Inloggen
voeg je verhaal toe

tabblad: verhalen

< vorige | alles | volgende >

verhaal (nr. 222):

Het Carnaval der Rouwenden

Een schrijver die al wat ouder is, heeft veel meegemaakt.
En zo herinner ik mij de begrafenis van koningin Wilhelmina in 1962.
Het was winter en er heerste stilte.
Er was natuurlijk weinig échte tragiek: de voormalige vorstin was tweeëntachtig jaar oud geworden en had een rijk leven kunnen voltooien.
Hetzelfde geldt voor de socialistische politicus Willem Drees die langer leefde dan een hele eeuw en wiens begrafenis in 1988 ik mij trouwens helemaal niet herinner.
Het moet toen wel héél erg stil zijn geweest.

De dood bleef tot en met het overlijden van prinses Diana in 1997 over het algemeen een gebeurtenis die gekenmerkt werd door stilte, verstildheid en verafgelegen rouwbeklag.
En toen kwam dus die zomer van 1997, de zomer dat Diana in Parijs om het leven kwam.
Het overlijden, de plekken van de dood, de begrafenis en de dagen daarna werden tot een pandemonium van rouwbeklag, van bergen boeketten en van applaudisseer voor een ontzield lichaam.
De dood kwam zelfs op de hitparade. Met Elton Johns Candle in de wind kreeg het moderne sterven een eigen lijflied.
Ik voelde dat er veel meer aan nieuwerwets doodsbeleven komen zou. En het kwám.

Met de moord op Pim Fortuyn betrad ook Nederland het moderne veld van dood & eer. De rouwenden zongen buiten de Rotterdamse kathedrale kerk 'You never walk alone', 'Geen woorden maar daden, leve Pim Fortuyn' en nog veel meer aangepaste, eigentijdse lyriek.
Binnen in de kerk werden gewoon de aloude riten van de katholieke kerk gecelebreerd en het koor zong gewoon de liederen van eeuwen geleden.
Binnen in de kerk waren de gezichten bedrukt, maar toch werd er ook geapplaudisseerd.
Italiaanse toestanden, misschien.
Maar buiten op straat heerste er een onwaarschijnlijk uitbundig rouwbeklag.
De auto met het stoffelijk overschot werd aangeraakt, bedolven onder bloemen en omstanders huilden.
Werd het rouwbeklag geïmiteerd, kreeg de begrafenis van prinses Diana een reprise in de polder?

Het zullen de tijden zijn; het heet 'het tijdsgewricht' te zijn.
De dood, het sterven en al het verschrikkelijke dat daarna komt is van ons allemaal geworden.
Was er vroeger - toen ik nog een jongen was - een niet te bevatten stilte rond het lijden en de dood, nu is het bacchanaal, de kermis of het pandemonium van het doodsverdriet.

Ik weet niet hoe ik het noemen moet, maar het lijkt soms wel alsof de dood tegenwoordig gevierd moet worden.
De dood blijkt gedemocratiseerd te zijn, de dood is van ons allemaal geworden.

Het is vijfenveertig jaar gelden dat ik een vriendje zag stikken in een pinda.
Het klinkt banaal, maar zo is het precies gegaan. Mijn vriendje stierf voor mijn ogen en ik wist niet wat ik met mijn verdriet moest doen.
Samen met al mijn klasgenoten zijn we later naar mijn opgebaarde vriendje gaan kijken. En we zwegen. We huilden ook niet. We durfden dat niet.
Nog later brachten we hem naar de begraafplaats.
Toen zijn kistje in de aarde zakte, bleven we zwijgen.
We huilden nog steeds niet, omdat we dat nog steeds niet durfden.
Ik denk nog vaak aan die gebeurtenis, vijfenveertig jaar geleden.
Het was een raadsel dat we beleefden.
We begrepen de dood niet en niemand die het ons uit kon leggen.
En zo hoorde het.

En zo hoort het naar mijn smaak eigenlijk nog steeds te zijn.
De dood verdient geen applaus.
Moord heeft geen recht op een bloemenhulde.
Rouw moet niet begeleid worden door voetballiederen.
Dat vind ik en het zal wel een ouderwets standpunt zijn, want nu de dood van ons allemaal geworden is en live op de televisie wordt uitgezonden, is er geen plaats meer voor die verstilde woede vanbinnen.

Er is geen plek meer voor de slapeloze nachten met gepieker over het feit dat één man met een pistool van mooie lentedagen een hel kan maken.
Een hel van uitzinnige rouw, van rouwenden met spandoeken, van waxinelichtjes en van boeketten, talloze boeketten.
En de ouderwetse rouwkaart valt nergens meer op de deurmat, de stilte van de kokosmat.

Begon vroeger de dood in de vestibule, nu is de rouw van de straat.
Het is zeker waar: de politiek moet aan de mensen teruggegeven worden.
Zo heet dat tegenwoordig en daar ben ik het mee eens.
Maar de dood moet op haar beurt weer terug naar zoals het vroeger was.
Het sterven hoort niet op voorpagina te staan, de rouw mag geen jongen zijn die vanuit een lantaarnpaal schreeuwt.
De rouwstoet is geen file van de dood.
De teraardebestelling is geen gebeurtenis voor de Firma Kijkgraag.

Hoe nu verder? - is mij gevraagd.
De politiek moet verder, de kussens Den Haag moeten worden opgeschud en de politiek moet weer van de straat worden.
Dat heeft iedereen nu tot vervelens toe gezegd, beaamd en bepleit.
En die noodzaak begrijp ik.
Maar de dood moet van de straat af, het rouwbeklag moet van de spandoeken verwijderd worden en de gezichten van de mensen dienen weer stil verdriet uit te stralen. Zoals vroeger.

Het toejuichen van een rouwstoet - ik kan er niet mee leven.
De politiek moet weer gaan leven, maar de dood dient dood te blijven.

Stil, verdrietig en ongelooflijk doodstil.

Ik wil de vogels weer horen fluiten op de begraafplaats.
Ik wil het geknisper van boekettencellofaan, het zingen van hitparadeliederen en het scanderen van slogans niet meer horen.
Ik wil dat de dood terugkeert naar wat zij behoort te zijn: gruwelijk, onbegrijpelijk en afschuwelijk.

Het carnaval der rouwenden: ik kan er niet mee leven.

Schrijver: Boudewijn Büch
Inzender: Lizzy, 25 nov. 2002


Geplaatst in de categorie: overlijden

4,1 met 87 stemmen 8.314



Er zijn 2 reacties op deze inzending:

Naam:Betsie
Datum:29 jul. 2014
Bericht:Zo treffend actueel. Juist na de vliegramp en het zien van de colonne rouwauto's, applaudisserende toeschouwers die bloemen en knuffels vanaf een viaduct wierpen, schoot mij deze column weer te binnen. Buch had gelijk, zo intens gelijk!

Naam:Marja
Datum:24 jul. 2014
Bericht:De wereld is veranderd, de mensen zijn veranderd, en is het niet verschrikkelijk als je als kleine jongen niet mag huilen omdat je vriendje is doodgegaan. Nederland was en is in shock na de vliegramp, iedereen, en dan beleef je de dag dat de slachtoffers naar huis komen ook met elkaar, iedereen mag dan zelf uitmaken hoe je dat wilt beleven, thuis voor de televisie, langs de kant van de weg, bloemen strooien, applaus de mensen waren en zijn stuk van verdriet, en dan voel je je ontzettend met elkaar verbonden, en of je nou stil huilt of bij elkaar wilt zijn doe waar je steun aan hebt, en gelukkig mag je zelf bepalen hoe je wilt dat je eigen crematie wordt gehouden, met koffie en cake, of met een borrel met hapjes.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)