Inloggen
voeg je verhaal toe

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 6378):

STRUIS IN SLUIS

‘Nee, ik wil er niets meer me te maken hebben; ik ben weg.’
Na deze woorden stopte mijn vriendin haar betraande ‘kop in het zand’, zoals de Romeinse denker Plinius de Oudere al beweerde en liet mij perplex achter. Ik boog me naar de kuil die ze met haar snavel al dieper schraapte om een nest in te maken en zei dat ze niet zo moest doemdenken maar beter kon aanvaarden dat er een erkende, algemene werkelijk bestond.
‘Wiens werkelijkheid, welke werkelijkheid, ik heb mijn eigen werkelijkheid; iedereen heeft zijn eigen werkelijkheid.’
Zij had haar kop uit het zand gehaald en schudde deze zo wild en verontwaardigd dat ik zand en aarde in mijn ogen kreeg. Ik moest ze even uitspoelen in een bak drinkwater die niet ver van ons vandaan stond.

Toen ik terugkwam zei ze: En van social media wil ik helemaal niets meer weten.’
Wederom verdween haar kop in het zand. Ja, mijmerde ik, veel rust heeft de hedendaagse struis niet meer.
Gedempt sprak ze: ‘zaks hewwe wij onz laasteei leggt.’
Ik zei dat het zo’n vaart niet zou lopen, maar dat er inderdaad wel een begin moest worden gemaakt om Moeder Aarde schoner te krijgen. De kop kwam weer te voorschijn.
‘Maar al die enge uilen dan, ik ben bang voor ze sinds…’
De kop verdween weer. Wat heeft ze toch dacht ik, wat een onrust, kop in het zand, kop uit het zand, kop in het zand, kop uit het zand.
Ze had wel gelijk, er bevonden zich veel uilskuikens onder de wijze vogels die ons landje bestuurden.
‘Kzie gen tokomz mir vor oz volluk.’
Ik kon haar haast niet verstaan met die kop zowat onder de grond.
‘Kop op.’
Ik flapte het eruit zonder erbij na te denken, maar had direct in de gaten dat ik beter een andere aanmoediging had kunnen gebruiken.
‘Kom, kijk nu eens om je heen, er zijn nog zoveel mooie dingen ook in het leven.’
Daar was ze weer, met kop en al, maar ze was bij lange na niet overtuigd zag ik. Ze zuchtte diep.
‘We zijn wereldburgers, al is dat tegen wil en dank en het leven is nu echt nog niet voorbij voor ons soort vogels,’ probeerde ik. Haar kop leek wel een zandsculptuur inmiddels.
’ Kom, ga je een beetje opfrissen en neem een schepje water. Nog even en de eerste bezoekers arriveren op de boerderij. ‘
Mijn vriendin had duidelijk een postnatale depressie na het leggen van haar laatste ei.
Tot mijn verbazing gaf ze gehoor aan mij oproep.

‘Uilen zijn ook maar dieren.’ Ik zei het vergoelijkend. ‘En dat, terwijl elk dier een mier is als je ernaar zou kijken vanuit de kosmos. Kijk nu eens naar een leeuw. Dat is ook maar een grote poes die hard miauwt.’ Waar ik het vandaan haalde weet ik niet, maar ik vond het een goeie.
‘Dieren die zijn net als mensen, met hun echte mensenwensen en hun echte mensenstreken.’ Ik wist dat het niet van mezelf was maar kon niet op de naam komen van de filosoof die dit ooit te berde bracht.
’Vergeet je afkomst niet, je bent een struthio camelus pur sang, de snelste loopvogel van de wereld en daar mag je trots op zijn! Zet hem op meid, we zijn vogels van enerlei veren. Stop met dat uilen naar Athene dragen. Laten we niet langer ons kruit op de mussen verschieten.’
Ze keek me aan en ik zag dat ze er weer tegen kon.
”Kom, stresskipje’ zei ik, ‘het wordt weer een drukke dag in Monnikenwerve.

Schrijver: Anneke Haasnoot, 30 mrt. 2019
30 mrt. 2019


Geplaatst in de categorie: literatuur

4,3 met 3 stemmen 270



Er is 1 reactie op deze inzending:

Naam:Han Messie
Datum: 3 apr. 2019
Emailadres:hmessielive.nl
Bericht:De filosoof, die je even aanhaalde was Jacob de Uil van de Fabeltjeskrant, Anneke.
De sprekende struis in jouw verhaal bezit Goddelijke wijsheid, terwijl ze nuchter het leven blijft bekijken. Dat er maar meer mensen mogen komen, zoals deze struis.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)