Inloggen
voeg je verhaal toe

Verhalen

De kousen van mijn lerares

De eerste keer dat ik ze zie, sta ik te wachten bij de deur van lokaal B14: huidkleurig met dunne naden die haar kuiten en dijbenen volgen tot onder haar rok.
Mevrouw Bonnet staat bij het raam, met haar rug naar ons toe, en praat zachtjes tegen meneer De Bruin. Hij knikt, zijn gezicht gespannen.
‘Ga je naar binnen, of hoe zit het?’ vraagt Sem achter me.
We schuifelen naar binnen. Ik zit helemaal vooraan, recht tegenover het bureau. Als meneer De Bruin het lokaal heeft verlaten, legt mevrouw Bonnet haar map neer en kijkt kort de klas rond.
‘Bien,’ zegt ze, ‘livres ouverts, page 17.’
Terwijl ze door het lokaal loopt, leest ze een Frans gedicht voor. Mijn ogen blijven hangen bij de zachte glans van haar kousen, de naad die beweegt bij iedere stap. Haar stem glijdt over de woorden, warm en soepel.
“Mes amis, mes amours, mes emmerdes…”
Ik stel me voor hoe het nylon aanvoelt. Glad, warm. De naad die onder mijn vinger doorloopt. Mijn keel wordt droog.
“Mes emmerdes étaient ceux de mon âge…”
Buiten klinkt het geschreeuw van leerlingen, het motorgeluid van hun scooters, maar hier is alleen haar stem, die Franse klanken die ik niet begrijp maar wel voel.
‘Victoor?’
Ik kijk op. Haar ogen zijn op mij gericht.
‘Veuillez lire la suite, s’il vous plaît?’
Ik zoek haastig de regel. Mijn stem klinkt vreemd, te hard en te vlak tegelijk. De woorden struikelen over mijn tong. Sem stoot me onder tafel aan en grijnst. Mevrouw Bonnet wacht geduldig tot ik klaar ben, haar hoofd licht schuin.

Na de les blijf ik langer zitten dan nodig is om mijn tas in te pakken. Op de gang klinkt geschuifel van voeten, gelach. Mevrouw Bonnet zit op haar stoel en wrijft met één hand over haar kuit, langzaam, bedachtzaam. Haar hoofd is iets gebogen.
‘Il y a un problème, Victoor?’ vraagt ze zonder op te kijken.
‘Nee … nee,’ zeg ik, ‘ik ga al.’
Bij de deur blijf ik nog even staan. Ze kijkt op, glimlacht, en dan ben ik weg.

Die avond lig ik wakker. Haar stem blijft hangen. Mijn handen bewegen onder het dekbed. Ik word wakker met een onrust die me de hele dag niet verlaat.

De maanden die volgen worden een ritueel. Maandagochtend, tweede uur: Frans. Ik ga steeds eerder naar lokaal B14, ga vooraan zitten, wacht tot ze binnenkomt. Haar kousen zijn telkens anders: zwart, soms donkerblauw, één keer met een subtiel ruitje. En altijd die naad.
Sem merkt het. ‘Jij bent echt gestoord,’ zegt hij na een les waarin ik geen seconde heb opgelet. Ik haal mijn schouders op. Wat moet ik zeggen? Dat ik ‘s nachts denk aan hoe ze haar kousen aantrekt? Hoe ze op de rand van haar bed zit, het nylon over haar hiel trekt. Bij haar knie even pauzeert om de naad te corrigeren.

Bij het laatste proefwerk staat ze naast mijn tafel. Haar geur drijft langs me heen, iets bloemigs. Ze tikt met haar nagel op mijn papier, haar andere hand rust op mijn schouder.
‘Concentrez-vous, Victoor,’ fluistert ze. Haar adem strijkt langs mijn oor.
Ik knik en kijk naar beneden. Op dat moment besef ik dat haar kousen geen naden hebben vandaag, dat ze glad zijn, bijna onzichtbaar. Even voel ik iets van verlies.
Als ik het lokaal uitloop, draait ze zich om naar het raam.
Meneer De Bruin wacht buiten op haar, zijn gezicht minder gespannen dan in die eerste week. Ze glimlacht naar hem, pakt zijn arm. Ik kijk weg.

Die zomer werk ik bij de supermarkt.
Op een middag, tussen de blikken tomatenpuree, zie ik een dunne, rode lijn op mijn hand, van een kartonnen doos die openscheurde. Heel even denk ik aan die naad, hoe die bewoog bij iedere stap. Dan veeg ik mijn hand af aan mijn schort en stapel verder.


Schrijver: Jan Schuuring, 4 mei 2026


Geplaatst in de categorie: school

Er is nog niet op deze inzending gestemd.aantal keer bekeken 18

Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je e-mailadres voor anderen in beeld verschijnt)