugschrijf, maar vooralsnog wil ik de magie niet verbreken, de pen is mijn enige vriend geworden, die trouw blijft, hoogdravend gezwam, maar het gaat om het effect, nietwaar? Ik ben desalniettemin steeds op zoek naar de sleutel van deze dodelijke kluis, want het is vreselijk om een slaaf van woorden, dode letters, te moeten zijn. Woorden als enige remedie tegen een ondraaglijk, chaotisch en onaangepast gevoelsleven. Ik waan mijzelf een machtige vorst in zijn decadente rijk, een teruggetrokken minstreel, net als toen ik op mijn achtste een boshut bouwde met veel prikkeldraad er omheen, ik zong zelfbedachte liedjes in een stofzuigerslang. Als er toen een psychiater tot mij was doorgebroken, dan had de wereld een schrijver minder gehad. Ik schrijf en ondanks mijn afkeer ben ik verslaafd. Achter mijn dierbare tralies verschans ik mij met grote passie, vol angst voor het delen van mijn ware emoties. Eerst wat stemmingsmuziek (New Age), dan een droomtoestand, waarin ik mij verlaten en verloren waan, een verdwaalde die lijdt aan waanvoorstellingen, ik ontkurk mijn eerste wijnfles, niets stoort me, zelfs betonboren verdraag ik, Ik sta op scherp, ben agressief geladen, zou ook naar een hoer kunnen gaan, maar goed, mijn emoties verdwijnen op het oordeelloze papier als een vuurspuwende draak. Ik schrijf het liefste 's nachts, wanneer het doodstil is, dan is alles geoorloofd, de grootste wanorde, het meest vulgaire, de regelrechte mystiek. Het is het gevecht van een dappere penneheld, die met het inktzwarte zwaard de duistere vijanden wil onthoofden. Rusteloos, troosteloos. Een dubbele lijdensweg naar binnen, ik vermoord mijn eigen hart, keer op keer.

Schrijver: Joanan Rutgers, 6 jul. 2010


Geplaatst in de categorie: taal

2,6 met 8 stemmen 1.144



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)