Inloggen
voeg je verhaal toe

Verhalen

Het spook in Kasteel Doorwerth verlost

In het 15-de eeuwse Kasteel Doorwerth op Fonteinallee 2b in Doorwerth spookt het al enkele eeuwen, wat ervoor heeft gezorgd dat vele oud-bewoners het kasteel voortijdig hebben verlaten. Al voor 1260 stond er een kasteel bij de Nederrijn. In het huidige kasteel woonden bijzondere mensen, zoals Hendrick van Dorenweerd, Reinald van Homoet, Philippe van Brakell en Charlotte Sophie Bentinck, die met haar goede vriend Voltaire correspondeerde. Charlotte had lange tijd een buitenechtelijke relatie en zij scheidde. Tegenwoordig zitten het Nationaal Jachtmuseum en het Museum Veluwezoom in Kasteel Doorwerth. Voor naïeve mensen, die nog steeds in het huwelijk geloven, is het als trouwlocatie in te huren. Erik Hazelhoff Roelfzema heeft er 'Soldaat van Oranje' geschreven en de kunstschilder Jan Hoynck van Papendrecht had er zijn atelier. Sjoerd van der Geest werkt al enkele maanden als ticketverkoper/rondleider/oppasser in het Nationaal Jachtmuseum. Hij weet dan ook veel over het historische kasteelleven in Kasteel Doorwerth. Hij heeft zichzelf door heel wat geschiedenisboeken heen geworsteld. Voor het geld hoeft hij het niet te doen, want hij is van rijke komaf en hij is onlangs naar het landhuis Laag Wolfheze op de Utrechtseweg 321 verhuisd. Voor Sjoerd is het allemaal pure passie, want hij zweert bij oude kastelen, waar ook ter wereld, ook vanwege zijn liefhebberij het spotten en helpen van dolende spoken. Als helderziend medium en paragnost heeft hij het nodige meegemaakt en bereikt. Dat doet hij samen met zijn behulpzame vrouw Sjoukje, die foto's van de geesten maakt. Hun boek 'Vastgeketende geesten' is een internationale bestseller. Vanwege hun spiritistische werkzaamheden zijn Sjoerd en Sjoukje ook 's nachts vaak in Kasteel Doorwerth te vinden. Ze hebben immers de sleutel en de directie heeft hen toestemming gegeven. De directie hoopt natuurlijk op een volgende bestseller met Kasteel Doorwerth in de hoofdrol. Toch gaat het Sjoerd en Sjoukje niet zozeer om het kasteel, maar vooral om het spook van een meisje, dat diverse keren in de jachtzaal is waargenomen. Dat is in de noordvleugel van het kasteel en volgens diverse bronnen is het meisje lang geleden verhongerd en in dit geval zeker niet vrijwilig.

Er branden her en der wat kroonluchters, zoals in de keuken, de grote zaal en de wapenkamer. Sjoerd en Sjoukje schuifelen heel stilletjes en op hun tenen door de stenen gangen en kamers. In de verte klinkt het alsof de ophaalbruggen bij het binnenplein worden opgehaald. Om beter contact met het spook te kunnen krijgen, worden de kroonluchters één voor één uitgedaan. Het moet zo donker mogelijk zijn. Sjoukje zit gehurkt met haar fotocamera in de aanslag. Sjoerd wordt naar een kleine ruimte achter de jachtzaal geleid. Hij voelt dat hij beet heeft en even later ziet hij een lichtschim voorbij schieten, eerst heel snel en vanuit de meest onverwachte hoeken, maar later blijft de lichtschim op een veilige afstand stilstaan en ontwaart Sjoerd duidelijke contouren. Hij ziet de lange haren van een jonge vrouw en de meest verdrietige ogen, die hij ooit gezien heeft. Sjoukje wil een foto maken, maar Sjoerd fluistert, dat ze eerst moet wachten, want de jonge vrouw wil heel graag vertellen waarom zij als dolende geest zo intens gekweld wordt en maar geen rust kan vinden. Via haar geestelijke communicatievermogens doet zij haar verhaal aan Sjoerd, die op haar niveau kan communiceren. 'Ik was de dienstbode van Johan Vincent, baron Schellaert van Obbendorf, de burgemeester van Roermond,', zegt zij, 'en ik was erg blij met mijn werk, want in en rondom Doorwerth heerste grote armoede. Ik heb de eerste vrouw van de baron nog meegemaakt, die arme Albertina Louisa van Beieren-Schagen, die door de baron geslagen en vernederd werd. Na de geboorte van hun enigste kind werd de baron nog meer gemeen tegen haar en toen zij in 1666 op haar 27-ste overleed, ging de baron stevig aan de drank. Uit schuldgevoel over zijn kwaadaardigheid natuurlijk. Bij zijn tweede vrouw Marie Henriette gravin Schellaert van Obbendorf leek hij een ander mens te zijn en deed hij opeens heel galant en goedgemutst, maar er zat een addertje onder het gras en dat heb ik maar al te goed ervaren. Hij werd een gluiperd en een stiekemerd, die de katjes in het donker kneep. Marie Henriette en hij kregen samen 7 kinderen en hij zorgde voor een idyllisch huiselijk leven, hij veinsde de voorbeeldige echtgenoot en vader te zijn. Naar de buitenwereld toe leek dat ook allemaal in kannen en kruiken, maar de ellende, die hij voor mij in petto had, was er des te erger om.'.

Sjoerd is zo relaxed mogelijk op de stenen vloer gaan zitten en hij luistert ademloos verder. Sjoukje is tegen hem aan gaan zitten en ze kust hem even heel liefdevol in zijn nek. Heel zachtjes, want er is een opperste concentratie nodig voor Sjoerd en dat weet zij heel goed. Iedere verkeerde beweging of ieder verkeerd geluid kan het magische evenwicht verpesten. 'Mijn naam is Isabella Peters', zegt het openhartige spook, 'ik was destijds smoorverliefd op Jochem Jansen, een boerenknecht in het dorp Doorwerth. Ik droomde ervan om met hem te kunnen trouwen en om samen met hem een groot gezin te stichten. Jochem wilde niets liever en wij wisten altijd wel een hooiberg te vinden, waar wij ongestoord de liefde konden bedrijven. Midden in een onweersnacht kwam de baron in mijn dienstbodekamer en heeft hij mij ruw en dreigend verkracht. Ik voelde mij totaal bezoedeld door hem, maar ik wilde Jochem niets laten merken en natuurlijk mijn baan behouden, dus zweeg ik maandenlang en kwam de baron bijna elke nacht zijn kwaad verrichten. Ik weet niet hoe Jochem er achter is gekomen, maar hij heeft het op een gegeven moment ontdekt en hij was woedend op de baron, zo woedend, dat hij hem wel leek te willen vermoorden. Op een kwade dag kon ik Jochem nergens meer vinden en zei de boer, waar hij werkte, dat hij er vandoor was gegaan, meer niet. Ik wist, dat hij nooit zonder mij uit Doorwerth zou gaan en dus rook ik onraad. In een ingebouwde voorraadruimte vond ik op een avond de jas van Jochem, die onder het bloed zat. Ik begreep meteen dat hij naar de baron was gegaan en dat er een gevecht moet zijn geweest, waarbij hij het onderspit delfde. Ik herinnerde me nog een nacht, waarin ik plotseling een grote plons hoorde. Er werd duidelijk iets zwaars in de gracht gegooid. Ik stond daar dus met Jochem's jas in mijn handen, toen de baron mij opmerkte en mij meteen de mond snoerde door een stuk linnen in mijn mond te proppen en touwen rond mijn hoofd, armen en benen te binden. Daarna stopte hij mij in de nogal afgelegen voorraadruimte en liet hij mij daar verhongeren. Omdat ik soms geluiden maakte, heeft hij mij al gauw de polsen en de keel doorgesneden. Hij heeft de voorraadruimte eigenhandig dichtgemetseld, waardoor ik nooit gevonden ben. Mijn geest is vooral zo onrustig, omdat ik Jochem zoek en hij zo ver van mij af lijkt te zijn. Als geest lukt het mij niet om in de gracht te gaan zoeken. Kun jij mij helpen?'.

Sjoerd knikt heel vriendelijk en hij vraagt haar om haar zoektocht op aarde te stoppen, want daar zal zij Jochem niet meer vinden. 'Zijn ziel is net zo getraumatiseerd als die van jou', zegt Sjoerd, 'zolang je op de plaats delict blijft ronddolen, zul je geen vrede vinden. Je moet eerst alle lijnen, die jou nog met de baron doen verbinden, lossnijden. Maak al het leed dat hij Jochem en jou heeft aangedaan krachteloos. Zwem uit het net waarin de baron jullie gevangen heeft. Besef dat hij geen enkele macht meer over jullie heeft. Laat de baron los, hij was en is een illusie, die zichzelf heeft opgelost. Pak de vrijheid van jouw ziel terug en verlaat dit oude kasteel met een gerust hart. Heel jezelf en stijg op naar Jochem. Ik geef je mijn vrede en bescherming. Volg de liefde in jouw hart en laat niets je meer verstoren. Mijn zegen heb je!'. En terwijl Sjoukje nog net een foto weet te maken, verlaat de geest van Isabella inderdaad de voor haar zo stroperige onheilsplek. Sjoerd en Sjoukje voelen een gigantische vrede neerdalen en de volgende dag laten zij een muur nabij de jachtzaal openbreken en vinden zij daar het scelet van Isabella. Na enkele dagen van baggerwerkzaamheden in de gracht wordt ook het scelet van Jochem gevonden. Het eeuwenoude spookverhaal is opgelost en de sceletten worden zorgvuldig in een museumvitrine van Kasteel Doorwerth gelegd. En Sjoerd vertelt de bezoekers nog graag over het tragische liefdesverhaal van Isabella en Jochem.

Schrijver: Sir Joanan Rutgers
13 juli 2022


Geplaatst in de categorie: misdaad

Er is nog niet op deze inzending gestemd. 38



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)