Inloggen
voeg je verhaal toe

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 6586):

Een copycat in Kollum

(vervolg op 'Nienke's nieuwe woede')

Nu Nienke alweer drie jaar op een gesloten afdeling in de psychiatrische inrichting te Franeker zit, is de rust in Kollum goddank weergekeerd. Slechts de bejaarden in het ouderencentrum 'Betesda' hebben het er nog wel eens over, omdat er verder niet zoveel te bespreken valt. Vooral Harmen Rypkema, die vroeger stratenmaker was, wil er graag nog eens over beginnen, alleen al om de andere kerels bang te maken. 'Méneer Rypkema!', zegt zuster Aalke Knol dan, 'let u een beetje op de bloeddruk van uw medemens!'. 'Ik let liever op die twee molshopen bij jou voor de deur!', antwoordt de licht-dementerende ruwe bonk Rypkema dan, 'vergeet niet dat ik nog steeds een uitstekende mollenvanger ben!'. Daarna is er vaak een groot geroezemoes vol ongenoegen bij de andere koffiedrinkers. Mevrouw Ida Terpstra heeft zich wel eens ernstig verslikt in een boterkoekje. Hotel 'De Roskam' is overgenomen door een ruimhartige ondernemer uit Dokkum, Wibout Keuning. Hij heeft er een frisse wind doorheen laten waaien en alles verloopt er op rolletjes. Hij runt het hotel met zijn partner Gerard Dijkstra, die tevens de chefkok is. De bardame Ulkje Boomsma is uit Kollum afkomstig. Zij is ergens in de vijftig, maar dat zou je haar niet geven, daar ze de look van een jeugdige spetter heeft. De klandizie is boven verwachting en er komen zelfs dagjestoeristen langs, die benieuwd zijn naar de plek, waar de beroemde Maigret één van zijn misdaden heeft opgelost. Een zilveren plaquette bij de voordeur verwijst naar zijn bezoek. Om de zoveel tijd poetst Ulkje deze plaquette wat op. In het vroegere huis van Nienke woont nu een keurig, gereformeerd gezin. Zij gaan iedere zondag twee keer naar de kerk en zij zingen psalmen bij hun orgelmuziek. 'Als dat de boel daar niet zuivert, dan weet ik het niet!', zegt Gerard tegen Wibout, die de inkomsten van de laatste maand aan het optellen is. Ulkje doet de lichten aan en ze dekt de tafels voor de gasten. Uit de boxen in twee hoeken klinkt de rauwe stem van Edith Piaf.

Even verderop maakt Harmen Rypkema zijn dagelijkse ommetje en slentert hij nietsvermoedend door een stil achteraflaantje. Er nadert een persoon met een masker op. 'Zeg, het is hier geen carnaval, mafkees, zet dat enge schreeuwmasker eens af, wil je?', moppert Harmen. 'Wat is er rood en zakt in elkaar?', vraagt de gemaskerde griezel. 'Ach, wat, flikker op jij!', antwoordt Harmen geïrriteerd. 'Fout!', roept de gemaskerde en hij of zij steekt direct een vlijmscherp mes in de buik van Harmen. Uit angst dat dit niet voldoende effectief zal zijn, steekt hij een tweede mes in Harmen's hart. Daarna snelt de gemaskerde het duister in. De volgende dag is het weer raak en wordt de frietboer Kees Nasischijf om het leven gebracht, precies op dezelfde manier. Kollum is meteen in rep en roer en men vermoedt al snel dat er een dubbelganger van Nienke bezig is. De dorpelingen durven nauwelijks nog op straat te komen, alleen voor de nodige boodschappen en de noodzakelijke werkzaamheden. Het bejaardencentrum 'Betesda' krijgt een ingehuurde beveiliger, die pas zijn diploma heeft gehaald en zelf net zo bang is. Er zijn maar weinig mensen op de begraafplaats aan de Woldringstraat, waar Harmen en Kees begraven worden. Achter het graf van Sjoerd Butterman staat een opvallende man in een oud-Engels kostuum en met een rokende pijp in zijn zuigende mond. Deze slimme detective is speciaal door de burgemeester van Kollum ingehuurd om de raadselachtige moorden op te lossen. Het is niemand minder dan Sherlock Holmes, die zijn assistent heeft thuis gelaten. Er is haast geboden, want de Kollumer moordenaar kan ieder moment weer toeslaan.

'U krijgt dezelfde kamer als uw eerbiedwaardige collega Maigret!', slijmt de elegante hotelbaas Wibout Keuning, die al droomt van een tweede plaquette en extra dagjestoeristen. 'Regeren is vooruit zien!', grapt hij naar Gerard, 'maak de lekkerste biefstuk van het huis voor hem klaar!'. Ulkje is ook gecharmeerd van het hoge bezoek, maar dan om meer amoureuze redenen. Sherlock laat zich de malse biefstuk en de speciale streekbier goed smaken en daarna verkent hij het dorp. Op de Voorstraat is het doodstil en de meeste gordijnen zijn stevig gesloten. Een vervelende kwajongen knettert met zijn opgevoerde brommer voorbij en een liefdespaartje kijkt verschrikt achterom, wanneer ze Sherlock 'Good evening!' horen zeggen. 'Die spoort echt niet!', zegt de verliefde jongeman en zijn scharrel giechelt tot in de verte. De rookpluimen van Sherlock's pijp komen als zoete mistflarden in de neusvleugels van een gemaskerde vrouw terecht. Hegeltsje Wielinga schiet meteen naar achteren, want ze herkent de speurneus meteen vanuit de films. Ze ruikt onraad en dat terwijl ze juist nu weer ontzettend bloeddorstig is. Ze laat zich echter niet van de wijs brengen en via achterafsteegjes nadert ze het afgelegen huis van de levende tuinkabouter Aalke Knol. 'Aalke is een smerige hoerenloper, een vuile vrouwenverkrachter!', denkt Hegeltsje om zichzelf op te peppen. 'Na een nachtje bij hem heeft hij mij laten vallen als een baksteen en niet alleen mij, maar half Kollum!', denkt ze, terwijl ze achterom loopt. De achterdeur is open en ze sluipt naar binnen. Aalke zit voor de televisie en hij drinkt blikjes bier. 'Zo goorlap, naar vieze filmpjes aan het kijken!', zegt ze en voordat hij door heeft wat er gebeurt, heeft ze hem al meerdere keren gestoken. Zijn dikke lichaam valt als een kanonskogel voorover. Hegeltsje rooft enkele flessen Sonnema en een gouden horloge. 'Ik moet hoe dan ook op Sherlock vooruit blijven lopen!', denkt ze cool en vastberaden.

Desalniettemin giert de spanning toch door het lijf van Hegeltsje en besluit zij nog even naar een café te gaan. 'Ook om mijn gezicht elders gewoon te laten zien!', denkt ze, 'om verdachtmaking te voorkomen!'. In het café is nauwelijks een hippe kip te bekennen, alleen haar vriendinnen Tietsje Kuiken en Tietie Borst zijn er wel. Ze lachen wat om twee jongemannen, die mallotige versierpogingen ondernemen. 'Volgens mij is het allang bedtijd voor jullie!', roept een halfdronken Tietsje. 'Ga je dan met ons mee naar bed?', reageert één van de twee versierders. 'Ik doe het nog liever met een varken!', antwoordt Tietie, die daarmee de versiersfeer danig verpest. 'Maar een varken niet met jou, Miss Piggy!', reageert de andere versierder, waarna het beschonken tweetal het café verlaat. 'Godsamme nog aan toe, wat een losers!', jeremieert Tietie. 'Zullen we ze volgen en laten schrikken?', vraagt Tietsje met olijke oogjes. 'Welnee, joh, lekker laten gaan, wieweet komen ze die mannenkiller wel tegen, dan hebben ze meteen de schrik van hun leven!', zegt Tietie, 'wat jij, Hegeltsje, wat ben je stil, je moet wel blijven doordrinken, meid!'. 'Nou eh, ik denk dat ik maar eens op huis aan ga, het was me een genoegen, dames, tot de volgende keer maar weer!', antwoordt Hegeltsje.

Buiten komt het roofdier in Hegeltsje meteen naar boven en loert ze als een bosuil door de straat en langs de huizen. De stiletto in haar jaszak heeft ze inmiddels open geklapt. Ze ziet de jongemannen voorbij de Sint-Maartenskerk waggelen. Via de andere kant van de kerk stuift ze naar voren en gaat ze net op tijd in een hinderlaag liggen. Ze springt te voorschijn en ze probeert één van de jongemannen fataal te raken, maar ineens voelt ze een klap op haar achterhoofd en valt ze in katzwijm op de harde klinkers. 'Echt een degelijke, Engelse pijp!', zegt Sherlock vol vreugde. 'Mister Sherlock Holmes!', roepen de jongemannen verbaasd en verheugd. 'Ja, jongens, helpen jullie mij even om deze psychopatische moordenares naar het politiebureau te brengen?', vraagt Sherlock, die onverminderd blijft roken. De volgende dag is het landelijk nieuws en wordt hotel 'De Roskam' door diverse journalisten overspoeld. Iedereen wil weten hoe het Sherlock Holmes zo snel is gelukt om de moordenares te pakken. 'Dat is natuurlijk het geheim van de meester!', zegt de trotse Wibout, 'maar hij vertelde mij wel, dat hij haar toevallig met haar masker op had zien wegrennen naar haar huis op de Beatrixstraat 19, waardoor hij haar verder alleen maar ongezien hoefde te volgen!'. 'Toevallig of via een slimme manoeuvre?', vraagt een magere journalist met sluwe pretogen. 'En waarom is Sherlock al zo snel weer vertrokken?', vraagt een lepe journalist van Het Nieuwsblad van het Noorden. 'Omdat hij snel naar een dringende zaak in Engeland moest!', antwoordt Wibout, 'maar neemt u gerust zoveel mogelijk foto's van ons hotel en zijn hotelkamer, waar overigens drie jaar geleden commissaris Maigret...'. En zo kwam het opnieuw goed met het oer-Friese dorp Kollum en de zo mateloos geteisterde inwoners. Dankzij de hulp van twee toprechercheurs. De plaquette inzake de moordoplossing door Sherlock Holmes is al in de bestelling.

Schrijver: Joanan Rutgers
30 mrt. 2020


Geplaatst in de categorie: misdaad

1,0 met 1 stemmen 60



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)