Inloggen
voeg je verhaal toe

Verhalen

Fabuleuze impressioniste

(voor Berthe Morisot (1841 - 1895))

Je bent geboren in Bourges, midden in Frankrijk, waar je gegoede ouders een prachtig huis bezaten met veel natuur rondom, met eigen vruchtbomen, waar je moeder jam van maakte en een donkere wijnkelder met bestofte wijnflessen, de trots van je bourgondische vader. Samen met je zus Edma las je al schommelend de gedichten van oude dichters en samen zwijmelden jullie over prinsen op witte paarden, die jullie mee zouden nemen naar hun luilekkerlandkastelen. In de privé-bibliotheek van jullie gezin stonden verschillende dikke boekwerken met afbeeldingen van betoverend mooie schilderijen. Langzaam bladerend lag je met je zus te kijken naar al die beeldschone penseelstreken, die verbazingwekkende taferelen toonden, ook veel naakte vrouwen, aanzienlijk meer dan naakte mannen, vreemd genoeg. Vrouwen werden in allerlei bevallige poses uitgebeeld, maar de naakte man leek wel een taboe te zijn, zo werden de kunstzinnige bevrijdingstochten wel heel eenzijdig, dit feit met name deed in jullie de drang groeien om al die mannelijke kunstschilders eens wat tegengas te bieden en dus gingen jullie al ras aan de slag met eigen verf en doeken. Jullie ouders en andere familieleden stonden verbaasd over jullie natuurlijke aanleg en ze steunden daarom jullie plannen om de kunstwereld in te gaan, in eerste instantie zeer beïnvloed door de uitbundige Rococo-schilder Fragonard, wiens kleurrijke versieringen jullie aanbaden, kwamen jullie als bloeiende jongedames rond jullie twintigste in contact met de belegen meester Camille Corot, wiens gestotter en handengetril jullie eerst nogal deed giechelen, maar later veranderde die lichtzinnigheid in een zieldiep respect voor zijn kunstenaarskunde, waarbij hij jullie heel precies minuscule figuurtjes liet schilderen om via uiterste subtiliteit later met gemak het grotere werk aan te kunnen, een geniaal procedé. Via hem kwamen jullie in contact met andere kunstschilders en het vaak wilde, ongeregelde leven wat zij leidden. Er waren er bij die jullie burgerlijke trekken venijnig op de proef stelden, er waren er ook bij die overdreven diepe buigingen maakten en handkussen driedubbel aandikten. Nou moet gezegd, dat je een prachtige jonge vrouw was, met teer-krullerig, zwarte haren, doortastende, diepliggende ogen, volle ronde borsten, iets waar alle kunstschilders een zwak voor hebben, het rond zo mooi af op de doeken, het geeft zoveel meer charme en aantrekkingskracht voor de kunstbewonderaar, daarbij je superrelaxte houding en de stabiliteit van je karaktereigenschappen, gevat in je krijgshaftige postuur. Als kunststudente en vol zusterliefde werkte je lange tijd samen met Edma, maar Edma ging trouwen en ze kreeg samen met haar man kinderen, waardoor wegens tijdgebrek de samenwerking met haar verwaterde en Edma haar kunstmin niet doorzette, maar jij wel, je bleek een steigerend, integer, alles overwinnend raspaard. Op je drieëntwintigste hingen er al twee landschapswerken in de Salon de Paris, het begin was er. Op je zeven-en-twintigste ontmoette je Édouard Manet en het klikte tussen jullie, er ontstond een wederzijdse genegenheid voor elkaar, die somtijds uitmondde in erotische stoeipartijen, waar jullie verder niets aan verbonden. Tijdens Kerstmis stuurde hij je een schildersezel, de hint was overduidelijk en je voelde je ook een ware collega. Afwisselend speelden jullie de baas en de knecht, maar het respect bleef overeind. Ook door de andere impressionisten werd je langzaam maar zeker als gelijke opgenomen. Om inspiratie op te doen reisde je door Spanje en ontdekte je bijzondere kleuren en lichtvallen. De jonge Spanjaarden floten van begerigheid als je langsliep. Op je drieëndertigste trouwde je met Eugene Manet en Édouard feliciteerde je van harte, die was allang blij dat je familielid werd en hij hoopte dat je nog vaak voor hem wilde poseren. Samen met Eugene kreeg je een dochter, Julie Manet, die je vaak geschilderd hebt. Je deed drie keer mee met de impressionistische exposities en je roem steeg tot grote hoogte, met name bij de dichter Stéphane Mallarmé, die helemaal idolaat van je was. Als vrouw werd je enigszins beperkt door je inspiratiebronnen, daar je niet in ordinaire bordelen ging neuzen, noch diep in de nacht halfdronken caféscènes schetsend, ook niet vrouwelijke naakten schilderend, de tijd was er niet naar, al was het wel eerlijker geweest als er naakte mannen voor je geposeerd hadden. Dat die Édouard daar niet opgekomen is, zeg! Rollenverwisseling. Waarom deden ze dat nu juist niet als zo zo vernieuwend en schaamteloos durfden te zijn? Dán, geniale lieveling, moesten ze hun controledwang opgeven, hun grootste zwaktebod. Dan moesten ze zich overgeven aan de bepalende vrouw, in plaats van andersom, vat je hun zielige hoogmoed! Dit gaat over ingebakken trotsbelevingen, willen winnen en de kleinste kans op herhalende afwijzingen buitensluiten. Overigens is het absoluut niet waar dat je beperkte schilderdoelen je kunstzinnigheid hebben beperkt, not at all, neem bijvoorbeeld 'De wieg', 'Meisje op het bal' en 'Psyche', formidabel vormgegeven, de fijngevoeligheid straalt er vanaf, vereeuwigingen die veel werken van je collega's in het niets doen verbleken, omdat ze te grof zijn uitgewerkt en daardoor alle gevoelsintenties ontberen. Boom hakken met een hamer gaat ook niet. Na het overlijden van Eugene kocht je een kasteel in Mesnil, waarin je je veilig wanend terugtrok, de vijftig gepasseerd, vaak nog in het zonnetje op een kasteeltuinbankje de broers Manet herinnerend, tranen latend, omdat je hun fysieke nabijheid pijnlijk miste, niet veel meer schilderend, terugblikkend op die uiterst bijzondere hoogtijdagen in de kunstgeschiedenis, waarvan je godzijdank een belangrijk deel uitmaakte. Mallarmé bezocht je zo af en toe, maar zijn ongewenste aanrakingen siste je weg en na drie eenzame kasteeljaren bezweek je aan een dodelijke longontsteking, terwijl de dorpsdokter erin hakte: 'Madame Morisot, geef nog niet op!', heeft hij nooit geweten dat je nooit van je leven opgegeven hebt, de kortzichtige kwakzalver!

Schrijver: Joanan Rutgers, 15 okt. 2011


Geplaatst in de categorie: literatuur

4,0 met 1 stemmen 60



Er is 1 reactie op deze inzending:

Naam:
Joanan Rutgers
Datum:
17 okt. 2011
Dát had Toulouse-Lautrec wel gewild, het zinderende oeuvre van Morisot inlijven, toch berust zijn integere ijdeltuit hier op een vergissing en is Morisot vele malen knapper!

Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)