Inloggen
voeg je verhaal toe

Verhalen

Het grote ontwaken

Als we ervan uitgaan dat alle ontwikkelingen op onze planeet zich in oorzakelijk verband voltrekken, dan dringt de voor de hand liggende vraag zich op, waarop die ontwikkelingen op den duur zullen uitlopen. Ik realiseer mij dat het een hachelijke en bijna per definitie speculatieve onderneming is te trachten op die vraag een antwoord te vinden.
Ten eerste is de veronderstelling dat de ontwikkeling "ergens op zal uitlopen" al speculatief, want ze suggereert a priori dat er een eindpunt is. Maar dat is helemaal niet gezegd en zelfs niet erg voor de hand liggend. Als er een eindpunt zou zijn, dan zou dat inhouden, dat op dat punt alle ontwikkelingen ophouden; maar als alles stilstaat, is de absolute dood ingetreden. Dat is geen hoopvol vooruitzicht. Ik ben geneigd aan te nemen dat de ontwikkelingen van de kosmos (ongeacht de vraag of het heelal pulserend of immer uitdijend is) zullen doorgaan, dat er geen eindpunt wordt bereikt en dat de ontwikkelingen dus strikt genomen niet "ergens op uitlopen".
Het is om dezelfde reden dat een door gelovigen veronderstelde eindbestemming in de vorm van een hemel of paradijs als plaats of toestand van volmaaktheid geen aantrekkelijk perspectief biedt. Ook volmaaktheid duidt op een eindpunt. Waar volmaaktheid heerst, is alles voltooid en ontbreekt dus elke stimulans en elk motief voor verandering en ontwikkeling: een panopticum, mooi maar levenloos. Dat is niet het beeld dat gelovigen hebben van een staat van zaligheid, maar het is wel de logische consequentie van het bereiken van volmaaktheid als eindpunt.
In de tweede plaats zou het rijkelijk pretentieus zijn als ik me als een soort ziener zou opwerpen. Zoals het bekende gezegde luidt: "Voorspellen is moeilijk, vooral als het de toekomst betreft."

Ik wil die klippen van speculatie en pretentie omzeilen. Speculatie vermijd ik door net als de weerman niets te voorspellen, maar alleen verwachtingen uit te spreken en wel verwachtingen op grond van de richting waarin de evolutionaire ontwikkeling zich beweegt. Pretentie wil ik voorkomen door aan te sluiten bij de opvattingen van Teilhard de Chardin, die zijn opinie met betrekking tot de toekomst uiterst beknopt samenvatte in de volgende uitspraak: "Wij zijn op weg naar een hogere toestand van algemeen bewustzijn, gebonden aan een opperste synthese van onze particuliere bewustzijns."(citaat uit: Het verschijnsel geest – 1937)

De mens heeft in de loop van miljoenen jaren evolutie een ontwikkeling doorgemaakt naar een reflexief denkend, dus naar een zich van het eigen bestaan bewust wezen. De gedachtegang van Teilhard de Chardin houdt in, dat het mensdóm op vergelijkbare wijze zal evolueren.
De individuele mens vormt een wonderbaarlijk complex wezen, samengesteld uit o.a. atomen, moleculen, organellen, cellen en organen. Elk niveau van complexiteit berust op georganiseerde samenwerking op de lagere niveaus en vormt op zijn beurt weer een bouwsteen voor het naast hogere niveau.
Voor elk niveau geldt: 1. het geheel is het resultaat van de samenwerking van de delen; 2. de samenwerking vereist een adequaat systeem van onderlinge informatie-uitwisseling; 3. door de samenwerking is het geheel meer dan een optelsom van de delen (synergie).
De individuele mens is als zelfbewuste persoonlijkheid het resultaat van de georganiseerd samenwerkende delen op en tussen alle onderliggende niveaus.
Maar als de evolutie erop berust dat elk niveau van bestaan voortkomt uit lagere niveaus én gericht is op de vorming van een hoger niveau, dan is de veronderstelling gewettigd dat ook het mensniveau in aanleg tendeert naar de vorming van een hoger niveau: een gepersonaliseerde mensheid, d.w.z. een mensheid die zichzelf van haar bestaan als zodánig bewust is en die in staat is als zodánig te handelen.

Laten we ons - om het wat concreter te maken - eens voorstellen dat er een enkele uren durende film zou bestaan waarop de ontwikkelingen op de aarde zouden zijn vastgelegd, vanaf het ontstaan van de aarde tot nu toe. Kijkend naar die film zouden we er stellig van overtuigd raken dat we het ontwikkelings- en bewustwordings-proces gadeslaan van één groot, levend organisme, een planetaire reus.
De eerste beelden van de film laten ons een levenloze planeet zien. Na verloop van tijd begint zich onbewust, vegetatief leven te ontwikkelen, leven dat zich gaandeweg uitbreidt, eerst in de oceanen en vervolgens ook op het vasteland. Gaandeweg ontwikkelt zich daaruit bewúst leven, aanvankelijk nog zeer diffuus, maar steeds helderder wordend, hoger en hoger stijgend, tot het uitmondt in het zélfbewustzijn van de mens.
De film laat daarna zien dat zich als gevolg van deze ontwikkeling een nieuw fenomeen voordoet: het leven op de planeet gaat zich, in de verst ontwikkelde vormen ervan, zélf rechtstreeks met de evolutie bezighouden. Wat aanvankelijk onderworpen was aan blinde natuurwetmatigheden, wordt nu mede gestuurd, gereguleerd, vertraagd of versneld door de denkende bovenlaag van het leven zelf. Door die terugkoppeling blijkt zich in de ontwikkeling een exponentiële versnelling voor te doen.
Vervolgens krijgen we filmopnamen van de aarde te zien die vanuit de ruimte zijn gemaakt. Ze vervullen ons met verbazing. De planeet lijkt zelf zintuigen en organen te gaan ontwikkelen: radar- en laserstralen tasten als voelsprieten de ruimte af, radiotelescopen luisteren naar signalen uit de omringende kosmos, sensors besnuffelen de atmosfeer, telescopen op bergtoppen en in satellieten kijken naar verre zonne- en melkwegstelsels, bemande en onbemande ruimtesondes reiken naar naburige planeten of verder.
Tegelijkertijd nemen we waar hoe op talloze plaatsen op aarde databestanden ontstaan die zich onderling gaan verbinden en hoe zich een elektronisch netwerk, vergelijkbaar met een web van zenuwen, zenuwknooppunten en zenuwbanen over het hele oppervlak van de planeet uitbreidt. Er kunnen zich nauwelijks nog geïsoleerde gebeurtenissen voordoen. Alles wordt overal waargenomen. Waar de aarde ook door gebeurtenissen wordt beroerd, onmiddellijk planten de signalen zich tot in de verste uithoeken voort. Dat alles ziende, kunnen we er nauwelijks meer omheen: de planeet ontwikkelt een gigantisch brein en daarmee (wat Teilhard de Chardin noemt) "een hogere toestand van algemeen bewustzijn".

Schrijver: N. Wamelink, 8 nov. 2004


Geplaatst in de categorie: filosofie

2,5 met 14 stemmen 1.219



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)