Inloggen
voeg je verhaal toe

Verhalen

DE KONING EN Z'N WIJZE UILEN

Typisch zo’n titel wat bij een of ander sprookje past. U heeft gelijk, dit verhaal valt misschien wel in de categorie sprookje. Een sprookje is een beetje een fantasieverhaal, wat vaak wel goed eindigt en het speelt zich af in een onbepaalde tijd, land, en wanneer het zich afspeelt is ook onduidelijk. Er zit een soort van boodschap in verpakt en wordt tegenwoordig meestentijds verteld aan kinderen. Kortom aan u om uit te maken of dit onderstaand verhaal, al dan niet een sprookje is of iets totaal anders.

De koning van het dierenrijk riep z’n wijze uilen bij zich, want er was een groot probleem – een heel groot probleem. Er stierven door een of andere onbekende ‘ziekte’, plotseling vele dieren, die in eerste instantie helemaal gezond leken. Hoe kon dit, waar lag het probleem, wat is de oorzaak. De koning wist het natuurlijk niet en vroeg raad aan de wijze uilen. Het gerucht gaat rond dat de ziekte is veroorzaakt door de ratten en muizen. Het schijnt dat ze iets in hun immuunsysteem hebben ontwikkeld waardoor degene die zich aan hun vergrijpt, door hun op te eten, zelf het loodje legt. Dit om te voorkomen dat ze nog langer slachtoffer zullen zijn.

De uilen onderzochten het probleem en iedere uil had wel een mening, Het zou dit kunnen zijn, het zou dat kunnen zijn. Sommige dachten dat het door de hoge dennenbomen en sparren kwam, die hielden te veel straling van de zon tegen. Enkele verwarde bewoners van het bos meenden dat ze ze dan misschien maar in brand moesten gaan steken. Rare gedachten circuleerden. Er werd aan een mogelijke complottheorie gedacht. De koning zelf zou er achter zitten, want hij was de opstandige bevolking zat, en zou zo proberen de dieren tegen elkaar op te stoken om vanuit de te ontstane chaos weer eenheid te creëren.
De meeste idiote scenario’s kwamen voorbij. De koning besloot na rijp beraad, dat er een soort van ‘intelligent slot’ op de deuren van alle dieren moest. Zodat de ziekte zich niet meer kon verspreiden.
Eerst had men nog even gedacht dat het wel zou uitwoeden, door de groepsimmuniteit. Een vage niet bewezen theorie. De koning kwam hier al gauw van terug, want het dreigde uit de hand te lopen. Dus alles op slot.

Na enkele maanden kwamen de klachten. Beste koning zeiden de vossen, wij verhongeren. Er valt geen haas meer te vangen – die zijn bijna op en wij worden steeds slapper en magerder en de hazen blijven even snel. De muizen en ratten zijn ziek, dus wat blijft er over. De koning begreep het dilemma. Ook zag hij dat zijn wijze uilen steeds magerder en minder gemotiveerd raakten. Verdorie dacht de koning, inderdaad zij leven ook van muizen en ratten. En hoe slapper ze worden hoe minder ze andere dieren kunnen vangen.
Ondertussen bleek dat door alles ‘op slot’ te doen, het aantal dodelijke slachtoffers verminderde – logisch natuurlijk, de dieren konden elkaar niet meer besmetten. Maar de honger was ook niet mis.

De koning en z’n wijze uilen zagen ook wel in dat alles in het dierenrijk van elkaar afhankelijk was en is. En hoe kwetsbaar het ecosysteem eigenlijk wel niet blijkt.
Dus werd er besloten om voorzichtig weer wat meer vrijheid aan de muizen en ratten te geven. De jonge muizen en ratjes mochten weer buiten spelen. Helaas de oudere zwakke dieren gingen nog steeds dood. Een probleem wat niet te verhelpen is. En nu is het afwachten hoe de ziekte zich verder zal ontwikkelen.

Nog steeds weten de koning en de uilen niet waar het probleem werkelijk ligt. Totdat een aanvoerder van de ratten op audiëntie mocht bij de wijze uilen. Hij sprak het ergens al lang sudderende vermoeden hardop uit. ‘Beste ongelooflijk wijze uilen, volgens mij zien jullie iets over het hoofd. We hebben de vogelgriep gehad, de gekke koeienziekte, de varkenspest en net als heel vroeger de pest, ligt ook nu de eigenlijke oorzaak niet bij ons dieren.’ ‘O nee wijsneus,’ zeiden de uilen schamper in koor.
‘Nee, jullie zien het nog niet blijkbaar; maar goed ik zal het vertellen. Het komt van buiten, het komt van de mens.’ ‘Van de mens?’ merkte de voorzitter van de uilenraad op. De rest van de uilen had zich wijselijk stil gehouden. Ze voelden dat het misschien de waarheid wel eens kon zijn. ‘Ja, zet al het voorgaande uit het verleden maar op een rijtje en dan zult u zien dat het klopt.’ De uilen waren met stomheid geslagen en moesten de koning wel inlichten over deze vermoedelijk terechte conclusie, nota bene door iemand uit de beschuldigde groep gegeven. De koning schrok en was heel voorzichtig met het ‘ontsluiten van de deuren’. Hij vreest dat zijn ‘intelligente ontsluiting’ misschien niet zo slim zal blijken.

Een raar verhaal denkt u vermoedelijk. Het voldoet niet helemaal aan de criteria van een sprookje of toch wel. Er zit misschien een boodschap in om van te leren. Maar ja, dieren hebben een slecht geheugen en mensen soms ook.
Helaas het ‘sprookje’ of ‘half-sprookje’, noem het zoals u wil, is nog lang niet ten einde zoals in een echt sprookje en een ‘happy ending’, is nog lang niet in zicht.
De koning en zijn wijze uilen vergaderen en vergaderen en het lijkt erop dat ze het ook niet weten. Ach als zelfs deze wijzen het niet weten – dan weet ik het ook niet meer. Ik wens ze sterkte en veel ‘intelligentie’ toe.

Schrijver: catrinus
Inzender: C.A. de Boer, 24 apr. 2020


Geplaatst in de categorie: overig

3,0 met 1 stemmen 87



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)