start toeval vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Archief:

Categorieën:

actualiteit (504)
adel (4)
afscheid (27)
algemeen (72)
bedankt (21)
biologie (12)
dieren (51)
discriminatie (25)
drank (12)
economie (40)
eenzaamheid (16)
emoties (34)
erotiek (4)
ex-liefde (2)
familie (29)
feest (21)
film (20)
filosofie (50)
fotografie (9)
geboorte (6)
geld (40)
geschiedenis (17)
geweld (23)
haiku (1)
heelal (8)
hobby (6)
humor (38)
huwelijk (9)
idool (10)
individu (25)
internet (18)
jaargetijden (26)
kerstmis (14)
kinderen (30)
koningshuis (32)
kunst (28)
landschap (7)
lichaam (35)
liefde (28)
lightverse (1)
literatuur (45)
maatschappij (308)
mannen (12)
milieu (34)
misdaad (29)
moederdag (1)
moraal (46)
muziek (62)
natuur (33)
oorlog (51)
ouderen (5)
ouders (15)
overig (33)
overlijden (37)
partner (5)
pesten (11)
planten (6)
poesiealbum (3)
politiek (265)
psychologie (30)
rampen (22)
reizen (57)
religie (33)
schilderkunst (6)
school (29)
sinterklaas (12)
sms (5)
songtekst (2)
spijt (11)
sport (104)
sterkte (12)
taal (52)
tijd (34)
toneel (10)
vaderdag (3)
vakantie (52)
valentijn (3)
verdriet (10)
verhuizen (6)
verjaardag (9)
verkeer (39)
voedsel (24)
vriendschap (12)
vrijheid (27)
vrouwen (34)
welzijn (47)
wereld (34)
werk (44)
wetenschap (27)
woede (22)
woonoord (19)
ziekte (34)

tabblad: dagcolumn

< vorige | alles | volgende >

dagcolumn (nr. 1638):

Kwaad en blij tegelijk

Ik zou niet graag een kind zijn. Vroeger konden wij ongestoord fietsen op straat, zelfs tot ’s avonds laat, zonder dat wij ons ergens zorgen hoefden om te maken. Wij moesten niet bidden om behoed te worden voor pedofielen, al gingen wij wel naar de kerk, zij het niet om te bidden en evenmin van harte. Daarom werden we misdienaar, zodat we aan de hosties en de miswijn konden zitten. Wij dachten aan gestorven cavia’s tijdens begrafenissen en aan de opbrengst van de omhaling tijdens huwelijken. De priester was de kleinzoon van God, de zoon van Jezus. Hij deed geen vlieg kwaad.

Thuis konden wij tien keer na elkaar de trap op- en aflopen, met ons hoofd tegen de muren bonken, ons speelgoed uitstrooien in de keuken en toch niet als drager van het ADHD-virus bestempeld worden. Omdat iets niet bestaat als er geen naam voor is. Wij konden goed slapen dankzij zoveel verloren energie en ’s anderendaags waren wij weer rustig, zeker op weekdagen, met de wekker om kwart na zeven.
De weken duurden jaren, aan de jaren kwam geen eind. Wij konden goed doen alsof. Alsof wij piloot waren, doktertje, brandweerman. De tuin was onze landingsbaan, het tuinhuis de in brand gevlogen schuur, het buurmeisje de stervende patiënt.
Wij konden uren weg zijn van thuis zonder dat wij werden gevonden. Toen het al te lang donker was, kwamen wij thuis bij onze lijkbleke moeder die kwaad was en blij tegelijk. Alleen moeders zijn tot zoiets in staat.
Toen we op tochtige herfstdagen een hoestje voelden opkomen, deden wij alsof we de winter niet zouden halen, om toch maar drie dagen niet naar school te moeten.

De kinderen van nu hebben minder geluk. O wee als ze hun gsm niet opnemen als hun moeder belt. Een week huisarrest als ze een uur te laat thuis zijn zonder te verwittigen. Sms’en moeten zij, vanaf hun zevende. ’s Morgens komen ze moe en futloos aan op school, waar ze toch nog genoeg energie hebben om de leraar te bestoken met krijtjes en dreigmails. Dat mag, want ze hebben ADHD en geen toekomst.

Schrijver: Johan De Smet, 14-10-2012



Geplaatst in de categorie: kinderen

Deze inzending is 267 keer bekeken

5/5 sterren met 25 stemmen.



Er is 1 reactie op deze inzending:

Naam:Monique Methorst
Datum:15-10-2012
Email:moi636atyahoo.com
Bericht:Weer een heel scherpe!


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)