Inloggen
voeg je verhaal toe

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 2269):

Bonnemama

De rode papieren kerstklok, die op haar kamerdeur zit geplakt, hangt scheef. Ik moet erom lachen. Is dit toeval of heeft Bonnemama dit opzettelijk gedaan? Ik klop op de deur en doe hem open.
Daar zit ze, mijn grootmoeder, in haar glimmende zwarte jurk van crêpe de chene bedrukt met prachtige grijze rozen. Een echte ‘kerstjurk’. Haar zwarte lakschoenen aan de opgezwollen voeten. Het grijsblauwe gespoelde haar zit als een helm om haar hoofd, stijf van de haarlak. De rode blos op haar wangen staat in fel contrast met de lichte roze kleur lipstick. Waar ze die kleur vandaan haalt vandaag de dag, is voor mij een raadsel. Volgens mij heeft ze in de jaren tachtig de hele voorraad van die teint opgekocht. Het blijft een vrouw vol geheimen.
De zwarte laktas staat voor haar op de tafel en haar wandelstok bungelt aan de rugleuning van de stoel. Daar zit ze, eenzaam en voor zich uit starend, maar met rechte rug en de neus omhoog. In haar opgelegde keurslijf van standen en rangen.

Mijn grootmoeder behoorde vroeger, ruim twintig jaar geleden, tot de upperten van Maastricht. Ze begaf zich in kringen, die ik als 8-jarige meisje alleen maar kende van sprookjesboeken. Haar huis wemelde van de bediendes. Ze dirigeerde de hele boel en ze was de nachtmerrie van ieder personeelslid. Geen makkelijke werkgeefster, maar een super Bonnemama voor mij en mijn zusje. Het was altijd een feest om bij haar te logeren. Er waren genoeg speelkameraadjes, die wel even tijd hadden om verstoppertje te spelen in het grote huis. In de keuken mochten we kliederen met meel, melk en eieren, onder het toeziend oog van de huishoudster. ’s Avonds kregen we dan steevast pannenkoeken met appel en als toetje zelfgemaakte chocoladepudding. Bij het eten mochten we frisdrank drinken met bubbels. Mijn zusje, Bonnema en ik deden dan wedstrijdje “boeren”. Mijn moeder moest eens weten. Wie het hardst kon boeren had gewonnen. Bonnema zegevierde met vlag en wimpel. Dit gebeurde natuurlijk alleen als al het personeel naar huis was.

Bonnemama was een echte chique dame, maar soms viel ze uit haar rol. Zo was ze plotsklaps verdwenen naar haar slaapkamer om vervolgens in een broek met blouse naar beneden te komen. Dan was het party-time en Bonnema ontpopte zich als een ware Tarzan. We vlogen de tuin in om hutten te bouwen, in bomen te klimmen of gewoon lekker te ravotten. Ons grootste geheim zat achter een deur in het tuinhuis. Deze deur zat altijd op slot en niemand wist wat zich daarachter bevond. Zelfs mijn moeder wist niets van dit mysterie. Alleen mijn zus, Bonnema en ik. Als niemand ons zag glipten we het tuinhuis in en openden de deur. De geur van olieverf en terpentine maakten het geheel nog spannender. Onze kunstwerken hingen aan de muren of stonden nog op een van de ezels, te wachten op nieuwe strepen en spatten verf. We hielden ons bezig met ‘moderne’ kunst. Het mocht vooral niets voorstellen en Bonnema was daar virtuoos in. Af en toe wist ze een klomp klei op de kop te tikken en mochten we boetseren. In de loop van de jaren hadden we een schat aan kunstzinnige, abstracte voorwerpen en schilderijen vergaard. Toen Bonnema ging verhuizen en het tuinhuis werd leeg geruimd was de verbazing groot bij de familie en het personeel. Welke geflipte kunstenaars hadden zich hier verschanst en uitgeleefd? We moesten ons geheim prijs geven, maar niemand geloofde dat mevrouw des huizes de inspirator van dit kunstenaarstrio was. Helaas bleef een veiling bij Christie’s uit en werd het vulling voor de containers van de gemeentewerf. De uren heimelijk plezier die wij hadden gehad nam niemand ons af.

Inmiddels woont Bonnemama alweer een aantal jaren in een verzorgingstehuis. De veters van haar keurslijf zijn niet meer zo strak aangetrokken. Vooral het rijgmateriaal in haar hoofd heeft zoveel speling, dat het af en toe goed in de knoop raakt. Ze is veranderd van de deftige, nuffige dame in een dwarse, ondeugende kleuter en wederom heeft het personeel de handen vol aan haar. Maar er zijn ook momenten dat ze alles prima in de smiezen heeft. Zo’n helder ogenblik heeft ze hopelijk vandaag.
Ik loop naar haar toe en kus haar op de wang. “Hallo Bonnema, klaar voor vertrek?” en pak haar jas. Ze kijkt me lachend aan en zegt op uitdagende toon, ” we zullen eens wat leven in de brouwerij brengen daar in die kerststal bij jullie.”
Ze pakt haar stok en geeft nog even een tikje tegen de rode papieren kerstklok op haar deur. Het ding wiebelt even, maar blijft hangen.

Schrijver: Lian van Heezen, 24 dec. 2006


Geplaatst in de categorie: familie

2,5 met 4 stemmen 608



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)