Inloggen
voeg je verhaal toe

Verhalen

De juiste man

[...]
- “Je hebt gezegd dat ik er wel de juiste man voor ben.”
- “Ik had gezegd, dat je er net genoeg voor in huis hebt.”

‘Warempel’, dacht hij, ‘normaal weet hij nooit waarover ik het heb. Altijd moet hij eerst precies weten waarover ik praat. En nu zou hij meteen weten wat ik bedoel, laat staan zich herinneren dat hij dit gezegd heeft? Dit stinkt. Hij kan zich gewoon niet voorstellen dat hij mij een compliment heeft gegeven.
Of redeneer ik nu in mijn eigen straatje?’

- “Goed. Ik ga maar weer eens aan mijn werk. Uitvindingen doen.”

‘Wat een zelfvoldaanheid. Accentueert hij zijn superieure rol uit onzekerheid? Gunt hij mij daarom geen complimentjes? Maar waar maak ik me druk om? Ik weet toch hoe hij is. Ik heb mijn keuze gemaakt, het draait om mijn hobby. Werk is niet zalig makend. Voor dat je het weet, ben je dag in dag uit voor de zaak onderweg en ligt de rest plat. Grote verantwoordelijkheid laat je nooit meer los.
Is dat misschien het verschil? De één wil veel verantwoordelijkheid, de ander wil met rust gelaten worden. Heeft dit echt met “aan kunnen” te maken? Je wilt wat je aan kunt? Wordt een keuze beïnvloedt door het onbewuste besef dat iets buiten de vermogens ligt of de angst het te druk te krijgen? Alles is te leren, zeggen ze, maar is dat werkelijk zo? Misschien wel, maar je moet ook op boksen tegen al die andere dingen, de gevoelens van mensen, die hun gebiedje beschermen, hun ego. Uiteindelijk loopt het altijd uit op machtsstrijd. Wat kun je van iemand leren, die bang is om zijn positie te ondermijnen? De informatie en kennis moeten vrij stromen, zonder reserves vanwege lange tenen en angst. Die opmerking van laatst, dat sommige mensen op enig moment moeten beseffen dat ze uitgegroeid zijn. Dat zei hij toch alleen maar om me weer terug te duwen op mijn plaats. Als je mensen onder je hebt, dan wil je ze toch het vak leren. Hoe word je de juiste man, als degene van wie je het moet leren, het laat afweten?
En dan vinden ze het gek, als iemand minder gemotiveerd raakt. Het zijn de spelletjes van de leiding die daarvoor zorgen. Met mijn hobby maak ik tenminste iets dat van mezelf is. Voor het resultaat ben ik alleen verantwoordelijk. Ik weet precies wat ik wil en zodoende ben ik de juiste man.
Alleen, hoe verbeter ik de kwaliteit? Want zoals het er nu uitziet, stelt het allemaal niet zoveel voor. Blijkbaar gaat het nergens over. Ik kan mijn eigen gedachten en gevoelens niet verheffen tot datgene wat iedereen bezig moet houden. Uiteindelijk zijn alle dingen, die opgeschreven worden, subjectief. Toch wordt het ene meer gelezen dan het andere. Ik begin nu te vermoeden dat de onderwerpen van het grootse belang zijn. Onpraktisch en ondoorgrondelijk geraaskal is niet de taal waarop potentiële lezers wachten.
Maar ik vraag me af of de taal niet ook een dikke muur is, waar je nooit achter te voorschijn kunt piepen. Vroeger dacht ik dat je met de taal op de lippen een open boek was, zodat ik niet zoveel zei. Op een gegeven moment niets meer durfde te zeggen. Ik kon uiteindelijk niet meer begrijpen dat mensen zoveel zeiden, want ze gingen steeds meer lijken op transparante poppen. Voor mezelf wilde ik dat voorkomen. Maar ik kwam er al snel achter dat ik toch niet begrepen werd, hoe duidelijk ik me ook formuleerde. Hoe langer je discussieert, hoe verwarrender het vaak wordt.
En met schrijven geldt dat ook: hoe meer woorden je opschrijft, hoe moeilijker je te begrijpen wordt. Zodat mijn hobby ook het net is, dat ik over mezelf heen werp. En dat de praktisch ingestelde mens het gelijk aan zijn zijde heeft. De uitvinder doorziet mijn waardeloos geploeter en oordeelt. En wat eerder gezegd was, doet niet ter zake, want toen was het opportuun om me een schouderklopje te geven. Maar als ik dan laat zien hoeveel het schouderklopje voor me betekende, word ik in mijn mand teruggeschopt.
Zo zie je maar, mensen zeggen maar wat. Het moment van zeggen is zo kort. Daarna wordt tot de orde van de dag overgegaan en een half uur later geldt de uitspraak al niet meer. Vergeten uitspraken gelden niet. Maar ik weet zeker, dat je op je woorden moet letten. Woorden zijn daden, zei er eentje, en zo is het. Je bent wat je zegt, blijkbaar is hij een ploert van een uitvinder die met het eigen belang bezig is.
Hij kan best leuk zijn, zolang het over niets gaat. Maar zelfs dan moet hij gelijk hebben. Gelijk hebben is zo belangrijk voor een groot ego als dat van hem, dat zonder knipperende ogen een drogreden de waarheid kan noemen. Ik heb zelfs geen zin meer om hem zijn ogen te openen. Wat heeft dat voor zin? Dan moet ik over zijn angst, over zijn onzekerheid gaan uitweiden en dat zal hij niet als een gunst beoordelen. Dat komt me toch op een ontkenning te staan. Mensen confronteren met zichzelf, lijkt alleen in uitzonderlijke gevallen te werken. Soms, als iemand zichzelf niet zo geweldig vindt en kan relativeren, heeft het zin een gesprek te beginnen. Maar, waar zijn deze gevallen?
En zo moet ik het lachende pupilletje spelen, dat hij in me ziet en dat hij kan kneden en vormen, zodat hij later op zijn borst kan kloppen als het toch nog wat is geworden met mijn carrière. Het werk als spel van geven en nemen, waar het recht tot ontwikkeling wordt verkregen door te doen wat van je verwacht wordt. Niet voor een paar maanden, maar voor jaren.’

Schrijver: Willem Houtgraaf, 15 apr. 2005


Geplaatst in de categorie: hobby

0,0 met 1 stemmen 1.137



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)