start toeval vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Categorieën:

actualiteit (138)
adel (13)
afscheid (116)
algemeen (330)
bedankt (25)
biologie (13)
dieren (241)
discriminatie (38)
drank (48)
economie (23)
eenzaamheid (179)
emoties (169)
erotiek (68)
ex-liefde (64)
familie (113)
feest (41)
film (3)
filosofie (146)
fotografie (6)
geboorte (23)
geld (33)
geschiedenis (30)
geweld (46)
haiku (5)
heelal (38)
hobby (32)
humor (384)
huwelijk (40)
idool (42)
individu (62)
internet (29)
jaargetijden (53)
kerstmis (79)
kinderen (174)
koningshuis (22)
kunst (48)
landschap (15)
lichaam (38)
liefde (257)
literatuur (352)
maatschappij (158)
mannen (34)
milieu (14)
misdaad (119)
moederdag (11)
moraal (99)
muziek (41)
natuur (96)
oorlog (108)
ouderen (18)
ouders (36)
overig (129)
overlijden (78)
partner (55)
pesten (29)
planten (13)
politiek (50)
psychologie (114)
rampen (55)
reizen (132)
religie (143)
schilderkunst (20)
school (63)
sinterklaas (17)
sms (6)
songtekst (1)
spijt (26)
sport (80)
sterkte (2)
taal (43)
tijd (55)
toneel (10)
vaderdag (1)
vakantie (83)
valentijn (4)
verdriet (87)
verhuizen (13)
verjaardag (17)
verkeer (46)
voedsel (45)
vriendschap (84)
vrijheid (59)
vrouwen (87)
welzijn (54)
wereld (35)
werk (96)
wetenschap (18)
woede (60)
woonoord (87)
ziekte (153)

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 4986):

Afluisteren

De telefoon rinkelde. Mien riep:
''Pak jij maar de telefoon, ouwe.''
''Kan niet, ik zit te poepen.''
Zij nam de telefoon en noemde haar naam.
''Ja hier met Joop, dag schat van me.''
Hij hoorde de stem van Mien en had vroeger verkering met haar gehad.

Zij keek of haar vent nog op de wc zat, dan kon ze iets liefs zeggen tegen Joop.
''Hallo lieve schat, hoe gaat het met je? Was ik maar bij jou gebleven. Alle dagen bonje met die vent van mij. Zit de hele dag voor de buis en maar bier drinken. Ik heb hem al een paar keer uit zijn stoel getrokken, dat hij boodschappen moet gaan doen, maar na vijf minuten zit hij weer naar een cowboyfilm te kijken. Ik hoor de wc doorspoelen.''

''Zeg Mien, vind je het goed, dat wij vanmiddag komen klaverjassen. Ik neem jajem mee. Zelf heb ik ook vaak ruzie met Truus, ze wordt met de dag vervelender. Ik doe niks goed bij haar.''
''Oké, ik zie jullie vanmiddag. Nog wat Mien, kunnen we eventueel blijven slapen. Mijn auto is naar de ratsmodee, dus we komen met de bus. Na tienen rijdt er geen bus meer vanaf dat gat van jullie.

Inmiddels was Wouter de kamer binnen gekomen en vroeg wie er had gebeld.
''Joop en Truus komen vanmiddag klaverjassen. Ga jij effen snel kaas en worst halen, zij nemen drank mee en nog wat, ook de microfoon plaatsen in hun slaapkamer, want die Truus schijnt veel over mij te kletsen, dat verwaande kreng."
''Je mag niet iemand stiekem afluisteren, darling. Dat zou jij ook niet leuk vinden.''
''Niks mee te maken, ik wil weten wat ze over mij zegt en schiet op.''

De draad vanaf de logeerkamer naar de versterker in de huiskamer was gauw gelegd en net op tijd, want de visite was gearriveerd. Mien begroette Joop allerhartelijkst met veel kusjes en dat zag Truus, die al meteen de pest in had. Zij kreeg maar een handje van Mien. Truus droeg een groen mantelpakje en een rossig hoedje met een netjes voor haar gezicht. Dat vond Mien belachelijk.

Toen Truus:
''Ben je nou al weer dikker geworden, Mien. Kijk eens naar mij, twintig kilo afgevallen, ik lijk nu wel dertig. Je moet er ook wat aan gaan doen, hoor. Je lijkt wel tachtig.''
Mien kookte van woede, ze kon dat kreng wel een klap voor de arrogante smoel geven.
Joop vond ze aardig. Hij zag er nog goed uit met dat kleine zwarte snorretje en het glad achterover gekamde zwarte haar. Hij leek wel op een kelner in een duur hotel. Hij knipoogde vaak naar haar. Dat deed Mien goed.

Tijdens de koffie maakte Truus weer een smerige opmerking. Verleden jaar was een poot van de zitbank gebroken. Toen had Wouter de bank gestut met een stapel oude boeken. Ze zei:
''Zeg, hebben jullie die bank nog niet laten repareren. Wat een armoedig gezicht.''
Haar man keek haar al aan met een gezicht van hou nou eens je vervelende smoel. Wouter moest erom lachen, maar Mien dacht aan vergif in haar drank.

Tijdens het klaverjassen was Mien de maat van Joop. Hij knipoogde nog steeds naar haar, die ze met en smachtende blik beantwoordde.
Truus vergat vaak te bekennen en gaf ze de schuld aan Wouter. Die is maf, dacht Mien. De borrel kwam op tafel. Terwijl Mien om de tafel heen liep en het glas van Joop vulde voelde ze een warme hand tussen haar dijen en lekker knijpen. Dat deed haar bijzonder goed. Haar kerel deed dat niet, die denkt alleen maar aan bier. Zij wist wel, dat Joop dat zou doen, daarom had ze expres geen kousen aangetrokken.

Tussen het klaverjassen door werd nog even gauw het avondmaal opgediend, gekookte aardappelen, rode kool en gebakken bloedworst en vla toe. Truus keek al met een gezicht van, wat een armoedig zooitje die AOW'ers.
Door de drank werd het toch nog gezellig. Joop was goed in de lorum en begon keihard drankliederen te zingen. Iedereen deed mee en de schelle stem van Truus was niet om aan te horen, wat vals zong ze.

Het was al over middernacht en de visite wilde naar bed. Luid zingend omarmde Truus haar vent en ze gingen de logeerkamer in.
Mien: ''Wat een schorem, welterusten zeggen is er niet meer bij. Gauw ouwe, zet de versterker aan, kijk wat dat loeder over mij zegt.''
Ze hield haar oor tegen de luidspreker om maar niks te missen. Opeens een harde knal.
Ze hoorde Truus schateren van het lachen en ze hoorde haar zeggen:
''Had je aan de tafel bij Mien moeten doen met haar dikke reet. Wat is ze dik geworden hé, geen gezicht en hij is zo mager als een lat.

Joop reageerde niet, maar liet weer een keiharde scheet. Zij weer lachen en zij zei:
''Wie geeft nou de visite rode kool met bloedworst te vreten. Toen ze bij ons waren namen we ze mee naar een duur restaurant.''
Joop:
''Hou nou eens op met je stomme geklets. Mien heeft haar best gedaan en houd je er rekening mee, dat ze het niet zo breed hebben als wij. Wij hebben een goed inkomen, maar zij alleen AOW.''

''Hoor je dat ouwe, hoe gemeen ze over ons kletst. Ze komt er hier niet meer in. Joop is redelijk'', en ze dacht weer aan zijn warme hand tussen haar dijen. Ze gingen ook naar bed en zij dacht aan haar vroegere vrijer Joop. Had ik de inbreker die naast mij ligt te snurken maar nooit ontmoet. Eindelijk viel ze in slaap.
De volgende morgen nam de visite na het ontbijt afscheid. Mien dacht "dat was één keer maar nooit meer".

Schrijver: kees niesse, 20-08-2013


c.h.niesseatkpnplanet.nl



balBiografie van deze schrijver





Geplaatst in de categorie: pesten

Deze inzending is 226 keer bekeken

4/5 sterren met 2 stemmen.



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)