De waarneming
Ze lopen zwijgend langs de sloot, de kijkers tegen hun borst. Het gras is nat, de modder zuigt aan hun schoenen. Iemand niest.
Voor hen buigt het water af, een onopvallende kromming in het landschap. Hier zou hij moeten zitten. Dat hadden ze gelezen. Dat was gisteren gemeld.
De oudste blijft staan; een man met een verweerde nek en een jas die te ruim om zijn schouders valt. Hij zet zijn telescoop uit en kijkt, eerst met het blote oog.
‘Daar,’ zegt hij zacht.
Ze richten allemaal tegelijk. Vijf lichamen in dezelfde houding, de hoofden iets schuin. In het riet aan de overkant beweegt iets. Of lijkt het zo door de trilling van de kou?
Na een tijdje laat iemand zijn kijker zakken. Het metaal van de rits tikt tegen een lenskapje. ‘Misschien verderop.’
Ze lopen weer. De sloot blijft achter, leeg genoeg om van alles in te kunnen zien.
Geplaatst in de categorie: dieren

Geef je reactie op deze inzending: