Inloggen
voeg je verhaal toe

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 6662):

Een oude geliefde in Baarn

De flamboyante, 71-jarige antiquaar Evert van Gisteren had best een dure villa kunnen kopen, want daar barst het van in Baarn, maar zijn oog viel meteen op het charmante huisje aan de Brink 8-10, het 'Schoutenhuis' uit 1870. Sinds hij er vorig jaar is komen wonen, heeft hij gelukkig geen gebrek aan klandizie, want menige rijkaard in Baarn snuffelt nog graag tussen de oude boeken, op jacht naar een gouden exemplaar. In een achterkamer bewaart hij zijn meest bijzondere boeken in een gedegen, peperdure kluis. Die laat hij alleen zien, wanneer er een speciale afspraak met hem wordt gemaakt. Gezien de dure prijzen van de bijzondere boeken heeft hij dan altijd zijn in Servië gekochte pistool bij de hand, dat wil zeggen, in zijn binnenzak. Dat is ook nu het geval. Zijn vaste klant mag dan wel de aimabele, Baarnse uitgever/biograaf Wim Hazeu zijn, je weet het maar nooit met die artistiekelingen. Heel voorzichtig pakt hij de stapel boeken uit zijn kluis, terwijl Wim gespannen toekijkt. Bij het zien van een eerste druk van 'Une Saison en Enfer' uit 1873 van Arthur Rimbaud krijgt Wim spontaan hartkloppingen en breekt het zweet hem uit. 'Gesigneerd!', zegt Evert doodleuk, 'gekocht op een veiling bij Christie's in Parijs, voor 537.000 euro!'. 'Dat heb ik helaas even niet bij me!', grapt Wim, die wel even mag bladeren. 'Het is ook niet te koop!', zegt Evert, 'want het is gereserveerd voor de Goudse schrijver/dichter/hagiograaf Joanan Rutgers, die het binnenkort komt ophalen!'. 'Die heb ik een keer ontmoet!', zegt Wim, 'maar wat is dat nou? allemachtig zeg, een eerste druk van 'The Canterbury Tales' uit 1478 van Geoffrey Chaucer, hoe kom je daar nou aan?'. 'Via via in Londen, waar ik trouwens ook dit aangeschaft heb!', antwoordt Evert, die Wim vol trots een eerste druk van 'Comedies, Histories, & Tragedies' uit 1623 van Mr. William Shakespeare toont. Wim krijgt bijna een hartverzakking en met trillende handen vraagt hij of hij er even in mag kijken. 'Natuurlijk, mijn beste', zegt Evert, 'dan haal in ondertussen even de fles cognac. Door de manier waarop Wim reageert, valt bij Evert de vrees weg, dat hij iets zal gappen. Even later komt hij binnen met in zijn ene hand een zilveren dienblad met twee glaasjes cognac erop en in zijn andere hand de fles cognac. Nadat Wim volgens Evert genoeg heeft gezien, stopt hij de stapel boeken weer zorgvuldig in zijn kluis. 'Ik heb iets heel bijzonders voor jou in de verkoop!', zegt Evert, 'kijk maar eens wat ik hier heb!'. Evert laat hem een liefdesbrief van Jan-Jacob Slauerhoff aan Darja Collin zien en Wim giet zichzelf meteen een nieuw glas cognac in. 'Jezus, Evert, dit is een unicum, dit vindt je nergens, man, wat maak je me weer blij!', roept Wim. 'Lees het maar even door', zegt Evert, 'dan zul je nog meer versteld staan!'. 'Hemeltjelief, wat wonderschoon geschreven en typisch Slauerhoff, zeg op, Evert, wat moet me dit kosten?', zegt Wim met een kwijlende mond. 'Doe maar duizend!', reageert Evert en Wim pakt meteen zijn dikke beurs uit zijn achterzak.

Drie dagen later slentert de ietwat aangeschoten Evert naar de Heilige Nicolaaskerk aan de Kerkstraat 17-19 om de mis bij te wonen. Wanneer de hosties worden uitgedeeld, staat hij schommelend in de rij. De vrouw voor hem komt hem bekend voor, maar hij weet het niet zeker of zij het is. In een ver verleden had Evert namelijk een vriendin, die hij buitengewoon veel liefhad, ook omdat zij net als hem erg veel van de literatuur hield. Ze was helaas al verloofd met iemand anders, een collega-dichter, maar dat deerde haar niet om een keer met hem het bed te delen. In haar huurkamertje in Utrecht hebben zij op klaarlichte dag de gordijnen wild dichtgeschoven en hebben ze vurig en ongeremd gevreeën. Dat gelukzalige voorval is altijd hun geheim gebleven. 'God nog aan toe, wat kon die meid vrijen!', denkt Evert, nu de priester een hostie in zijn handen legt. Na de dienst volgt hij haar zo goed als hij kan, want ze loopt duidelijk sneller. Ze loopt het huis aan de Nicolaas Beetslaan 18-20 in. Evert ziet haar door de woonkamer lopen en de planten water geven. Na een zenuwtergend kwartier trekt hij de stoute schoenen aan en belt hij aan. De statige deur gaat langzaam open en dan gelooft hij het toch echt. 'Han? Hanneke? Ben jij het?', vraagt hij met trillende stem. 'Ik ben Hanneke!', zegt zij verbaasd, 'en u bent?'. 'Maar herken je mij dan niet? Ik ben het, Evert, Evert van Gisteren, jij was vroeger een lieve vriendin van mij!'. 'Wacht eens even, Evert? O, Evert, ben jij het? Hoe gaat het nou met jou? Kom binnen zeg, dat is echt lang geleden, heb je trek in thee, ik wilde net wat gaan zetten!', zegt Hanneke Majoor verheugd. 'Wat woon je hier mooi op stand!', zegt hij, 'schuift het vertalen van kinderboeken tegenwoordig zo goed?'. 'Dat zou je denken hé, maar nee, een rijke oom vond mij blijkbaar de moeite waard!'. 'Doe mij zo'n oom!', zegt hij opgewonden, 'maar je moet ook eens bij mij langs komen als je wilt, ik woon sinds vorig jaar op de Brink en in plaats van boeken te schrijven, zoals ik vroeger graag wilde, ben ik ze maar gaan verkopen, overigens met de allerbeste resultaten!'. 'Het is kamillethee, lust je dat?', vraagt zij met die nog steeds onweerstaanbare vrouwelijke versierkunsten. 'Woon je hier alleen?', vraagt hij met een brok in zijn keel. 'Al weer drie jaar sinds de scheiding met mijn man, je weet wel.'. 'En je kinderen?'. 'Die zijn allang uitgevlogen en ze komen gelukkig nog vaak op bezoek!' 'Je bent in Baarn geboren en opgegroeid hé?' 'Klopt, ik voel me er nog steeds heel senang en veilig en ergens wilde ik er vroeger nooit weggaan' 'Mooie huizen, rust, natuur, overzichtelijkheid, ik begrijp dat wel' 'Ben je nog steeds een beetje verliefd op mij?' 'Nog steeds, ik geloof dat dat nooit over zal gaan, je hebt ooit zozeer de gevoelige snaar bij mij geraakt, weet je, ik droom nog steeds van jou, van toen je achttien was, snap je wel?' 'Ik ben er niet mooier op geworden hé?' 'Jawel, doorleefder en standvastiger, gerijpter en nog milder' 'Milder?' 'Ja, beauty-queen, ik vond je vooral heel erg mild, zachtaardig, onbevooroordeeld en vitalistisch' 'Ik vond je intrigerend en hartstochtelijk, maar ook beangstigend dichtbij, doorzichtig en doorschouwend' 'Vandaar je keuze voor hem' 'Zoiets ja'.

Een week later, op dinsdagavond half tien, staat de afspraak met de evenoude Hanneke. Door Evert's intense verliefdheid kon hij vroeger zijn liefdesfantasieën niet scheiden van de realiteit, vandaar dat hij in zijn beleving ooit met Hanneke de liefde heeft bedreven, wat alleen in zijn spirituele wereld heeft plaatsgevonden. En wellicht is dat ook wel op het spirituele vlak gebeurt, etherisch en astraal, zonder dat Hanneke zich daar bewust van was. Kosmisch vrijen is vaak bijzonder magisch en kan tot heftige kundalini-uitbarstingen leiden. Dat hij met haar getongzoend heeft, is wel echt gebeurd. Het is half acht en er wordt gebeld. Evert doet open en hij laat een verwachte klant binnen, de Rimbaud-liefhebber Sjoerd van Brakel, die via internet op het pistool van Paul Verlaine af komt. 'Een leuk beeld, dat 'Drinkend Paard' van Pieter d'Hont!', zegt de dik ingepakte Sjoerd. 'Houdt u van beelden, mon Dieu, u lijkt meneer Hazeu wel, die reist de hele wereld rond om literaire standbeelden te besnuffelen en ermee op de foto te gaan!'. 'Meneer Hazeu? Ken ik niet!', zegt Sjoerd ongeduldig, 'doet er ook niet toe, want ik kom voor dat historische wapen, wat u in uw bezit schijnt te hebben!'. 'Schijnt? U bent niet echt op de hoogte merk ik, komt u maar eens met mij mee naar achteren!'. Evert opent de kluis en hij legt het pistool op tafel. 'Dát is het echte wapen, waarmee Paul Verlaine op Arthur Rimbaud geschoten heeft!', zegt hij glunderend, terwijl hij in stijl de absint inschenkt. 'Hij vuurde twee keer op Rimbaud en Rimbaud had enkel een ongevaarlijk schampschot aan zijn pols!', zegt Evert. 'En die 50 kogels?', vraagt Sjoerd. 'Tja, die zitten er niet bij, maar wat zou je daar ook mee willen?', reageert Evert, 'ik vraag er een half miljoen euro voor!'. Zodra hij dat gezegd heeft, staat Sjoerd op en haalt hij een moderne blaffer uit zijn jaszak, waarmee hij Evert genadeloos neerschiet. Het pistool van Evert valt daarbij uit zijn binnenzak en zichtbaar op de vloer. 'Jij, stinkerd!', roept Sjoerd, die er snel met Verlaine's pistool vandoor gaat.

Hanneke heeft zich ondertussen schoongemaakt, opgemaakt en van sierlijke, opwindende kledij voorzien. Ze voelt zich weer een jonge deerne, die smoorverliefd is. 'De cirkel is gesloten', denkt ze, 'die charmante en veelbelezen Evert heeft lang genoeg moeten wachten, ik ben er eindelijk helemaal klaar voor, wat heet, ik smacht ontzettend naar een wilde nacht met hem, al zal dat op onze leeftijd wat minder onstuimig en vitaal zijn, het mag er zijn! Ook al is de libido bij beiden gekelderd, de passie zal er niet minder om zijn! O, mijn God, wat hou ik veel van hem!'. Denkend aan wat volgens haar gaat komen, trippelt ze steeds sneller richting de Brink. Ze lacht naar de vrolijke kinderen in de speelfontein. Terwijl ze aanbelt, voelt ze de dampende hitte tussen haar benen. Er beweegt helemaal niets. Nog maar een keer bellen. Weer niets. Dan maar wat langer bellen. Wanneer het stil blijft loopt ze rond het huis en kijkt ze naar binnen. In de achterkamer ziet ze Evert op de grond liggen. Ze belt meteen 112 en ze roept er enkele mensen bij. Een klein en dik mannetje aarzelt geen moment en hij beukt de voordeur in. Hanneke volgt hem in paniek. Sirenes komen naderbij. Even later ziet Hanneke hoe Evert in de ziekenauto wordt weggereden. Thuisgekomen huilt ze aan één stuk door en drinkt ze een hele fles whisky op. Ze had zelf nog gezien hoe de verpleger met zijn hoofd had geschud en het laken voorzichtig omhoog schoof.

Schrijver: Joanan Rutgers
13 jun. 2020


Geplaatst in de categorie: liefde

Er is nog niet op deze inzending gestemd. 38



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)