start toeval vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Categorieën:

actualiteit (129)
adel (13)
afscheid (115)
algemeen (329)
bedankt (25)
biologie (13)
dieren (237)
discriminatie (38)
drank (48)
economie (22)
eenzaamheid (178)
emoties (167)
erotiek (68)
ex-liefde (63)
familie (107)
feest (38)
film (3)
filosofie (136)
fotografie (6)
geboorte (23)
geld (32)
geschiedenis (28)
geweld (45)
haiku (4)
heelal (38)
hobby (28)
humor (376)
huwelijk (40)
idool (42)
individu (59)
internet (29)
jaargetijden (53)
kerstmis (77)
kinderen (170)
koningshuis (21)
kunst (48)
landschap (15)
lichaam (38)
liefde (256)
literatuur (351)
maatschappij (151)
mannen (34)
milieu (12)
misdaad (118)
moederdag (11)
moraal (97)
muziek (40)
natuur (90)
oorlog (107)
ouderen (16)
ouders (37)
overig (128)
overlijden (75)
partner (55)
pesten (28)
planten (13)
politiek (50)
psychologie (105)
rampen (55)
reizen (132)
religie (143)
schilderkunst (20)
school (61)
sinterklaas (17)
sms (5)
songtekst (1)
spijt (26)
sport (80)
sterkte (2)
taal (42)
tijd (54)
toneel (10)
vaderdag (1)
vakantie (83)
valentijn (4)
verdriet (86)
verhuizen (13)
verjaardag (17)
verkeer (39)
voedsel (45)
vriendschap (82)
vrijheid (59)
vrouwen (87)
welzijn (52)
wereld (35)
werk (94)
wetenschap (18)
woede (60)
woonoord (86)
ziekte (147)

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 5896):

OUDE JAAP (deel 1)

De bedaagde boerenknecht was druk aan het spitten bij zijn gammel landarbeidershuisje.
"Op mijn leeftijd hoef ik niet meer voor de baas te werken," dacht de oude Jaap. "Mijn geld krijg ik toch wel. Maar bij mijn vertrouwde huisje werk ik prettiger dan ooit. Hoor hoe de aardkluiten op mijn spa vallen en breken. Het klinkt als een lied van blije, tevreden grond. Ik arbeid heerlijk, zonder iets te moeten. Wat zal ik hier straks zaaien? Ik durf me gerust een gelukkige grijsaard te noemen. Vrouw en kinderen heb ik nooit gehad. Maar mijn kleine tuin en huis geven me de vreugde van mijn oude dag."
Jaap ging de gespitte grond om zijn huisje fijn harken. Daarna kroop hij op handen en voeten voort, legde zaadjes in rijen neer.

Er waren heel wat jaren voorbijgegaan. Jaap was nu zo oud dat hij niet ver meer kon lopen. Het grootste gedeelte van de dag bracht hij rustig op zijn stoel door, binnen of buiten. Op een warme dag zat Jaap in zijn tuin en genoot van de stralende zon. Vol trots keek hij naar zijn vriendelijke woning. Ja, deze zag er gezellig en nodend uit. Alle muren gingen schuil achter dichte wingerd en klimop. Daartussen blonken de ramen als wenkende ogen. Het lage dak was voor meer dan de helft bedekt met bloeiende bruidssluier.
"Heerlijk is het om stil te genieten van mijn huisje, dat ik heb aangekleed met sterke klimplanten."
Mijmerend staarde Jaap naar die duizenden wingerd- en klimopbladeren. Het was of er allemaal piepkleine spiegeltjes in het donkergroen blonken. Hoe langer je ernaar keek, hoe meer spiegeltjes elkaar raakten en op kleine bosmeertjes gingen lijken. Die meertjes werden tezamen een groot meer: tenslotte een zee!
De stomverbaasde Jaap voelde dat zijn stoel werd opgetild. Hij zweefde over de wijde zee! Aan elke stoelpoot hield een kleine fee zich vast. De vier wondermooie vrouwtjes waren gehuld in heel lichtblauwe jurken en hadden fijngebouwde, maar sterke vleugels. Een van hen zei tegen Jaap:
"In jouw lange leven heb je steeds flink op het land gewerkt. Daarom maak je nu eens een reis over de zee-van-steeds-voortgaan."
"Wat is dat voor iets?" vroeg Jaap. "Is dat een zee, waar je almaar over voortgaat, zonder ooit ergens aan te komen?"
Een andere fee keek verontwaardigd. "Wat heeft die vraag te betekenen? Omdat je vraagt, zullen we jou achterlaten op het vraageiland."
Jaap zakte snel naar beneden. Hij stond op een breed strand. Zijn stoel en de vier tovervrouwen waren verdwenen.
Jaap liep het strand over en kwam daarna tussen heuvels en rotsen, die een beetje wankelden.
"Op ons vraageiland weet je het nooit," klonk het fluisterend uit een grote steen. "Wij mogen wel stevige rotsen lijken, maar zijn we niet wiebelig?"
Jaap werd bang. Het leek wel dat die rotsen voorover bogen en elk ogenblik op hem neer konden vallen... Gauw wegwezen! Hoe kon dat nu?! De stokoude Jaap kon ineens weer rennen als een jongen! Sneller en sneller maar, want die stenen onder zijn voeten voelden week aan, als moerasgrond. Stel je voor dat hij erin weg zou zakken!
Na een ogenblik had Jaap die vreemde rotsen al ver achter zich. Hij liep over een vlakte, door hoog, wuivend gras. De ruisende halmen bogen zich, en richtten zich weer op.
"Wat zou je doen?" spraken hun blazende stemmen. "Moet je steeds verder lopen? Is het misschien beter om hier te blijven?"
Vragend keek Jaap naar de groepjes bomen en struiken, die hier en daar op de wijde grasvlakte stonden.
"Laat ik maar tussen de struiken in de verte gaan liggen," dacht hij, en holde daar gauw naar toe. De sterk verjongde grijsaard lag languit in de schaduw van jeneverbessen en thuja's. Kevers gonsden om de takken en om Jaaps hoofd.
"Je zou er verstandig aan doen altijd hier te blijven," klonk het brommende keverlied. "Hier zal je wel altijd vragen hebben. Maar het mooie is dat ze niet beantwoord worden. Je zult ervaren hoeveel vreugde vragen zonder antwoord geven. Ja, leef daar mee."





(wordt vervolgd)

Schrijver: Han Messie, 13-04-2016


hmessieatlive.nl


Geplaatst in de categorie: werk

Deze inzending is 41 keer bekeken

3/5 sterren met 1 stemmen.



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)