Inloggen
voeg je dagcolumn toe

Dagcolumns van verhuizen

Een spannend boek over taal

Soms is een boek niet spannend, omdat je de afloop niet kent, maar omdat je een theorie hebt en bang bent dat een nieuw boek dat onderuit haalt. Dat had ik met “The Origin of Language – how we learned to speak and why” van Madeleine Beekman.

Mijn theorie is te vinden in “Het Kleine Verschil Dat Alles Verandert”. Daar leg ik het kleine verschil tussen mens en mensaap uit aan de hand van het begrip vertrouwen. Vertrouwen maakte taal mogelijk. Taal maakt de vooruitgang of, zoals ik terecht zeg bedenk ik me nu, verandering mogelijk. Vanuit het oogpunt van veel andere diersoorten was het “succes” van de mens een enorme domper. Elke dag sterft wel een diersoort uit dankzij ons “succes”. En als een dier succes heeft ondanks ons, zoals de wolf op de Veluwe, is dat succes dat we toelaten. Of niet toelaten.

De schietvergunningen worden al voorbereid.

Maar terug naar het boek van Beekman. Zij is aanhanger van de school die taal als de grote veranderaar ziet tussen mensen en de andere homo-soorten die hebben geleefd, de neaderthalers, de denisova, de florensis, de erectus en natuurlijk tussen mensen en mensapen. Zij baseert het op eigen onderzoek, ik baseer op het op politieke filosofie, psychologie en onderzoek van Tomasello, Wrangham en anderen. Beekman is het tweede boek dat over hetzelfde onderwerp gaat. Het is ook het tweede boek dat de rol van de vrouw in de evolutie veel belangrijker maakt dat vroeger normaal was en dan ook ik had gedaan.

Het eerste boek was van Blaffer Hrdy die de rol van alloparents benadrukte, de hulp die ouders krijgen om kinderen op te voeden. Blaffer Hrdy ziet zelfs moeders die hun pasgeboren baby achterlaten voor de hye-na’s, als ze niet voldoende hulp verwachten te krijgen.

Of op de stoep bij een rijke madame, verzin ik erbij, zoals in Europa het gebruikelijk was. In het dunbe-volkte Afrika waren geen rijke madames.

Ook Beekman ziet het belang van moeders en de hulp die moeders hebben als sleutel in de ontwikkeling van taal. Ook Beekman ziet hoeveel vertrouwen moeders hebben in omstanders als ze na de geboorte hun baby bijna in handen duwen van vader, oma en opa, ooms en tantes en als die oud genoeg zin in handen van zusjes en broertjes. Beekman beschrijft de fysieke problemen van moeders die een zo moeilijke beval-ling moeten doorstaan dat ze het in het wild onmogelijk alleen kunnen doorstaan. Als je een dag ligt te creperen van de pijn voordat het kind wordt geboren, ben je natuurlijk een heerlijk hapje voor een leeuw of een roedel wolven. Je hebt anderen nodig om je te beschermen en dat is al een hele tijd zo. De moeilijke geboortes worden veroorzaakt door de smalle bekkens van moeders, nodig om recht op te kunnen lopen, en de grote hoofden van de baby’s, nodig om taal te leren.

En toch hou ik mijn verhaal overeind. Voorafgaand aan taal was vertrouwen nodig. Al voordat vrouwen taal hadden, hadden ze moeilijke bevallingen en duwden ze hun pasgeborene in handen van degenen die ze vertrouwen. Dat was al voordat vrouwen taal hadden noodzakelijk.

En tussen de regels door zie ik bevestigingen in het boek van Beekman. We liepen al lang rechtop voordat we taal hadden, schrijft ze. Het bekken was dus al lang smal. En de hoofden van baby’s hebben als laatste de omvang gekregen die ze nu hebben, maar waarschijnlijk was dat probleem ook al ouder dan taal. Ook hebben neanderthalers en de homo erectus hun kindertjes in de groep opgevoed: zonder taal. Het ver-trouwen was er dus al. De taal kwam erna. De taal werd pas mogelijk, omdat er vertrouwen was en niet andersom.

Dus Beekman bevestigt de stelling van Tomasello. En mijn boek.

Ze schreef een spannend boek, maar ook fijn als je wereldbeeld niet in duigen valt.

Schrijver: Jan R. Lønsing, 10 juli 2026

Er is nog niet op deze inzending gestemd.aantal keer bekeken 2

Er zijn nog geen reacties op deze inzending.

reageer Geef je reactie op deze inzending: