start toeval vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Categorieën:

actualiteit (138)
adel (13)
afscheid (116)
algemeen (330)
bedankt (25)
biologie (13)
dieren (241)
discriminatie (38)
drank (48)
economie (23)
eenzaamheid (179)
emoties (169)
erotiek (68)
ex-liefde (64)
familie (112)
feest (41)
film (3)
filosofie (146)
fotografie (6)
geboorte (23)
geld (33)
geschiedenis (30)
geweld (46)
haiku (5)
heelal (38)
hobby (32)
humor (384)
huwelijk (40)
idool (42)
individu (62)
internet (29)
jaargetijden (53)
kerstmis (79)
kinderen (174)
koningshuis (22)
kunst (48)
landschap (15)
lichaam (38)
liefde (257)
literatuur (352)
maatschappij (158)
mannen (34)
milieu (14)
misdaad (119)
moederdag (11)
moraal (99)
muziek (41)
natuur (96)
oorlog (108)
ouderen (18)
ouders (36)
overig (129)
overlijden (78)
partner (55)
pesten (29)
planten (13)
politiek (50)
psychologie (114)
rampen (55)
reizen (132)
religie (143)
schilderkunst (20)
school (63)
sinterklaas (17)
sms (6)
songtekst (1)
spijt (26)
sport (80)
sterkte (2)
taal (43)
tijd (55)
toneel (10)
vaderdag (1)
vakantie (83)
valentijn (4)
verdriet (87)
verhuizen (13)
verjaardag (17)
verkeer (46)
voedsel (45)
vriendschap (84)
vrijheid (59)
vrouwen (87)
welzijn (54)
wereld (35)
werk (96)
wetenschap (18)
woede (60)
woonoord (87)
ziekte (153)

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 5024):

STEM VAN DE TRIPPELENBERG

Ik ben een tamelijk klein bos, met een bewogen verleden om op terug te kijken. Ik lig ten zuidwesten van Breda. Een eindje van mij vandaan stroomt het riviertje de Aa of Weerijs. Aan de overkant ervan ligt het grote, statige Mastbos.
Bij een van mijn mooiste kastanjebomen staan een jongeman en een meisje. In de bast kerven ze het getal 1960. Ja, in dat jaar leven we nu. Dat paartje loopt verder. Ze kijken uit over de weilanden die mij omgeven. Heerlijk is het als die bloemengeuren en die hooilucht tussen mijn bomen door zweven. Daarom ziet alles wat er in mij groeit en bloeit des te opgewekter uit. Ook mijn hazen, konijnen en fazanten leven echt verblijd door die lekkere lucht. Ik ben ook zo gelukkig als er af en toe reeën van het Mastbos bij mij rust komen zoeken.
Ik, de Trippelenberg, ben een nogal onbekend bos. Ik ben dan ook des te aantrekkelijker voor de weinige mensen die mij weten te vinden. Ik heb het aanzien van een klein wandelbos. Al mijn wegen en paden worden keurig onderhouden. Van de andere kant heb ik veel hoge varens en struiken, die mij daarbij ook een wild uiterlijk geven.
Wat ben ik vereerd met de brede zandweg vol waardige beuken, die vanaf de buurtschap 't Hout naar mij toe leidt.

Er zijn heel wat jaren voorbijgegaan. Heb ik nog besef van de tijd? Eens heb ik "het jaar 1975" horen fluisteren. Later hoorde ik "1980" roepen. Ja, die woorden kwamen uit de mond van mensen, die hier honden voor bewaking en politiewerk laten oefenen. Dreigend grommen die pientere viervoeters, terwijl ze hun kunsten vertonen. In die kleine, groene loods van de hondenmeesters wordt heel gezellig koffie gedronken en gekeuveld. Ik hoor dat daar binnen veel plannen worden beraamd.
Maar ik ben getroffen door een treurig lot... Aan mijn westelijke zijde ligt nu een grote snelweg voor auto's. Voortdurend klinkt er druk geraas om en door mij heen. Zelfs middenin mij is het nog als een hinderlijk gegons te horen. Hebben mijn vogels en andere dieren daar geen last van? Ja, dat heus wel. Toch schikken ze zich er in en blijven hier leven. Ook planten ze zich nog best voort. Kennelijk wennen ze makkelijker dan ikzelf aan die storende herrie.
Mensen die door mij heen en weer wandelen, kijken vaak teleurgesteld en afkeurend. Mijn paden worden steeds meer overwoekerd door struiken. Veel van mijn bomen worden omgehakt. Langzamerhand ga ik er uitzien als een grote, verlaten en verwaarloosde tuin...

Ik hoor trotse stemmen het begin van de eenentwintigste eeuw noemen. En er is ook het nodige veranderd!
De autoweg die vlak langs mij heen liep, ligt gelukkig nu een eindje verder. Soms hoor ik het bonzende geluid van de trein over de nieuwe spoorweg. Dat heb ik toch liever dan luide motoren. Fijn dat ik aan deze kant weer grasland heb.
Ja, wat is mijn omgeving leuker dan vroeger. Die weitjes en dat hooiland hebben plaats gemaakt voor helder blinkende poelen en moerassen vol prachtige bloemen. De koeien in mijn buurt grazen in heel ruime, ruige velden.
Wat is het beter dan in de tijd dat ik nog zo'n braaf burgerlijk bosje was. Mijn brede wegen zijn er nog. Mijn vroegere paadjes zijn verdwenen, overheerst door struiken en jonge bomen. Ik mag mij nu een wildernis in het klein noemen. Maar dan ook een vriendelijk nodende wildernis.
Ik wenk steeds mensen, die oog hebben voor het stille, geheime woud. Tegelijk komen op een van mijn velden mensen voor vreugdevolle samenkomst.
Ik, de Trippelenberg, weet het bosleven te bewaren en te beschermen, zichtbaar of verborgen.

Schrijver: Han Messie, 30-09-2013


hmessieatlive.nl


Geplaatst in de categorie: natuur

Deze inzending is 136 keer bekeken

4/5 sterren met 1 stemmen.



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)