start toeval vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Categorieën:

actualiteit (138)
adel (13)
afscheid (116)
algemeen (330)
bedankt (25)
biologie (13)
dieren (241)
discriminatie (38)
drank (48)
economie (23)
eenzaamheid (179)
emoties (169)
erotiek (68)
ex-liefde (64)
familie (113)
feest (41)
film (3)
filosofie (146)
fotografie (6)
geboorte (23)
geld (33)
geschiedenis (30)
geweld (46)
haiku (5)
heelal (38)
hobby (32)
humor (385)
huwelijk (40)
idool (42)
individu (62)
internet (29)
jaargetijden (53)
kerstmis (79)
kinderen (174)
koningshuis (22)
kunst (48)
landschap (15)
lichaam (38)
liefde (257)
literatuur (352)
maatschappij (158)
mannen (34)
milieu (14)
misdaad (119)
moederdag (11)
moraal (99)
muziek (41)
natuur (96)
oorlog (108)
ouderen (18)
ouders (36)
overig (129)
overlijden (79)
partner (55)
pesten (29)
planten (13)
politiek (50)
psychologie (114)
rampen (55)
reizen (132)
religie (143)
schilderkunst (20)
school (63)
sinterklaas (17)
sms (6)
songtekst (1)
spijt (26)
sport (80)
sterkte (2)
taal (43)
tijd (55)
toneel (10)
vaderdag (1)
vakantie (83)
valentijn (4)
verdriet (87)
verhuizen (13)
verjaardag (17)
verkeer (46)
voedsel (45)
vriendschap (84)
vrijheid (59)
vrouwen (87)
welzijn (54)
wereld (35)
werk (96)
wetenschap (18)
woede (60)
woonoord (87)
ziekte (153)

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 5011):

Verslaafd

Toen Wouter zijn stamcafé verliet was het al donker en het regende zachtjes. Met de kraag van zijn regenjas opgetrokken slenterde hij richting huis. Mien zal wel weer mopperen, dacht hij. Opeens hoorde hij gekerm. Het kwam uit een steeg met blinde muren. Hij tuurde in de steeg en zag een eind verder iemand op de grond liggen. Misschien iemand die niet goed is geworden. Hij liep er naar toe. Tot zijn verbazing zag hij, dat het een meisje was die zo huilde. Hij schatte haar een jaar of achttien, gekleed in een lange donkere broek en een bruin leder jack. Ze was mooi en mager. Ze had een bleek smal gezichtje. Haar blonde haren golfde over haar schouders.

Hij boog zich over haar en tikte op haar schouders. Ze huilde nog steeds en had ook overgegeven. Ze opende haar ogen en keek hem met grote blauwe ogen aan.
''Kan ik u helpen of een dokter bellen. U kunt zo niet blijven liggen in die natte koude regen.''
''Rot op man, blijf van me af'', riep ze luid.
Hij schrok, dat had hij niet verwacht en keek om zich heen. Geen mens in de buurt.

Het viel hem op, dat ze niet naar drank rook. Hij vermoedde, dat ze een drugsverslaafde was, maar zeker wist hij het niet. Ze huilde niet meer en richtte zich op en vroeg:
''Heb jij heroïne bij je? Ik moet het nu hebben, anders ga ik kapot.''
Uit haar zak haalde ze een injectiespuit, een papiertje met een lepeltje en een aansteker.
''Sorry, dat gebruik ik niet, veel te gevaarlijk. Ben je verslaafd aan dat spul?''

''Al jaren man, maar ik kan er niet buiten. Zes uur geleden heeft mijn vriend een injectie gegeven en werd ik weer rustig, maar nu is het uitgewerkt. Ik voel mij vreselijk beroerd, koud, warm, zweten, spierpijn, suf.''
''Probeer er mee te stoppen, je gaat er aan kapot'', zei hij.
Opeens begon ze met haar hoofd te schudden en zag hij haar ogen vreemd draaien. Ze viel weer languit op de grond.

Ik moet wat doen, dacht hij. Zoiets had hij nog nooit meegemaakt in dit dorp. Zal ik de politie bellen, dacht hij. Maar Wouter was geen vriend van de politie. Een dokter zou beter zijn, dacht hij. Toen hij naar zijn stamcafé wilde lopen om daar raad te vragen, kwam net een man de steeg in lopen. Het was een zwaar gebouwde jongeman met een stierennek en kort krullend zwart haar.

Voordat de man wat kon zeggen vertelde Wouter, dat hij bij het passeren van de steeg gekerm hoorde en toen is gaan kijken en het meisje aantrof, die hem om heroïne vroeg.
''Ja dat is goed'', zei de jongeman. Wouter was opgelucht, want zijn aanwezigheid bij het meisje zou misschien verkeerd opgevat kunnen worden.
''Het is mijn vriendin. Ik neem haar wel mee. Bedankt voor uw hulp.''

Net toen Wouter weg wilde lopen zag hij, dat de jongeman haar omhoog trok en een klap in het gezicht gaf.
''Altijd wat met jouw'', riep hij.
Ze begon opnieuw hard te schreeuwen en liet zich weer vallen. Opnieuw trok hij haar omhoog, waarna ze waggelend naast hem meeliep.
''Heb je nog klanten gehad en geef op die poen, vuile slet dat je bent.''

Weer gaf hij haar een klap in het gezicht.
''Ik heb geen klanten gehad en geef me alsjeblieft wat. Ik smeek je Johan, geef het, ik voel mij zo beroerd.''
Toen er nog meer mensen op het lawaai afkwamen nam de jongeman haar mee in de richting van de mensen af. Eén van de omstanders zei:
''Ze is een bekende in het dorp, een heroïnehoertje. Ze woont bij mij aan de overkant. De politie is vaak voor assistentie geroepen en namen haar mee, omdat ze hele buurt midden in de nacht wakker schreeuwde.

Ik weet, dat ze een tijdje methadon heeft gebruikt om af te kicken, maar iedere keer gebruikt ze weer heroïne. Vroeger was het een leuke meid, maar ik vertrouw die vriend niet, een vechtersbaas. Hij rijdt in een mooie auto en zij moet de hoer spelen.''
Wouter hoorde dat allemaal met een bezorgde blik aan. Hij dacht, dat het alleen in de grote stad voorkwam, maar nu hier ook al.

Schrijver: kees niesse, 18-09-2013


c.h.niesseatkpnplanet.nl



balBiografie van deze schrijver





Geplaatst in de categorie: algemeen

Deze inzending is 56 keer bekeken

5/5 sterren met 1 stemmen.



Er is 1 reactie op deze inzending:

Naam:Han Messie
Datum:22-09-2013
Email:hmessieatlive.nl
Bericht:Een droevig en ook werkelijkdheidminnend verhaal, waaruit blijkt dat het zogenaamde volle leven ook steeds meer naar dorpen en platteland gaat.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)