Inloggen
voeg je verhaal toe

Verhalen

De verkeerde keuze van graaf Robrecht de Hubens

In het Kasteel van Gingelom op de Regentwijk 80 in Gingelom woont de kleurrijke graaf Robrecht de Hubens, die vanwege zijn manisch-depressieve inborst 's nachts in een graaf Dracula verandert, die tuk is op vrouwelijke buit. Overdag steelt hij vaak de show met zijn rechtschapen, innemende en aanstekelijke persoonlijkheid, waar menige vrouw automatisch voor valt. Hij gaat dan ook altijd keurig gekleed in zijn pakken van William Westmancott Ultimate Bespoke en hij ziet er picobello verzorgd uit. Voor zijn meest speciale gelegenheden draagt hij zijn Diamanten Editie pak van Stuart Hughes. Hij zweert bij zijn Roja Dove parfum en zijn Graff Diamonds Hallucination rond zijn pols. Overdag is Robrecht een en al uitbundigheid en doet hij de gekste dingen. Zo heeft hij een keer tijdens een snikhete zomer een kameel gehuurd om zichzelf daar dagenlang mee te vervoeren. Hij verkleedde zich als een sultan en hij rookte af en toe een hasjpijp. In Gingelom en omstreken dachten ze dat hij een echte Arabier was, want hij zong Arabisch-achtige liederen. Hij ging ook wel eens als ouderwetse diepzeeduiker verkleed naar de mis in de Sint-Petruskerk op de Sint-Pietersstraat 2 in Gingelom. Om de Heilige Communie te ontvangen, kon er een rond, glazen raampje in zijn helm open. Dat liet hij dan door pastoor Karel de Laubespin doen, omdat hij er schik in had om hem te zien hannesen. Met zijn grote zwemvliezen kletste hij op de stenen vloer en leek hij op een verdwaalde pinguïn. Niemand die er iets van durfde te zeggen, want pastoor Karel predikte altijd in de geest van 'Onze Lieve Heer heeft rare kostgangers' en 'Zalig de armen van geest'. Op een dag ging Robrecht als een middeleeuwse nar verkleed en maakte hij overal grappen en grollen. Toen hij als nar een keer in Sint-Truiden zijn blote piemel aan de bizar dikke begijn Renildis de Wavrin liet zien, was het echt kantje boord met zijn imago, maar Renildis wilde het wel verzwijgen, mits hij haar een lekkere nacht wilde bezorgen, wat hij maar al te graag inwilligte. Het was nog wel een hele zoektocht naar haar liefdesgrot, maar het is hem gelukt.

Zodra de duisternis invalt, wordt Robrecht een ander mens en wil hij alleen nog maar zo snel en zo lang mogelijk met een vrouw de liefde bedrijven. Die ommekeer in zijn karakter heeft hem geen windeieren gelegd. In zijn heftige liefdesnachten heeft hij vele, adellijke vrouwen bemind. Neem bijvoorbeeld gravin Frieda Goblet d'Alviella van het Kasteel van Duras op Park 1 in Sint-Truiden. Frieda verscheen bij hem in een Bordelle lingerieset van Alexandra Popa, waardoor hij meteen begon te likkebaarden. Zij had een antieke plumeau in haar hand, waarmee zij hem en zichzelf bewerkte. Een geraffineerde versierkunst, die meteen vruchten afwierp, want hij knielde diep voor haar neer en hij likte haar Debbie Wingham-stiletto's. Een parfum van de DKNY Golden Delicious Million Dollar Bottle steeg van haar lichaam op en betoverde zijn reukorgaan. Beiden raakten in een wilde roes van passie en in de hal, pal onder het originele 'La prostituée de Chartres' van Vincent van Gogh, doken zij op elkaar en leken zij elkaar te willen verscheuren. Hier en daar werd er gebeten en gekrabd, maar de tederheid overheerste en uiteindelijk kwamen beiden tot een ongekend hoogtepunt. Na een cognacje in de salon wilden ze naar de eerste verdieping gaan, maar op de stijlvolle trap raakten zij opnieuw compleet gek van elkaar en nam de seksuele lust de overhand. Deze keer lagen zij onder een zeer zeldzaam naaktschilderij van gravin Isabelle Depestre, geschilderd door Antoine Vestier. Robrecht nam alle tijd voor het liefkozen van Frieda's kleine, stevige, appelvormige borsten met de lieftallige, mierzoete, oogverblindende tepels. Hij kuste iedere centimeter en hij dook met zijn neus in haar naar zweetgeur ruikende okselharen, waar hij nog wilder van werd. Zij likte aan zijn borstharen alsof het om de meest verrukkelijke ijssoort ging. Zij stuurde zijn stuurknuppel recht in haar wonderschone vagina en zij paarden erop los. Zij hijgden en kreunden volop en het hele Kasteel van Gingelom leek wel mee te feesten en volop te glimlachen. Toen de bel ging, liet Robrecht Frieda gauw naar zijn bed gaan. Het bleek barones Loralei de Marnix de Sainte Aldegonde van het Kasteel van Hasselbroek op de Hasselbroekstraat 188 in Jeuk te zijn. Loralei had een ongelooflijke jeuk tussen haar benen en zij wilde zo snel mogelijk met Robrecht naar bed. Een week eerder was Robrecht nog bij haar geweest en meende hij een verschijning van de 7-jarige Wolfgang Amadeus Mozart te zien. Mozart had ooit een nacht in het Kasteel van Hasselbroek geslapen. Tijdens de vrijpartij met de supergeile Loralei hoorde Robrecht duidelijk de eerste pianocompositie 'Sigismund von Eberlin' van Mozart. 'Ik heb Mozart maar even thuis gelaten!', grapte Loralei. 'Je komt als geroepen!', zei hij, 'want jouw dierbare vriendin, gravin Frieda, ligt al op ons te wachten!'. 'O, wat heerlijk dat Frida er ook is!', zei Loralei. Niet veel later piepte en kraakte het bed van Robrecht alsof het ieder moment kon instorten, maar dan nog, dan hadden ze ongestoord doorgegaan.

Natuurlijk herinnert Robrecht zich ook de bijzonder hete liefdesnacht met markiezin Hortence de Béthune-Sully van het Kasteel Groenendaal op Groenendaal 1 in Waltwilder, gravin Emerence de Jamblinne de Meux van Kasteel van Schoonbeek op de Waterkasteelstraat 1 in Beverst en de biseksuele gravinnen Angelique del Marmol en Isolde Greffulhe van het Kasteel van Schalkhoven op de Schalkhovenstraat 1 en 2 in Schalkhoven. Tijdens de seksvreugde met die vier door de wol geverfde minnaressen leek het wel alsof hij van de spanning en de opgewondenheid uit elkaar zou barsten, al zijn aderen stonden op springen, alsof hij een Big Bang explosie nabij was. Met vier vrouwen tegelijkertijd de liefde bedrijven, was net iets teveel van het goede voor hem en hij liet het dan ook bij die ene keer. Hij dacht aan 'Too Much Love Will Kill You' van Queen. Inmiddels vindt hij zichzelf stukken wijzer geworden en heeft hij zijn zinnen op de boerenvrouw Minne Godin gezet. Minne woont samen met haar onbeholpen en agressieve man Victor Minne in de Kamerijckhoeve op de Kamerijckstraat 11 in Gingelom. Sinds Robrecht haar in de Sint-Petruskerk heeft zien zitten, ziet hij haar absoluut wel zitten, zo met die flinke genotsbergen van haar. Op een avond rijdt hij in zijn Bentley 4 1/2 Litre SC 'Blower' Sports richting de boerderij van zijn nieuwste prooi Minne. Hij blowt een beetje van zijn Gorilla Glue en hij drinkt wat Stolichnaya vodka, alvorens hij zijn auto op een veilige afstand van Minne's boerderij parkeert. In zijn gedachten ligt hij zometeen met Minne in het hooi te rampetampen. Zwaar beneveld door de wiet en drank ziet hij nergens meer gevaar en smijt hij de deur van zijn auto dicht. De wit geschilderde Kamerijckhoeve begint voor hem wit, hemels licht uit te stralen. Hij waant zich in de zevende hemel en hij zwalkt het erf op. In een stal ziet hij Minne op een melkkrukje zitten. Zij melkt een koe met dikke uiers en hij ziet haar geweldige uiers alsmaar groter worden en op hem afkomen. In zijn verbeelding heeft Minne net zulke grote spenen als die van haar melkkoe en hij loopt aangenaam gedrogeerd naar haar uitnodigende zwabbertieten toe. 'Wie ben jij dan?', vraagt Minne verbaasd. 'Ik ben jouw kersverse minnaar en de belichaming van al jouw natte wensdromen!', zegt Robrecht. 'Kom dan maar snel!', zegt Minne in Robrecht's verbeelding. In werkelijkheid zegt ze: 'Kijk maar uit, want mijn man kan elk moment terug komen!'. 'Ja, je zult heerlijk klaarkomen!', zegt hij en hij doet zijn broek omlaag. Het voelt voor hem alsof hij de penis van Thor bezit. Minne ziet ondertussen hoe haar man achter hem tevoorschijn komt. Zij speelt het bloedernstige spel van Robrecht met hem mee en zij spreidt haar benen, zodat de rode string onder haar rok zichtbaar wordt. Het maakt de stier in hem los. De rode lap stof maakt hem helemaal dol, maar nog voordat hij op haar kan duiken steekt Victor een riek door zijn lichaam. Er steken ineens vier tanden uit de voorkant van zijn borst. Hij kijkt even naar het rode bloed en daarna valt hij naar voren, terwijl Minne snel opzij springt. 'Die gooi ik straks wel even in de gierput!', is het enige wat Victor zegt.

Schrijver: Sir Joanan Rutgers
10 april 2026


Geplaatst in de categorie: literatuur

Er is nog niet op deze inzending gestemd.aantal keer bekeken 9

Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je e-mailadres voor anderen in beeld verschijnt)