start toeval vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Categorieën:

actualiteit (129)
adel (13)
afscheid (115)
algemeen (329)
bedankt (25)
biologie (13)
dieren (237)
discriminatie (38)
drank (48)
economie (22)
eenzaamheid (178)
emoties (167)
erotiek (68)
ex-liefde (63)
familie (107)
feest (38)
film (3)
filosofie (136)
fotografie (6)
geboorte (23)
geld (32)
geschiedenis (28)
geweld (45)
haiku (4)
heelal (38)
hobby (28)
humor (376)
huwelijk (40)
idool (42)
individu (59)
internet (29)
jaargetijden (53)
kerstmis (77)
kinderen (170)
koningshuis (21)
kunst (48)
landschap (15)
lichaam (38)
liefde (256)
literatuur (351)
maatschappij (151)
mannen (34)
milieu (12)
misdaad (118)
moederdag (11)
moraal (97)
muziek (40)
natuur (90)
oorlog (107)
ouderen (16)
ouders (37)
overig (128)
overlijden (75)
partner (55)
pesten (28)
planten (13)
politiek (50)
psychologie (105)
rampen (55)
reizen (132)
religie (143)
schilderkunst (20)
school (61)
sinterklaas (17)
sms (5)
songtekst (1)
spijt (26)
sport (80)
sterkte (2)
taal (42)
tijd (54)
toneel (10)
vaderdag (1)
vakantie (83)
valentijn (4)
verdriet (86)
verhuizen (13)
verjaardag (17)
verkeer (39)
voedsel (45)
vriendschap (82)
vrijheid (59)
vrouwen (87)
welzijn (52)
wereld (35)
werk (94)
wetenschap (18)
woede (60)
woonoord (86)
ziekte (147)

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 5661):

Mijn ribben werden steeds zichtbaarder

De hongerwinter was net begonnen. We kregen nog minder te eten. Ik kan mij herinneren, dat ik in de rij stond bij de gaarkeuken. Gelukkig was de dooi ingetreden. Vader was wegens het verspreiden van een verzetskrant op heterdaad betrapt en na veel gedoe naar een concentratiekamp in Duitsland overgebracht. Moeder zat dus met vier jongens in diepe ellende. Ik was dertien en de oudste van de jongens. Toen ik eindelijk aan de beurt was kreeg ik na overhandiging van de voedselbonnen in een pan vijf kleine porties stamppot van suikerbieten en rode kool. Toen ik ermee thuis kwam was het al koud. Met wat hout in een noodkacheltje maakte moeder het warm. Het smaakte erg zoet, maar je had honger en je at het dus. Ook het broodrantsoen was minder geworden. Eén sneetje brood van slechte kwaliteit per dag.

Toen het nog hard vroor zag ik op straat dode mensen liggen. Die werden op een handkar naar een kerk gebracht en daar opgestapeld op andere lijken. Kolen voor de kachel kregen we niet meer, dus het was ijskoud in huis. Daarom hebben we het grote bed, waar moeder alleen in sliep, verplaatst naar de huiskamer. Om ons warm te houden lagen we de hele dag met z'n allen in dat bed. Alleen moeder, broer Gijs (11) en ik gingen als het donker was naar buiten om takken van bomen af te zagen. Dat was gevaarlijk, want de bezetter had een spertijd ingevoerd. Je mocht dus niet op straat zijn, behalve als je een vergunning had.

Wij woonden aan de rand van de stad en ik wist dat er niet ver vandaan tuinderijen waren. Ik besloot op een dag daar naar toe te fietsen en om eten te bedelen. Fietsen alleen op ijzeren velgen valt niet mee, maar het ging. Bij de meeste woningen bij de tuinderijen werd de deur niet geopend op mijn aanbellen of kloppen. Toch had ik geluk.
Het begon al te schemeren en probeerde bij nog één woning aan te bellen. Een oudere vrouw deed open en ik vroeg heel beleefd of ze wat te eten had voor mijn moeder en broertjes. Ik mocht binnen komen en plaatsnemen op een stoel in de keuken.

Ik vertelde haar onze situatie en dat vader van kamp Amersfoort overgebracht was naar een concentratiekamp in Duitsland. Hij had illegale blaadjes verspreid. Dat hoorden wij pas toen hij in juli 1945 weer thuis kwam. Voor zover ik mij herinner kreeg ik van de vrouw een bord dunne bonensoep. Ze vertelde, dat haar man in het Wilhelminagasthuis lag en er slecht aan toe was door een beroerte. Brood had ze niet, maar ik kreeg wel een zak met groenten mee, zoals prei en rode kool en apart een zakje aardappelen.

Wat was ik blij en zoende die vrouw op beide wangen. Ik dankte haar en stapte weer op de fiets. Het was al donker geworden en de verlichting op de fiets deed het niet. Het begon weer te vriezen, maar gelukkig kwam ik onderweg geen politie tegen. Moeder was erg ongerust geworden, maar toen ze mij zag met het eten dankte ze God. Op het noodkacheltje heeft ze een paar aardappelen en prei gekookt en gestampt, zodat we allemaal een klein portie konden eten.

Het smaakte heerlijk vergeleken met het eten van de gaarkeuken. Toen het erg koud begon te worden werd de hongersnood nog erger. De ramen zaten vol vriesbloemen, je kon niet meer naar buiten kijken. De porties van de gaarkeuken werden nog kleiner. De ribben op mijn lijf werden steeds zichtbaarder. Ook kwamen bijna elke avond honderden vliegtuigen van de Geallieerden overvliegen.

Wordt vervolgd.

Schrijver: kees niesse, 13-07-2015


c.niesse1931atgmail.com



balBiografie van deze schrijver





Geplaatst in de categorie: oorlog

Deze inzending is 74 keer bekeken

3/5 sterren met 1 stemmen.



Er is 1 reactie op deze inzending:

Naam:Joanan Rutgers
Datum:13-07-2015
Bericht:Hemeltjelief, Kees, wat een ontberingen en verschrikkingen heb jij als kind meegemaakt, ik snap nou maar al te goed dat je extra veel geniet van een nasi goreng speciaal met de nodige bier en wijn. Op je dertiende op een fiets zonder rubberen banden bedelend om voedsel voor je gezinsleden, voor mij ben je een ware held! En dan je vader in een concentratiekamp, echt niet te bevatten zo vreselijk ellendig. Nogmaals, neem het er, zolang je nog kunt, maar flink van!...


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)